Het kind in Joey Veerman verlangt weer naar de bal

Het kind dat als driejarige op de achterstraat brabbelde dat hij bij FC Volendam wilde voetballen, bleek gezegend met een gave. Wat zijn ogen zien en hersenen bedenken, kunnen zijn voeten uitvoeren met een bal. Over korte en lange afstand. Het kon niet missen: Joey Veerman zou in grotere stadions tienduizenden mensen in vervoering gaan brengen, stond op zowat elk scoutingslijstje. Maar de virtuoos werd een zakelijke speelbal van belanghebbenden en zag zich zelfs genoodzaakt zijn zaakwaarnemer voor de rechter te dagen. En verloor.
Misschien is hij naïef geweest, maar vooral goedgelovig. In maart van dit jaar vertelde hij al openhartig in de Nivo, maar naderhand bleek dat er nog meer bij kon. Weer werd er beloofd, wéér liep het vertrouwen in de mens een deuk op. Bovendien werd zijn speeltje – de bal – afgepakt. Hij brak namelijk zijn middenvoetsbeentje, aan het eind van een andermaal rumoerige week. Alsof de geest tegen het lichaam zei: nu is het genoeg. Vier maanden later knokt hij vanuit de anonimiteit naar een doorstart. Hij wil gewoon weer dat jongetje zijn, die om de bal vraagt en er dan vervolgens dingen mee doet, die voetbal juist zo mooi kunnen maken. Joey Veerman. Gekwetst maar gesterkt.
Een maand geleden was er taart in huize Veerman. Niet alleen omdat zoonlief Joey twintig jaar werd, maar op 22 november eindigde de verbintenis met de zaakwaarnemer die hij ruim een jaar eerder daagde. Veerman is verlost. Twee jaar eerder, net achttien geworden en net gedebuteerd, zette hij zijn krabbel onder zijn eerste profcontract. Onschuldig, onwetend. Hij bouwde een band op met zijn zaakwaarnemer, althans, zo dacht hij. Later kwam de argwaan, toen er om een kopie van het contract werd gevraagd en dat op zich liet wachten. Uiteindelijk bleek er nog een contract te zijn, waaronder een vervalste handtekening van de Volendammer stond.
,,Hij regelde van alles voor mij en deed zich voorkomen als een vriend van het gezin. Dat het vorig jaar zomer met FC Utrecht op niets is uitgelopen, moet tevens te maken hebben met dat ik vlak daarvoor had gezegd dat ik niet verder met hem wilde. Hij zei dat FC Utrecht en Club Brugge wilden praten. Ik had bij Utrecht een gesprek – zonder zaakwaarnemer – met Erik ten Hag (nu trainer van Ajax, red.) en Jordy Zuidam. Een goed gesprek en ze wilden me halen. Ik kreeg twee dagen bedenktijd.”
Klik hier voor het hele artikel opd e site van de NIVO.