Dag Piet

Dag Piet
Toen vanmorgen de schoonzoons de rouwkaart van hun schoonvader brachten, brak ik even. Nou is het pas echt dacht ik bij mezelf. Ik ben uit arren moede het gras maar gaan maaien om het hoofd leeg te maken. Totdat na een poosje de motor stopte. Ik merkte dat de brandstof op was, hoewel ik de tank geheel gevuld had toen ik begon. Om me heen kijkend merkte ik dat ik ruim een uur aan het maaien ben geweest en talloze keren over het zelfde stuk. Heen en weer.
Piet Schilder je komt niet uit m’n kop. En dat terwijl we niet eens de muziek als gezamenlijke passie hadden maar totaal iets anders. We hielden van lekkers en van mooie dingen. Hoewel ik het zelf niet bezit, mag ik tafelzilver van Christofle net als jij toch ook mooi vinden, en al koop ik er niets, ga ik evengoed graag net als jij naar de Tefaf of naar de PAN. We konden er een boom over opzetten.
Met Charrel en Kees Sier mocht ik bij jou aanschuiven in jullie kookclub. Een keer per maand troefden we elkaar af in Edam. En eerlijk is eerlijk, we waren tevreden met onze gedeelde derde en vierde plek in de ranking. We leefden toe naar het hoogtepunt van het jaar, wanneer we met ons clubje bij Kees en Bep kookten voor onze dames. Oké, er ging ook wel eens wat mis. We haalden soms het velletje niet van de chorizo, waardoor we eerst met het vingertje in de keel moesten omdat het strakke kookschema geen pauze toestond om misselijk te wezen. En ja, je liet eens vier flessen Côte de Nuits St. Georges uit je net ingesmeerde handen glijden, tien minuten voor aanvang van het diner. Maar er is vooral plezier geweest. Jouw handelsmerk.
Goud zijn ze waard, die herinneringen om in jouw jargon te eindigen. Ik ga je straks een laatste bezoek brengen. Ik zie er een beetje tegenop vanwege dat woord laatste. Het is maar een woord, maar het heeft helaas veel lading. Vooral voor Nelleke en je meiden.