Jaap Kwakman speelt mee in Concertgebouw met ‘Killing me softly’-zangeres Lori Lieberman
Haar speciale connectie met Nederland heeft voor Lori Lieberman – de vrouw achter de evergreen Killing me softly with his song – geleid tot een nieuw album met veel invloed van vaderlandse musici. Op ‘The girl and the cat’ wordt zij namelijk begeleid door het Matangi Quartet en daarmee staat zij onder meer op 7 oktober in het Amsterdamse Concertgebouw. ,,Ik kom hier sinds de jaren zeventig en heb een band gekregen met veel artiesten én hun omgeving. Zoals zij regelmatig bij ons in LA te gast zijn”, zegt de Amerikaanse, uitkijkend op het IJsselmeer in Volendam, dat ze ook met een reden bezoekt. 3JS-gitarist Jaap Kwakman speelt namelijk mee op de cd en staat straks ook in het Concertgebouw op het podium. ,,Dat gaat echt te gek worden. Absoluut een aanrader voor de muziekliefhebbers uit onze gemeente.”
Ze stapte al eens eerder voor langere tijd bewust uit de business, maar muziek maken blijkt de werking van een magneet te hebben op de 67-jarige Lieberman, geboren in LA en opgegroeid in Zwitserland. ,,De eerste keer was in de tijd dat mijn kinderen opgroeiden en de populaire muziek niet mijn soort muziek was. En toen Trump werd gekozen, had ik weer een ‘shut down’. Ik was verward, het was een donkere tijd en ik stopte met schrijven, net als andere Amerikaanse muzikanten. Opeens kreeg ik een bericht van de vrouw van Hennie Vrienten. Zij nodigde me uit voor een speciale verjaardag. Dat inspireerde me om toch iets te componeren en uiteindelijk kwam van daaruit het idee om iets met het Matangi Quartet, waarmee ik al eens had opgetreden, te gaan doen.”
Het vormde de aanleiding tot haar zestiende album. De rookie van de vorige eeuw had toen al diepte in haar stem, maar nog geen gevulde rugzak. ,,Het leven is verdeeld in segmenten. Destijds zaten we in de machinerie van de platenmaatschappij. Ik verloor mezelf daarin, had geen connectie met wie ik was. De managers legden altijd druk op. Toen de business veranderde, stapte ik eruit. Ik was folkartiest, maar discomuziek werd gedraaid. Toen ik er vijftien jaar later weer instapte, deed ik dat voor mezelf, om te gaan doen wat ík mooi vond. Als niemand er naar zou luisteren, was dat ook prima. Ik had echter kennelijk nog een fanbase en die groeide.”
Klik hier voor het hele artikel opde site van de NIVO door Eddy Veerman.
