Naar de inhoud

Klaverjassen in Canada

Bron: Waterlands Weekblad

Probeert u zich eens voor te stellen: in de jaren '50 stapt een 20-jarig meisje uit Ilpendam op de boot naar New York. 2e spreekt geen Engels, is niet veel verder geweest dan Amsterdam, en na 8 dagen varen en een rit van 5 dagen in de Greyhoundbus komt ze aan in haar nieuwe thuisland Canada. Best spannend lijkt me dat. Coby Roeleveld deed het: ze volgde haar Nederlandse man en woont nog steeds in Canada. Ik spreek Coby in de keuken van haar zwager Gijs in Ilpendam, waar ze logeert voor familiebezoek.

In verrassend goed Nederlands, met een minimaal accent, vertelt Coby Roeleveld: "Mijn man, Cornelis Roeleveld, wilde altijd al emigreren, want hij had grote dromen: Australië of Canada. Hij was de oudste van 13 kinderen maar er waren genoeg opvolgers om te melken, dus zijn ouders lieten hem gaan. Hij is in 1951 in Canada gaan wonen. Toen hij in 1956 terugkwam voor de Kerst, hebben we elkaar ontmoet met Oud & Nieuw in het café in de Dorpsstraat.

We kregen meteen ver-kering! Omdat hij daarna weer terug ging naar Canada en we allebei geen zin hadden om brieven te blijven schrijven, zijn we snel getrouwd: op 21 februari 1957, in Ilpendam. Hij ging op 1 maart al op de boot en ik ging hem 12 april achterna. Eerst met de Holland-Amerika Lijn van Rotterdam naar New York, en daar kwam hij me ophalen. Samen zaten we dan nog 5 dagen in de Greyhoundbus, op naar Canada!"

Peace River

Dan kom je aan, waar gingen jullie wonen? "Cornelis heette daar Neil. Hij woonde in Peace River, in Alberta. Meteen die eerste zaterdag gingen we naar een café, dat deed hij elke za-terdag. Maar ik was nog geen 21, dus ik mocht niet eens drin-ken! Ik sprak geen Engels, alleen 'no' en 'yes', maar ik had geen idee wanneer ik die woorden moest gebruiken.

In het begin had ik natuurlijk heimwee, want in Nederland had ik een gezellige baan als naaister op het atelier van Berghaus. Met mijn col-lega's maakten we uitjes; we gingen zelfs met elkaar op door Berghaus georganiseerde vakanties. En in Canada zat ik thuis, mijn man was aan het werk. Maar er waren meer Hollanders in de buurt, dus al snel ging het beter. Ik heb nog steeds contact met een vriendin uit die tijd".

De kinderen

"Toen kreeg ik kinderen, dus daar was ik druk mee." Trots ver-telt Coby van haar zeven kinderen de namen en wat ze doen: "In 1958 kreeg ik Elsie, mijn eerste kind, zij geeft Engelse les aan emigranten. Thea kwam in 1959, zij is directrice op een kleuterschool. In 1960 kreeg ik mijn eerste zoon, Phil, hij werkt in de radiocommunicatie. Mijn middelste dochter Patsy kwam in 1962, zij verkoopt lijsten voor schilderijen. Coby uit 1963 is tandarts en Willy uit 1965, mijn tweede zoon, rijdt op zijn eigen truck. De jongste is Val. Zij werkt op kantoor en is geboren in 1970. Allemaal gezond en gelukkig!"

Marskramer

"Mijn man was marskramer, hij verkocht huishoudelijke artikelen aan de deur; er waren nog geen grote winkels. In 1963 hebben we van de staat een 'homestead' gekregen: een braak stuk land dat we zelf moesten ontginnen. Stenen rapen, bomen kappen, in-zaaien en onderhouden. Later hebben we nog land bijgekocht: 160 acres hadden we toen. Dat land lag 360 km verderop. Pas toen de kinderen groter waren, zijn we daar gaan wonen, eerder wilden ze niet mee.

Tot die tijd was het heen en weer reizen. Fort Vermilion lag ook aan de Peace River, maar 360 kilome-ter noordelijker, daar waar het in juni nooit donker wordt. We woonden in een grote stacaravan, en de kinderen kwamen vaak langs, met hun eigen caravan of 'motorhome'. Mijn man was toen geen marskramer meer, want iedereen kon zijn spullen zelf bestellen uit een catalogus. We werkten samen op dat land en verbouw-den graan: tarwe, gerst, koolzaad en haver."

Klaverjassen

"Mijn zwager Gijs kwam twee keer per jaar naar Canada om te helpen op het land en hij nam vaak vrienden mee. Ik was dan blij, want dan konden we klaverjassen, dat kennen ze niet in Canada. Een mooie tijd, de zomers zijn daar prachtig. Toen ik ouder werd, wilde ik daar weg, het was te koud in de winter. We konden de grond goed verkopen en zijn verhuisd naar Appleton, vlakbij twee van onze kinderen.

Daar hebben we nog 10 jaar gewoond, tot mijn man in 2000 is overleden. Nu woon ik heerlijk in Edmonton, bij mijn oudste dochter Elsie. Ik maak veel quilts en ik ga naar het 'senior centre', een soort bejaardensoos. En elk jaar in juni kom ik naar Nederland voor onze jaarlijkse Roeleveld familiereunie en maken we een foto hier op de boerderij van Gijs Roeleveld!"

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.