Naar de inhoud

Aanbesteding belegd bij staatssecretaris Mona Keijzer

Bron: Aanbestedingsnieuws

Aanbesteding is, evenals mededinging en marktwerking, belegd bij staatssecretaris Mona Keijzer (CDA), onder verantwoordelijkheid van Minister Wiebes (VVD) die in het nieuwe kabinet Minister van Economische Zaken wordt. Eerder vielen deze onderwerpen direct onder de verantwoordelijkheid van toenmalig Minister Kamp (VVD).

De Volendamse Mona Keijzer heeft een katholieke achtergrond en heeft rechten en bestuursrecht gestudeerd. Sinds 26 oktober 2017 is zij staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat. Ze was onder meer wethouder in de gemeente Waterland. Van 2007 tot 2012 was ze wethouder in Purmerend, waar ze Wmo en welzijn, zorg en jeugdzorg, sport en recreatie in haar portefeuille had.

Staatssecretaris Mona Keijzer is een nieuw gezicht, al maakte zij zich in de Tweede Kamer al sterk voor duidelijke regels voor aanbesteding, en voor het gebruiken van de concurrentiegerichte dialoog en raamovereenkomsten.

2 reacties

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.

  • @Snaartje,

    Ik kan je vertellen dat het voorrang geven van fietsers op rotondes naar mijn mening meer gevaar dan veiligheid oplevert, helemaal als de fietsers ook nog in 2 richtingen rond die rotonde rijden.

    Als je kijkt naar de hoeveelheid handelingen welke een automobilist uitvoert tijdens het op en afrijden van een rotonde is de kans groot dat er iets als een keer extra naar links, rechts of over de schouder kijken gemist wordt.
    Fietsers bevinden zich bij het verlaten van de rotonde in de dode hoek schuin achter de auto en omdat ze voorrang hebben wordt het ook opgeëist.

    In Volendam WETEN de fietsers dat ze GEEN voorrang hebben en daar houden ze dus rekening mee. Ze rijden weliswaar door, maar in het achterhoofd zit wel dat seintje dat die auto ook wel eens kan doorrijden. Er is hierdoor veel meer interactie tussen de fietser en de automobilist waardoor de kans op ongelukken kleiner wordt.

  • Als de leerlingen de landelijke verkeersregels volgen, stoppen ze voor haaientanden. Dat doen ze niet en daardoor hebben ze ongelijk.