Talent in huis – Het turntalent Ilva Burghouts
Kromme knieën, harde armen en een dunne buik, het zijn de kleine details die het verschil maken bij het turnen. Daar draait de jonge en gedreven Ilva Burghouts haar hand niet voor om. Ze is acht jaar oud en traint bijna 18 uur per week. Haar doel is steeds beter worden en goud halen op de Olympische Spelen. Foto Cor Kes www.luxphotography.nl.
Vanaf het eerste moment in een gymzaal, is het al duidelijk dat Ilva Burghouts een turntalent is. Ze is pas acht jaar oud en traint bij St. Mauritius vijf dagen per week 3,5 uur per keer. “Ik vind het eigenlijk altijd leuk om te doen,” vertelt Ilva. “Vooral de lessen op donderdag, dan komt juf Nel. Ze is 89 jaar oud en heeft veel Olympische turners getraind.” Haar vaste trainer is Martin Franke.
“Bij meester Martin is het al vaak gewoon goed, maar juf Nel let op de kleinste details. Dus harde armen naar achter, knieën krom en buik dun als je iets aan het doen bent. Dat is soms best lastig, maar dat vind ik eigenlijk ook juist heel leuk. Zo hoort het, dus zo gaan we het doen, zegt juf Nel dan.” Haar moeder Ina Burghouts- Koning vult aan: “Nel let vooral op de choreografie, Martin richt zich op het sterker worden en het uitvoeren van de oefeningen.”
Groot talent
Haar kracht en lenigheid, maar vooral haar doorzettingsvermogen maken Ilva een groot talent. “Als het niet lukt, kan ik wel boos op mezelf worden, dat vind ik niet leuk.” Haar moeder vult aan: “Ze is een echte doorzetter. Als een training niet gelukt is, zie ik dat meteen aan haar gezicht.” De jonge turnster heeft een sterke drive om beter te worden: “Het gaat me er vooral om dat ik mezelf kan verbeteren. Ik heb het liefste dat het snel gaat, maar als dat niet zo is, is dat ook niet erg. We kijken regelmatig beelden terug van trainingen of wedstrijden. Ik vind het heel leuk om te zien als ik weer beter ben geworden of als ik een nieuwe oefening geleerd heb. Nu ben ik een flikflak op de balk aan het trainen. Ik ben ook bezig met de streksalto van de brug. Mijn doel is goud op de Olympische Spelen bij de meerkamp. Mijn grote voorbeeld is Sanne Wevers.”
Evenwichtsbalk in tuin
Uit school gaat ze meteen trainen, tot half acht ’s avonds. Ina: “Soms is dat wel even puzzelen, omdat onze andere dochters dan ook naar bed moeten.” Er is goede begeleiding voor de jonge sporter, compleet met een keuring door een sportarts en fysiotherapeut. “Volgende week ontmoeten we een diëtist. Soms ben ik bang dat ze niet genoeg calorieën binnenkrijgt voor wat ze allemaal weg traint. Tussen de middag eten we warm en na de training eet ze nog een broodje. Ik wil natuurlijk zeker weten dat haar lichaam niets te kort komt.” In de tuin staat een door haar opa vervaardigde evenwichtsbalk en twee keer per dag moet ze haar lenigheid trainen, vooral de split. Ina: “Wij zeggen vaak: even stoppen nu. Rust is ook een stukje training, maar ze blijft bezig.”
Best Friend Forever
Sporten op hoog niveau heeft ook consequenties. Ina: “Wij gaan natuurlijk ook als gezin wel eens wat doen, we blijven niet binnen omdat Ilva graag wil trainen.” Haar dochter reageert: “Ik mis vaak verjaardagen of feestjes. Je mag niet zomaar een training afzeggen, dat doe ik ook niet, vaak ga ik ook gewoon het liefste naar de training. Meestal snappen mijn vriendinnen het wel. Mijn bff (Best Friends Forever) is Luna. Op woensdag heb ik een vrije dag en dan spreken we altijd met elkaar af.” Ina: “Het is haar keuze en ik vind het heel mooi om te zien hoe ze ervoor gaat en hoe hard ze werkt. Daar hoort ook bij dat ze moet leren dat er consequenties aan verbonden zijn. Natuurlijk hebben wij ook wel eens twijfels gehad, zeker als je van twee naar vier en uiteindelijk vijf trainingen gaat. Maar het belangrijkste blijft: wat wil ze zelf?”
Mazzel
Er wordt niet te ver vooruit gekeken. “We bekijken het bijna per week,” vertelt Ina. “Voor ons het is het vooral belangrijk dat ze er plezier in blijft houden. Zodra ze het niet meer leuk vindt, stoppen we. We vinden het uiteraard ook belangrijk dat het goed gaat op school. Ze heeft de mazzel dat dat haar goed afgaat. Ook het sociale aspect is belangrijk. Ze heeft van Martin bewust de woensdag vrij, zodat ze met haar vriendinnen kan afspreken. Voor ons hoeft ze namelijk niet eerste te worden of wedstrijden te doen, maar als ze dat dan doet dan hopen we wel dat eruit komt waarvoor ze heeft getraind. Ze bruist van de energie, ik ben blij dat ze die met het turnen kwijt kan. De trainingen vormen een goede ontwikkeling. Haar wordt discipline, doorzettingsvermogen en respect voor de trainer bijgebracht. Dat is goed om mee te krijgen. Al zouden we nu stoppen, dan heeft ze al zoveel geleerd. Daar gaan we nog niet vanuit, voorlopig gaat ze nog vrolijk verder.”
