Waarom wel tekenen voor meer windmolens
In de laatste Standskrant stond een oproep van de heer Ferrand Tromp Meesters om niet de petitie te tekenen voor meer windmolens bij de Markerdijk. De argumenten die hiervoor worden aangevoerd behoeven op zijn zachtst gezegd enige nuancering.
Op 12 december is het akkoord van Parijs gepresenteerd. De hele wereld spreekt zich hierin uit voor een verregaande verduurzaming van de energieproductie. De Coöperatie Windenergie Waterland (CWW) exploiteert twee windmolens op een strekdam aan het begin van de verbindingsdijk naar Marken en wil de daad bij het woord voegen.
De CWW wil nog drie molens plaatsen op deze locatie plaatsen (in tegenstelling tot vijf wat Tromp Meesters beweert) en zo alle Waterlandse huishoudens van schone stroom voorzien. In voorbereidende gesprekken met de gemeente Waterland heeft deze aangegeven hieraan mee te willen werken. De provincie houdt echter de deur dicht en dat vinden vele inwoners in Waterland onbegrijpelijk. Twee van hen zijn daarom een petitie gestart om de provincie een tegengeluid te laten horen.
Vogels
“Straks hebben ook wij hier in Waterland windenergie”, betoogt Tromp Meesters en hiermee wordt volgens hem een belangrijk foerageergebied voor vogels verwoest. Sinds begin jaren negentig heeft de CWW windturbines op deze locatie maar dit lijkt Tromp Meesters nooit te zijn opgevallen. De horizonvervuiling valt dus wel mee. Enkele jaren geleden zijn de oorspronkelijk drie turbines vervangen door twee turbines met een groter vermogen. Deze nieuwe molens wekken het jaargebruik van 3300 huishoudens op.
In de aanloop tot het plaatsen van deze turbines is een uitgebreide milieurapportage uitgevoerd waarin de gevolgen voor natuur en milieu zijn onderzocht. Dit onderzoek is uitgevoerd door een onafhankelijk onderzoeksbureau (Waardeburg b.v.) op kosten van de CWW. Hieruit is gebleken dat de gevolgen voor de vogelstand acceptabel zijn. Als de conclusie anders was geweest dan had de gemeente geen bouwvergunning mogen afgeven. De bewering dat een vogel-foerageergebied wordt verwoest is daarom tendentieus en zonder enige grond.
Ook zou er volgens Tromp Meesters een belangrijk watersportgebied verloren gaan met het plaatsen van windmolens op deze locatie. Met deze opmerking groeit mijn vermoeden verder dat Tromp Meesters niet weet dat er al molens staan bij de dijk naar Marken. Iedereen die hier zomers langs fiets kan bevestigen dat het er wemelt van de watersporters. Er wordt druk gesurft en van de bezoekende zeiljachten aan de vluchthaven zijn zelfs enkele eigenaren lid geworden van de CWW. Watersport en windmolens gaan prima samen.
Subsidie
“Het CWW en SDW zeggen winst te maken” volgens Tromp Meesters maar hun “eigen financiële verantwoording laat zeer grote mate (van) afhankelijkheid zien van subsidies.” De CWW is een coöperatie die middels geld dat is ingebracht door haar ongeveer 500 leden, twee windturbines heeft geplaatst. De leden krijgen rente over het ingelegde geld. Aangezien er een bovengrens is aan de inleg van 10.000 euro per lid, gaat het om bescheiden bedragen. Verder is het bestuur onbezoldigd en de winst wordt voor het grootste gedeelte overgemaakt naar de Stichting Duurzaam Waterland (SDW) die in het leven is geroepen door de CWW zelf.
De SDW is dus inderdaad (volledig) afhankelijk van subsidies en zal nooit claimen winst te maken (dit slaat ook nergens op!). De gelden die de SDW tot haar beschikking krijgt, wendt ze aan om allerhande projecten op het gebied van duurzaamheid te ondersteunen in de regio. Enkele honderden particulieren hebben een subsidie mogen ontvangen om zonnepanelen te plaatsen op hun dak, menig school heeft steun gekregen om het gebouw te verduurzamen, het zwembad in Monnickendam heeft een warmtecollector gekregen, enz. In de afgelopen jaren heeft de SDW 600.000 euro uitgekeerd. Verder reserveert de CWW jaarlijks 20.000 euro om maatschappelijke organisaties op het gebied van recreatie en cultuur te ondersteunen.
Windenergie wordt gesubsidieerd, daar heeft Tromp Meesters wel gelijk in. Producenten van windenergie verkopen hun stroom en ontvangen op ieder kilowattuur in het kader van de SDE-regeling, een aanvulling. Zonder deze aanvulling kan windenergie in veel gevallen nog niet concurreren met kolen en gas.
Bijkomende kosten
Subsidies in fossiel-energieland zijn de normaalste zaak van de wereld alleen wordt het in de regel anders benoemd. Iedere Nederlander betaalt jaarlijks 340 euro mee aan prijsregulering, vrijstelling van accijnzen (kerosine) of leningen met lage rente ten gunste van grootverbruikers van fossiele brandstoffen. De 4 euro per Nederlander voor duurzame energie vallen hierbij in het niet (bron: IMF, CE Delft).
En dan hebben we het nog niet eens over de bijkomende kosten voor de gezondheidszorg ten gevolge van fijnstof dat bij verbranding van fossiele brandstoffen vrijkomt. Deze kosten worden niet verhaald op de eigenaar van de kolencentrale. We hebben het hier over tientallen miljarden euro’s (bron: CE Delft). En ook de klimaatverandering als gevolg van het gebruik van fossiele brandstoffen brengt astronomische kosten met zich mee die we als samenleving moeten dragen. Om dan nog maar te zwijgen van de kosten die we maken (financieel en maatschappelijk) als gevolg van de geopolitieke conflicten waarin we betrokken zijn geraakt door onze olieverslaving.
Als al deze kosten verdisconteerd zouden zijn in de prijs van olie, kolen en gas dan kan windenergie zonder subsidie. Sterker nog, het zou verreweg de goedkoopste vorm van energieopwekking zijn. Maar zover is het nog niet en daarom moeten we concluderen dat alle energie gesubsidieerd wordt.
Als Shell met droge ogen mag beweren dat ze winst maakt dan mag de CWW dit ook. Maar er is een belangrijk verschil. Oliebedrijven laten de winst verdwijnen in de zakken van de aandeelhouders en schepen de samenleving op met de kosten. De CWW doet het anders, de CWW geeft haar winst terug aan de samenleving. Daarom roep ik iedereen op om te tekenen voor een duurzame toekomst en meer molens in Waterland.
Hans Mars, secretaris CWW
