18 onderwerpen voor… Zwemmer Luc Kroon
Volendammer Luc Kroon (16) zwom dit zwemseizoen het jeugdrecord op de 400 meter vrij van drievoudig Olympische Kampioen Pieter van den Hoogenband uit de boeken. Van 4 tot en met 8 juli is zijn grote doel voor dit jaar: het Europees Jeugd Kampioenschap in Helsinki. Kroon in 18 onderwerpen over trainen met jerrycans, zijn twaalf boterhammen en toekomst. Foto Cor Kes www.luxphotography.nl.
Geboortedatum
‘30 augustus 2001’
Broers/zussen
‘Ik heb een broertje, Jeff (15). Vroeger zwom hij, maar nu voetbalt hij bij de RKAVV.‘
Huisdieren
‘Daar zit-ie, Spekkie. Een perura, een kleine papegaai. Die hebben we nu sinds 2016. Mijn broertje heeft de naam bedacht.’
Opleiding
‘Ik zit nu in 5VWO atheneum op het Callandlyceum in Amsterdam. Volgend jaar doe ik gespreid examen, anders is het niet te doen.’
Basisschool
‘De Jozefschool in Volendam.’
Karakter
‘Ik ben rustig, bescheiden. Als ik me ergens voor inzet, doe ik het voor de volle 100%. Ik heb ook doorzettingsvermogen.’
Muziek
‘Vooral oude rockmuziek. Ik speel nu een jaar op de elektrische gitaar. Iedere woensdagavond heb ik een uur les. Dat is mijn laatste vrije avond. Niet dat ik in een bandje wil. Daar heb ik helemaal geen tijd voor. Ik heb geen favoriete artiest, maar luister graag naar Take it Easy van de Eagles.’
TV
‘Ik kijk niet vaak, maar als ik kijk, dan Discovery.’
Andere sport
‘Vroeger heb ik twee jaar gevoetbald, maar dat was niet mijn ding. Na de mini’s ben ik gestopt. Ik had geen motoriek. Na mijn A, B, C ging ik voor mijn zwemvaardigheidsdiploma’s. Dat vond ik leuk. Toen zeiden mijn ouders: ga eens kijken bij zwemvereniging Ed-Vo. Dat vond ik wel leuk.’
Favoriete eten in de aanloop naar een belangrijke wedstrijd
‘Pasta. Liefst met vlees erin. Met saus, anders is het niet te eten. Er zijn sporters die het zonder doen. Bij het EYOF in Hongarije was een gast die at alleen maar kale rijst en pasta. Dat doe ik niet. Ik heb geen dieet, maar ik weet wel wat ik eet. Ik eet geen slechte dingen. Eens in het jaar moet ik mijn eetschema wel bespreken met een diëtist die mij vervolgens tips geeft. En om de drie maanden meten ze mijn vetpercentage. Als het seizoen erop zit, vind ik het wel lekker om naar Foe te gaan. Dat kan dan wel.’
Training
‘Achttien uur zwemmen, twee uur krachttraining en 2,5 uur landtraining. Dat laatste is voor stabiliteit. Alles doen we in het Sloterparkbad in Amsterdam. Vorig jaar ging ik iedere dag om 04.45 uur uit bed en had ik om 05.05 uur de bus en om 06.30 uur zwemmen. Nu gaat om 06.00 uur de wekker en zwemmen we van 08.00 uur tot 10.00 uur. We trainen alleen op woensdag en donderdag een keer, op zondag vrij en de andere dagen twee trainingen op een dag.’
Gaat altijd mee in de wedstrijdtas
‘Zwembroek en handdoek. Geen speciale dingen dus. Wel veel eten. Ik eet als lunch twaalf boterhammen. Dat is best veel. Ik ben de grootste eter van het team. De meiden in de groep, die eten niet veel. Nieuwe meiden die schrikken wel een beetje als ik de boterhammen uit mijn tas haal. ‘Ga jij dat allemaal opeten?’ zie je ze denken. En ik eet een half uur voor de race een banaan.’
Trainer
‘Ik heb vier trainers gehad. Bij Ed-Vo had ik André Buijs en een Deense trainer. Hij was ooit bondscoach van de Deense ploeg. Toen ben ik heel erg gegroeid. Zij letten veel op techniek. Toen ik dertien jaar was, ging ik naar het talentencentrum in Alkmaar en had ik twee jaar Ronald Stolk. Daar ben ik echt goed gaan zwemmen. Hij trainde veel zwaarder en deed soms gekke dingen. Dat we 400 meter vlinderslag moesten doen. bijvoorbeeld. Nu zou ik dat niet eens meer redden. Of met jerrycans om je middel zwemmen. Of met emmers boven je hoofd. Het had wel wat. Het was echt zwaar. Mijn huidige trainer, Kees Robbertsen, was ooit trainer van onder meer Olympier Marleen Veldhuis. Hij let ook erg op techniek.’
Mooiste prestatie
‘Dat zijn er meerdere. Vorig jaar ben ik op de EYOF zesde op de 100 meter vrij geworden. Op de NK Kortebaan werd ik bij de senioren drie keer tweede.’
Specialiteit
‘Mijn onderwaterfase. Ik denk ook dat dat komt door de trainingen van Ronald Stolk. En als onderdeel de 200 meter vrije slag. Vanwege mijn sterke onderwaterfase ligt de kortebaan mij ook.’
Idool/voorbeeld...
‘Pieter van den Hoogenband. Hij is niet echt een idool, maar ik vind hem wel bijzonder. Vijf maanden voor de Olympische Spelen had hij nog een hernia. Hij kon de start en keerpunten niet oefenen, maar werd vervolgens wel Olympisch Kampioen. Wat hij heeft bereikt, wil ik ook.’
Dit seizoen...
‘Het EJK is het einde van het seizoen. Daar heb ik geen medaillekansen. Althans, daar ga ik niet van uit. Ik hoop daar wel snel te zwemmen. Ik heb nu 1.51,1 staan op de 200 vrij. Ik wil graag onder de 1.50.’
Over 5 jaar…
‘Dan wil ik mezelf bij de internationale top zien staan. Olympisch niveau. Er is een kleine kans dat dat in Tokyo 2020 al is. Op de 200 meter vrij moet ik dan bij de snelste vijf van Nederland zitten. Nu ben ik de zesde. Alleen het gat is nog wel groot tussen de nummer vijf en ik.´
