Geachte mevrouw Sievers
Geachte mevrouw Sievers
Mijn naam is Jim van Hal, 20 jaar oud, fulltime werkzaam als kok en een fanatiek FC Dordrecht supporter. Al sinds mijn vader mij op mijn derde meenam naar het stadion was ik verkocht, ik was nog te jong om het einde van de wedstrijd mee te maken, maar ik was op slag verliefd. Sinds mijn achtste heb ik een seizoenkaart en sinds enkele jaren ga ik ook elke uitwedstrijd mee. Fc Dordrecht is onderdeel van mijn leven en elke vrijdag zijn we blij dat we weer naar de voetbal mogen, want ook mijn vader gaat nog steeds elke week mee.
Van dichtbij hebben wij met lede ogen toe moeten zien dat wij te maken kregen met steeds meer verplichte buscombi’s naar uitwedstrijden. Er zijn anno 2018 nog maar weinig wedstrijden die wij met vrij vervoer mogen bezoeken, of waar wij al wat eerder naar toe kunnen met de supporters bus. Dat neemt uiteraard een stukje ongedwongenheid van het wedstrijdbezoek weg, helaas geldt deze regeling ook dit jaar weer voor Volendam.
Ik kan mij de eerste keer in Volendam, al een aantal jaar terug, nog goed heugen. Het was de eerste wedstrijd van het seizoen, halverwege Augustus, en we waren eerder vertrokken om nog op de dijk te kunnen vertoeven . Voor de thuisblijvers, en uiteraard onszelf hadden wij een kilo paling meegenomen, die wij bewaarden in een koelkast in de supporters bus. De uitslag kan ik me niet meer herinneren, maar door de heerlijke sfeer was een traditie geboren en kwamen we elk jaar weer terug.
Gewoon een middagje sfeer proeven in de stad waar jouw cluppie speelt, dineren in een restaurant waar je vervolgens een grootvader met 2 kleinkinderen binnen ziet komen. Allemaal een FC Dordrecht sjaal om. Om vervolgens samen naar het stadion te lopen. Een bonte verzameling, van gepensioneerden, accountants en fietsenmakers tot de allerjongste fans, die net als ik al op jonge leeftijd zijn aangestoken. Dit is het doorsnee beeld van de mensen in de bus, die elke week onze club achterna rijdt. Op de terugweg is er een loterij, en wordt er gezongen als wij ons eiland weer oprijden. De tempel der beschaving, zoals wij dat op onverklaarbare wijze noemen.
Normalisatie van het wedstrijdbezoek voor de uitsupporter lijkt misschien een utopie, maar dat hoeft in mijn ogen niet geheel zo te zijn, er zijn gelukkig nog steeds wedstrijden waar wij met vrij vervoer heen kunnen, zoals jong ajax uit op een koude regenachtige maandagavond, samen met nog 7 andere supporters. Wij mochten plaatsnemen op de hoofdtribune omdat het uitvak niet overdekt was, een mooi gebaar van jong Ajax. Of zoals tot enkele jaren geleden samen met de Volendammers een praatje maken voor of na de wedstrijd. Ervaringen als deze stemmen mij hoopvol dat op meerdere plekken een positief besluit zal worden genomen door de lokale driehoek, een besluit waardoor normalisatie weer een stukje dichterbij komt.
Het stemt mij hoopvol dat risicowedstrijden en buscombi’s voor een groot deel verleden tijd kunnen worden. Uiteraard zullen er altijd risico wedstrijden blijven, dat kan niet tegengegaan worden, en die moeten dan ook met gepaste maatregelen behandeld worden, want veiligheid gaat voor alles.
Echter geloof ik, gebaseerd op mijn eigen ervaringen tijdens uitwedstrijden, mijn bezoeken aan onder andere Volendam, Telstar, Almere en Jong Ajax, dat er langzaamaan afgestapt kan worden van alle ‘’beklemmende’’ maatregelen voor de uitsupporter, dat supporters een middagje in uw stad kunnen vertoeven, zonder dat dit problemen geeft.
Ik zou mij vereerd voelen als u deze brief mee zou nemen in uw afwegingen aangaande de beslissingen rondom uitsupporters. Zodat we heel misschien langzaamaan een voetballandschap kunnen creëren waarin deze beklemmende maatregelen voor een groot deel niet meer nodig zijn. het zou een prachtige prestatie zijn. En dan vooral voor de nieuwe generatie supporters, die nu na elke wedstrijd in de hekken worden gehangen door hun papa, en op slag verliefd worden, net als ik 17 jaar geleden.
Hoogachtend,
Jim van Hal
Dordrecht, 6 februari 2018
