Landsmeer slibt dicht
Landsmeer slibt dicht. Met auto’s. Het Zuideinde is vaak één langgerekt lint van blik. ’s Ochtends rij je in je glanzende bolide stapvoets in ganzenpas het dorp uit en aan het eind van de dag is het niet anders maar dan het dorp weer in. Het wordt een probleem, nee, het is een probleem! Er gaan stemmen op om een extra ontsluitingsweg aan te leggen. Maar ja, die moet dan door het groen, en bovendien: je zal toch ergens het dorp weer in moeten.
Zoals ik zei, een probleem dus. Maar ik heb er de cijfers van het CBS omtrent autogebruik in ons land op nagelezen en daarin lees je de oplossing. Allereerst zijn er de laatste tien jaar bijna 900.000 auto’s bijgekomen in ons land. Een stijging van 12%. We tellen dus sinds 2008 grofweg 500 auto’s meer in ons dorp. In Landsmeer staan nu in totaal 4500 auto’s geregistreerd.
Daarentegen is volgens het CBS het aantal kilometers dat we per auto per jaar afleggen afgenomen. Het aantal autoritten is weer wel toegenomen. Met name ritten in de eigen gemeente. We rijden dus vaker, maar per tochtje minder ver.
We pakken sneller de auto om even een pak suiker bij de supermarkt te halen, om snel geld te pinnen, om een doosje schroeven bij de doe-‘t-zelf te halen of de kids naar school te brengen. Nieuw is dat allemaal niet. Reeds een kwarteeuw geleden probeerde menig schoolhoofd de 4WD-ouders al uit hun heilige koe te krijgen. Dat heeft niet geholpen, integendeel, het is op landelijk niveau zelfs erger geworden, kids met de auto van school halen. Terwijl Emma, Tess en Sem lopend of met de fiets van school halen een groot bijkomend voordeel heeft. Zo zitten ze een kwartiertje korter op hun iPad te klooien en worden ze minder snel bijziend. Of wie weet zelfs minder kortzichtig.
Tenslotte gaat volgens het CBS bijna 50% van alle keren dat er een auto in een dorp gestart wordt, de reis naar de dichtstbijzijnde stad. In ons geval Amsterdam. We hebben een uitstekende en zeer frequente busverbinding met Mokum, maar het gros van de autobezitters is met geen kerfstok in die comfortabele rode en gele bus te krijgen.
De conclusie is dat als je alle CBS-cijfers goed doorrekent, de helft van de autoritten in het dorp kan komen te vervallen. Dus als we zelf de noodzaak van een ritje goed afwegen wat minder snel gedachteloos in ons heilige blik stappen. Dan kun je als je ’s ochtends langs het Zuideinde gaat staan, een dikke rode streep halen door elke tweede auto die langstuft.
Kortom, laten we nog eens goed nadenken voordat we een asfaltstreep door onze groene weilanden trekken. Want oké, we hebben een probleem. Een verkeersinfarct op het bliklint. Maar dát probleem, dat zijn wij zelf.
En een oplossing ligt voor het grijpen.
Dat zijn wij namelijk ook!
Jan Kok

