Naar de inhoud

'Met FC Volendam komt het altijd weer goed'

Bron: VI

FC Volendam is bezig aan zijn slechtste periode in de clubhistorie. Ook na het verlies tegen MVV van afgelopen zondag bezet de ploeg van Misha Salden de laatste plaats in de Jupiler League. En dat terwijl de coach bij de start van de competitie nog vurig zinspeelde op de subtop. ‘Negativisme helpt ons niet verder.’

Het is niet elke trainer gegeven, in één adem worden genoemd met José Mourinho, volgens hemzelf een ‘special one’. Maar Misha Salden (44) is erin geslaagd. Althans, voor wie louter de zelfverzekerde wijze van presenteren als uitgangspunt neemt. Op die vraag wie de ideale hoofdtrainer voor FC Volendam zou zijn, kende Salden afgelopen voorjaar geen enkele twijfel. ‘Die man’, antwoordde Salden, destijds alleen nog de succesvolle technisch manager aan De Dijk, ‘is Misha Salden.’

Klik hier voor het hele artikel op de site van VI.

Oké, we moeten het hem nageven. Enige zelfspot kon de Zaandammer niet worden ontzegd, voorafgaand aan de start van de competitie, bij het uitspreken van de missie om dit seizoen net onder de top van de Jupiler League te spelen. Salden had, vertelde hij, thuis een hele voorraad met witte zakdoekjes liggen. Daarmee zou hij kunnen zwaaien voor het geval dat de coach die hij zo hoog had zitten – hijzelf dus – teleur zou stellen. Al zal hij toen niet hebben vermoed dat zijn elftal er zo slecht voor zou staan als dat nu het geval is. De club met die zo ambitieuze plannen bungelt onderaan in de Eerste Divisie. Nog nooit in de 98-jarige historie presteerde FC Volendam zo dramatisch als nu. Sterker: het is dat de degradatieregeling in de Jupiler League voorlopig weer is uitgesteld, anders was de kans groot geweest dat de Heen en Weer in het komende seizoen in de havens van Werkendam en Katwijk had moeten aanleggen.

Het onvermijdelijke gevolg in de door opportunisme gedreven wereld die de voetballerij is? Ook hier, in dat anders zo lieflijke vissersdorpje, staat de trainer onder druk. En dat voelt Salden, die vorig seizoen zijn voorganger Robert Molenaar nog eigenhandig ontsloeg, op zijn Volendammer klompen aan.

Grote namen

Drie dagen voor het uitduel met MVV waaien aan De Dijk zowaar weer eens wat vleugjes optimisme door de kieren van het Kras Stadion. Niet eens zozeer omdat Eredivisie-koploper PSV er komt bekeren. Nee, de harde kern van de Volendam-aanhang is uitgelopen voor een tweede hoogtepunt op deze herfstachtige donderdag: de presentatie van de FC Volendam Scheurkalender 2018. ‘Een prachtig moment in de clubgeschiedenis’, zoals spreekstalmeester Cor Tol (70) zegt.

Misschien is het wel kenmerkend voor een club in nood, het feit dat juist dan het kleine geluk extra wordt omarmd. Maar inderdaad: wie door het fraaie boekwerkje bladert, beseft welke betekenis de dorpsclub heeft in de kleine, oh zo hechte gemeenschap. Zie Arnold en Gerrie Mühren voorbijkomen op de bonte stoet aan foto’s. Kijk Dick Tol staan op de kaft, met zijn 276 competitiegoals de all time topscorer van de dorpsclub, de handen stoer in de zijen gedrukt. En beleef nogmaals een van de vele doelpunten van zijn neef Jack Tuijp. ‘Vergis je niet, hoor’, benadrukt Cor Tol. ‘Voor zo’n klein dorp als Volendam is, hebben we veel grote namen voortgebracht.’

En juist daarom gaat het Tol zo aan het hart, het feit dat zijn club opeens amper nog een rol speelt in het betaalde voetbal. Althans, zoals de situatie nu is met een historisch slechte plaats op de ranglijst. ‘We hebben nóg een keer laatste gestaan in de Eerste Divisie’, graaft Tol in zijn verleden. ‘In 1965, na een 1-9 nederlaag tegen Sittardia. Maar dat was één week, niet wekenlang, zoals nu. Jongen, het is verschrikkelijk. Loop hier een willekeurig winkeltje binnen en ze vragen je wat er toch aan de hand is met FC Volendam. Het houdt iedereen bezig.’
Als iemand recht van spreken heeft, is het Tol wel. Een ventje van elf was hij toen hij in de zesde klas van de basisschool voor eeuwig verknocht raakte aan Het Andere Oranje. Het was de dag voordat FC Volendam tegen Limburgia kampioen van de Eerste Divisie zou worden. Theo Mühren, telg uit de legendarische Mühren-familie, vroeg welke kinderen de club met vlaggen wilden onthalen wanneer de bus uit Limburg terug zou komen. Tol stak zijn vinger op. Om een dag later, in de stromende regen, de kampioenen ‘oh zo trots’ te onthalen. Trots die nadien nooit meer weg zou gaan. ‘Ik ben nu bezig om de toeschouwersaantallen van wedstrijden uit het verleden te achterhalen voor de verzameling’, vertelt Tol. ‘Een heel gepuzzel, maar prachtig om te doen. Dat doe je omdat je gek bent van FC Volendam.’

Cor Tol: Dit moet echt niet te lang meer duren. Dan heeft Volendam een groot probleem

Typisch Cor Tol. Behalve wandelende club-archivaris, ook bestuurslid, auteur van de verslagen op de website en perschef in ruste. En het is dat zijn leeftijd het niet meer toelaat, anders was hij ter plekke het veld op gegaan om zijn cluppie uit de kelder te loodsen. ‘Weet je wat het is?’, zegt Tol. ‘De situatie waarin we nu zitten heeft veel meer impact dan puur het feit dat we onderaan staan. Dat laatste hoeft in de Jupiler League niet eens zo dramatisch te zijn. Waar het om gaat is dat je, wanneer je onderaan blijft bungelen, structureel zo veel mis gaat lopen. Tv-gelden bijvoorbeeld, waarvan de hoogte berekend wordt over de meest recente klasseringen. Denk aan inkomsten van kaartverkoop. Onze supporters zijn van oudsher al kritisch. Als we twee keer verliezen, doemen de gaten al op in de tribunes. Kun je nagaan wat wekenlang verliezen tot gevolg heeft. Om nog maar te zwijgen over onze sponsors. Je moet er niet aan denken dat zij straks ook weg lopen. Dit moet echt niet te lang meer duren. Dan heeft Volendam een groot probleem.’

Hier, aan de muren van het Kras Stadion, hangen ze met hun namen op tegeltjes, de sponsors. Tegelzetbedrijf Kip. Tol Schilderwerken. Viscatering Jan Plat. Zwarthoed Schilders. ‘Loyaal’, noemt Tol ze. Maar voor hoelang nog? De onvrede is groot in het land van paling, PVV-adepten en oudhollandse klederdracht. Over het feit dat de FC, tegen de gestelde ambities in, beroerd presteert. Dat het voetbal vaak niet om aan te zien is. En dat Salden zijn baan combineert met die van technisch manager. Het een gaat, volgens de criticasters, ten koste van het ander.
Al zijn er weinig Volendammers die hun onvrede met de buitenwereld willen delen. Neem Kees Pier Tol, doorgaans goed voor een gepeperde mening. Maar wanneer VI de topspits van weleer deze donderdag bezoekt in zijn sportzaak, houdt hij zijn kiezen hardnekkig op elkaar. Want: te emotioneel. Het tekent volgens Cor Tol het gemoed in het dorp. ‘De Volendammer is kritisch, maar ook zeer betrokken. De slechte prestaties hebben een ongelooflijke impact op het dorp.’

FC Volendam vlag in de top

Om die ziel van de Volendammer te ontleden, is één persoon bij uitstek de aangewezene. Henk Kras. De grote man achter Kras Recycling, naamgever van het stadion, en als voorzitter al bijna achttien jaar middelpunt van de lokale trots. En in zijn geval geldt dit laatste ook letterlijk. Midden in het dorp woont hij, Kras. Op de plek waar nog niet zo lang geleden een kerk stond, staat nu zijn huis. Daar hoopt en bidt hij op betere tijden voor de FC. Want voor Kras is er, stelt hij, ‘maar één Oranje. En dat is het oranje van Volendam.’

Vandaar dat de kloeke clubvlag in zijn tuin fier wappert. Zoals altijd eigenlijk. In de jaren dat De Wijdbroeken een poosje stamgast waren in de Eredivisie, dus ook nu in zware tijden. ‘Juist nu’, zegt Kras. ‘Het is makkelijk om je club te laten vallen als het even tegenzit. Maar dan kennen ze mij nog niet. Ik kom al vanaf mijn zesde op De Dijk. Ik ben trots op mijn club en blijf trots op mijn club. We komen samen uit deze moeilijke periode.’

Desondanks is de preses niet doof voor de kritiek die er leeft in het dorp. Sterker: Kras hoeft maar zijn woonerf af te stappen en hij wordt aangesproken door bezorgde plaatsgenoten. Dan gaat het over dat de FC er in jaren nog nooit zo slecht op stond. Dat het publiek met de week meer weg blijft. En, dat vooral, over de twee petten die Salden draagt. Die van trainer en technisch manager. Een onmogelijke combinatie, vindt de buitenwacht.

Henk Kras: Ik vind het veel te goedkoop de trainer er maar uit te donderen nu het even moeilijk gaat

‘Onzin, echt onzin’, countert Kras dan op zijn beurt. ‘Dat soort kritiek komt alleen wanneer de prestaties tegenvallen. In Engeland is elke trainer manager. We hebben met elkaar voor deze constructie gekozen en geloven erin dat we met elkaar de weg naar boven vinden. Kijk, Misha is niet de minste, hè. Als hoofd opleiding heeft hij er hoogstpersoonlijk voor gezorgd dat al onze jeugdelftallen op het hoogste niveau spelen. Hij kent als geen ander dus onze talenten. Het heeft alleen allemaal iets meer tijd nodig dan we hadden verwacht. Maar die tijd krijgt Misha. Ik vind het veel te goedkoop de trainer er maar uit te donderen nu het even moeilijk gaat. Daarvoor heeft die jongen veel te veel betekend voor onze club. En in dat opzicht kun je je geen mooiere competitie wensen dan de Jupiler League. Elke periode begin je met een schone lei. In de volgende periode rekenen we op goede resultaten.’

Kras, hij is als de Volendammer kermis. Het kan er wild aan toegaan in zijn bijzijn, maar aan het eind van de avond gaat iedereen gelukkig naar huis. ‘Ik ben emotioneel en duidelijk, ja, soms te duidelijk’, dicteert hij zijn eigen gebruiksaanwijzing. ‘Alleen is dat altijd in het belang van FC Volendam. Ik geloof echt dat, als we nu de rust bewaren, we de wind straks weer in de rug hebben.’

Net als de clubvlag in zijn tuin. Die blijft er hangen, hoe hard de storm de komende weken ook over het dorp raast. ‘Niet lullig halverwege de mast’, zegt Kras, ‘maar in de top. Met FC Volendam komt het altijd weer goed.’

Negativisme

En, wel ja. Zo’n bekerduel met PSV, waarin de Volendammers het vooral dankzij doelman Hobie Verhulst knap rekken tot een verlenging (0-2), biedt in dat opzicht weer hoop. Temeer omdat vrijdag tegen de beloften van diezelfde Eindhovense club die nieuwe periode al begint. Ofwel: nieuwe ronde, nieuwe kansen. ‘Want het klinkt misschien gek voor een ploeg die onderaan bungelt’, zegt trainer Salden. ‘Maar de sfeer in de groep is uitstekend. Een prima basis om in die tweede periode wél tot resultaten te komen. Als je het de topclub PSV lastig kunt maken, heb je als elftal gewoon kwaliteit. En dit kwaliteit gaat eruit komen.’

Misha Salden: Het klinkt gek voor een ploeg die onderaan bungelt, maar de sfeer in de groep is uitstekend

Ja, ook Salden kent de kritiek die er zaterdags klinkt op de weekmarkt aan de Zeestraat. Of bij de Visafslag. Over het slechte spel en over de twee functies die hij vervult. Alleen zegt de coach weinig met die opmerkingen te kunnen. ‘Ik snap de twijfel bij de mensen’, stelt hij. ‘Maar voorafgaand aan het seizoen hebben we met elkaar besloten dat dit de weg is waarin we geloven. En ja, ook ik had me meer voorgesteld van de prestaties. Alleen zijn er wel oorzaken voor te vinden. Neem de blessure van Kees Kwakman, voor ons een heel belangrijke schakel. En het feit dat het vaak een kwestie is van net niet, we verliezen vaak met één doelpunt verschil. En uiteindelijk werken die nederlagen ook weer door in het vertrouwen bij spelers. Nogmaals: ik begrijp de kritiek. Maar er zijn verklaringen voor. En bovendien helpt negativisme ons niet verder.’

Salden zegt zich liever te storten op de ontwikkeling van jeugdspelers als Joey Veerman, Daan Klinkenberg, en zo velen meer. Nog lang geen jongens met de allure van Dick Tol, De Knoest. Maar zonder meer talentvol, weet hij. ‘We hebben een prima voorbereiding gedraaid met keurige resultaten tegen clubs uit de Eredivisie, PSV-thuis was een lekkere opsteker voor het moraal en vrijdag staat de volgende periode voor de deur. Een prima moment voor de ommekeer. Ik geloof er echt in dat al die jonge gasten het gaan laten zien.’

Al was het alleen maar vanwege dat ene mooie doel dat voor hen in het verschiet ligt, wanneer ze definitief doorbreken: over pakweg vijftig jaar in de FC Volendam Scheurkalender van 2068 staan.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.