Naar de inhoud

17 onderwerpen voor… motorcoureur Guus Boes

Bron: Stadskrant

Op het circuit van Assen had hij afgelopen zondag zijn mooiste prestatie in zijn nog jonge carrière moeten halen. Maar tijdens de laatste race van de KTM-cup, een competitie over tien wedstrijden, gaat motorcoureur Guus Boes (15) onderuit. Daardoor is hij geen kampioen, maar derde. Eén schrale troost: met een plek in de top 5 mag de Oosthuizer van 20 tot 22 oktober in Spanje de World Finals rijden, waar hij tegen de beste KTM-rijders van de wereld strijdt. Een voorstelrondje met dit racetalent, die we vóór zijn race van afgelopen weekend spraken.

Geboortedatum
‘3 augustus 2001.’

Broers/zussen
‘Twee halfzussen en een halfbroer van 33, 34 en 35 jaar.’

Huisdieren
‘Geen.’

Opleiding
‘Motorvoertuigentechniek op de D’ampte. Ik zit nu in mijn vierde jaar. Daar heb ik een LOOT-status, waardoor ik, als de cijfers goed zijn, weg mag voor wedstrijden.’

Basisschool
‘Het Kraaiennest in Oosthuizen.’

Karakter
‘Gedreven. Soms wel een beetje druk. Ook in mijn stijl van rijden wanneer iets niet lukt.’

Muziek
‘Ik luister niet veel muziek. Voor een wedstrijd heb ik zelfs helemaal geen telefoon in de buurt. Dan ben ik gefocust op wat ik ga doen. Ik neem de baan en mijn aantekeningen door. Op een blaadje heb ik de baan en daar schrijf ik altijd aantekeningen op: waar ik moet remmen, gas geven, wanneer ik moet insturen. Die heb ik zelf gemaakt.’

TV
‘Ik kijk bijna geen TV. Op Netflix wil ik voor het slapen gaan nog wel eens een serie kijken: Family Guy.’

Andere sport
‘Voor ik in 2013 begon met motorrijden, heb ik veel andere sporten gedaan: karate, voetbal, zwemmen. Meestal was het een jaar en dan vond ik het toch niks en ging ik wat anders doen. De broer van motorcrosser Eddie de Boer, ook uit Oosthuizen, zat in mijn klas op de basisschool en vroeg of ik een keer mee wilde naar een racekamp van zijn broertje omdat hij anders niks te doen had. Ik zag ze daar racen en vond dat wel vet. Ik vroeg aan mijn pa of ik ook op zo’n motortje mocht rijden. Dat vond ik geweldig en deed het niet slecht, zeiden ze. Ik mocht toen in een ‘cupje’ rijden met andere leeftijdsgenoten. Wel viel ik bijna ieder weekend. Ik nam alleen maar risico’s. Ik was een beetje een lomp jongetje. Tegenwoordig denk ik veel na op de motor.’

Trainingen
‘Ik loop twee keer per week acht kilometer hard. Ook zit ik twee keer per week in de sportschool, waarvan ik één keer boks en de andere keer personal training heb. Ook moet ik nog twee keer krachtoefeningen thuis doen. In het weekend zit op de motor.’

Favoriete eten voor de wedstrijden
‘Niet iets speciaals. Ik let er wel op dat ik niet iedere dag ongezond eet, maar ik volg geen sportdieet of iets. Maar dat gaat volgend jaar wel komen om conditioneel nog beter te worden.’

Mee in tas
‘Een onderpak. Als je dat niet aan hebt, krijg je je pak bijna niet uit. Verder gaan mijn racepak, laarzen, handschoenen, oordopjes en helm mee. De motor gaat in een speciale aanhanger mee. Ook nemen we al het gereedschap dat van belang is mee. Mijn vader is mijn monteur.’

Trainer
‘Dik Goosen. Ik heb hem nu drie jaar. Hij is mijn personal trainer in de sportschool. Op de motor heb ik geen trainer of coach. Je moet het zelf uitvinden. Je moet leren wat je verkeerd doet.’

Mooiste prestatie
‘Mijn eerste wedstrijd op de KTM, in 2015. Het was op een baan in Spanje met wat hoogteverschillen en scherpe bochten. Na de kwalificatie stond ik tweede op de startrij en won ik gelijk. Mijn ouders zeiden vooraf: als je dit jaar top 15 rijd, ben je al heel goed bezig. Maar ik won! Dat had niemand verwacht.’

Voorbeeld
‘Valentino Rossi. Hij heeft zoveel wereldkampioenschappen gewonnen. Ik vind het knap hoe je op zo’n leeftijd nog zo goed meekomt.’

Dit seizoen
‘Ik wilde in de top 5 eindigen, nadat ik vorig jaar tot mijn eigen verbazing vijfde was geëindigd. De competitie bestaat uit tien wedstrijden, waarvan ik er twee heb gewonnen.’

Over 5 jaar
‘Dan wil ik wel WK’s rijden. Realistisch? Alles is haalbaar. Maar een motorcoureur met veel centen komt vaak verder dan iemand met veel talent en minder centen. Als ik bij een WK team, waardoor ik tegen internationale motorrijders kan strijden, wil rijden, ben ik zo’n 50.000 euro kwijt. Dan krijg je de monteurs, motors en zijn de inschrijvingen betaald. Ik ben nu uitgenodigd om een testrace te rijden voor een WK team op een KTM. De KTM Cup waarin ik nu reed, was alleen maar met BeNeLux-rijders. Maar ik weet nog niet wat ik ga doen. Misschien ga ik voor een 600cc-team rijden, daarin zijn ook ploegen geïnteresseerd.’

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.