Naar de inhoud

Ernst Günther was tussen 1960 en 1980 maar liefst twintig jaar lang OVE-bestuurder: “Ik zou het zo weer overnieuw doen!”

Bron: Stadskrant

“Een fantastische tijd!” Ernst Günther (76) was in de periode 1960-1980 maar liefst twintig jaar lang bestuurslid van Ondernemersvereniging Edam. Een lange tijd waarin Edam veranderde van een min of meer op zichzelf staande plaats - met vele tientallen winkels - naar een stadje waarin diverse voorzieningen steeds meer uit het centrum verdwenen. Maar het besturen was een feest! “Gek genoeg loopt de teruggang van het winkelbestand bijna gelijk met de groei van Edam in die jaren. Dat hadden we niet kunnen voorspellen.”

Het plezier van het besturen zat hem in die tijd in de samenstelling van het bestuur en de inhoud van de activiteiten. Ernst Günther, voormalig eigenaar van een schoenenzaak in de Spuistraat, vertelt. “We hadden tegen de 100 leden en met de feestdagen deden zo’n 60 winkels mee met de actie! Veel waren klein en hadden alleen maar een kleinigheid als prijs voor de prijzenpot, maar toch.”

Samen met mensen als Joop Siegers, Jan de Graaf, Lou Rijswijk, Anton Burghouts, Theo Nieuwendijk en Jan Cloosterman senior, zat Ernst als jonge winkelier in een bestuur dat richting de jaren tachtig uiteraard steeds meer verjongde.

“De huidige verenging is voortgekomen uit een combinatie van de Rooms Katholieke  Middenstandsvereniging en de Vereniging voor Handel en Nijverheid. Van laatstgenoemde vereniging was oud-wethouder Henk van Zanen voorzitter. Bij de fusie bedong hij dat het grootste deel van de gelden die over waren ging naar de financiering van de tuin van het wijkgebouw. Wij konden feitelijk opnieuw beginnen…”

Ernst was door Piet Leek, de oud-groenteman, gevraagd om in het bestuur plaats te nemen. “We vergaderden maandelijks en het kwam regelmatig voor dat we pas diep in de nacht de woning van een bestuurslid verlieten, soms rollend...” De vergaderingen waren dus ronduit gezellig!

“Maar we waren ook heel gedreven om iets te bereiken. Er was veel te doen. Vergeet niet dat we in die tijd ook de volledige Sint Nicolaas intocht organiseerden. Daarnaast was de prijzenactie in november altijd grootschalig met heel veel deelnemers.”
In die jaren zestig kregen de Edamse winkels ook feestverlichting. Al ging dat in het begin niet goed. Een storm zorgde in het eerste jaar voor heel veel schade.

In die jaren stond er boven op het Damplein een grote houten bus waar de consument de bonnen in kon gooien. “Elke twee weken vond er een trekking plaats door de notaris in het café van Jan Faillé, de huidige Gevangenpoort. `Zijn vrouw Alie assisteerde de notaris met een blinddoek.” Maar de tijden veranderden en de Edamse jeugd had opstandige trekjes. De bonnenbus belandde meermaals van de Dam. En ook de kerstboom lag regelmatig verticaal. “We hebben zelfs een keer een hele nacht gepost voor het onverlichte raam van Jan Cloosterman (die woonde boven de winkel aan het Damplein, thans Oog Edam, red.). Natuurlijk gebeurde er die nacht helemaal niets en gebroken gingen we ’s morgens vroeg naar huis. Een uur later lag de boom alsnog om…”

Het was de tijd dat er langzaam evenementen opkwamen. Zoals de voorloper van de huidige kaasmarkten. Met hofdames en kaasmeisjes. Ook waren er muzikale taptoes in het centrum, georganiseerd door onder meer Piet Mostert, die in de Kleine Kerkstraat een kantoorboekhandel met speelgoedwinkel runde.

“In de jaren zestig en zeventig liep het winkelbestand al terug. De tijd dat Edam 23 bakkers, vijf schoenmakers, vijf schoenwinkels, vele kappers, vijf tot zes slagers en een zelfde aantal groenteboeren en sigarenwinkels telde, lag al ver achter ons. Maar toch hadden we in die tijd nog echte winkelstraten. De Lingerzijde, Kleine Kerkstraat en Spuistraat bijvoorbeeld.”
Terwijl Edam vanaf de jaren zestig fors groeide buiten de vestingwallen en er rond die tijd veelvuldig vergaderd werd over deze groeikansen, bleek de werkelijkheid weerbarstiger. De breed verdeelde welvaart zorgde voor auto’s, er kwamen in de regio supermarkten en winkelcentra, zoals de Strada in Purmerend, het huidige Willem Egbert Centrum. “Dat werd gezien als de ondergang voor plaatsjes als Edam.” Terwijl dit laatste uiteindelijk meeviel, bleek gaandeweg wel dat een groot deel van de Edamse nieuwe buurten zich niet meer richtte op het centrum.

Veel van de zaken die tegenwoordig hoog op de agenda staan, hadden hun oorsprong in de bestuursperiode van Ernst Günther. “Wij hadden al een parkeercommissie. Als ik het zo overzie dan is er in al die jaren zeer weinig veranderd. Door de toename van auto’s werd het hier in het centrum alleen maar moeizamer.”

Ernst zag het winkelbestand dan ook kleiner worden. Toch ziet hij ook lichtpuntjes. “Ondanks internet zijn er gelukkig winkels die zich goed staande weten te houden. Waaronder de zaak van mijn zoon Gijs.  Gelukkig maar, want een stad zonder winkels is zielloos! Mensen moeten beseffen dat een plaats als Edam alleen maar kan floreren en gezelligheid bieden als er winkels zijn. Laat je die links liggen dan wordt het een saaie boel. Ook qua evenementen.”

Tegenover het vertrek van vele winkels ziet de oud-ondernemer dat de horeca zich sterk heeft ontwikkeld in Edam.  Aan winkeliers heeft hij het volgende advies: “Luisteren naar de klant! En wees niet kinderachtig in je service! Dan komen de mensen terug!”

En dan volgen er weer enkele anekdotes! Over zijn vriendschap met het burgemeestersechtpaar IJsselmuiden. Over de Sinterklaas intocht waarbij de mast aan de Kettingbrug bleef hangen, half jaren tachtig, en het gelukkig net niet verkeerd afliep. Over Gert Maas, zijn vroegere collega schoenverkoper uit de Kleine Kerkstraat, die tijdens de sint intochten begin jaren zestig op het schip voor ‘stoom’ zorgde door autobanden te verbranden. “Een week erna zag het nog zwart van de rook op de Nieuwehaven.”

De rasverteller kijkt terug op een onvergetelijke tijd. Een tijd waarin het centrum van Edam nog echt het centrum van de stad was. Met banken, dokterswoningen (“ik zie je vader nog staan bellen bij dokter Reilingh hier verderop in de straat, terwijl je moeder van jou lag te bevallen”), apotheek en bibliotheek binnen de vesting.

Ernst heeft een sterk geloof dat er over twintig jaar nog steeds een redelijke basisvoorziening is qua winkels in Edam. “Mensen willen toch nog een vers en eerlijk stukje vlees, groenten of brood, gezelligheid en service. En als het mijn branche betreft: met voetproblemen kun je echt niet op internet terecht!”

“Ik zou het zo weer overdoen! Ik was jong en heb enorm veel opgestoken van het besturen. Dat zou ik jongere mensen willen meegeven: ga in een bestuur. Daar doe je een schat aan ervaring op. Je verbreedt je horizon en je krijgt geleidelijk aan een enorm netwerk.”

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.