'Goed voor de kleedkamer? Wat een onzin’
Dat de voetballerij geen afspiegeling is van onze maatschappij, wist ik al lang. Deze sport is iets aparts. Het is de leukste bijzaak in het leven van velen. Toch gebeuren er ook zaken die ik moeilijk kan plaatsen. Dingen waarvan je denkt: ‘Hoe is dit mogelijk?’
Bijvoorbeeld wanneer PSV een speler aantrekt die twee jaar niet heeft gevoetbald, maar wel aanvoerder wordt gemaakt. Ik heb het over Ibrahim Afellay. Hij zou Mohamed Ihattaren goed hebben begeleid na het verschrikkelijke bericht dat zijn vader was overleden. Dat siert hem onmiskenbaar, maar daar haal je toch geen speler voor? ‘Afellay is een goede voor de kleedkamer’, wordt er dan geroepen. Kun je dan niet beter een mediator inhuren of vragen aan André van Duin of hij misschien wat gezelligheid in de kleedkamer kan brengen? Wat een onzin.
Feyenoord heeft voor zeven maanden Dick Advocaat aangesteld als opvolger van Jaap Stam. Hij mag ook zijn eigen staf meenemen. Dus de assistenten van Stam, die toch al jaren goed functioneerden (je hoorde immers nooit enige wanklank van het bestuur over Jean-Paul van Gastel en Denny Landzaat), moesten aan de kant. Dick nam zijn vriend Cor Pot en John de Wolf mee. Maar wat gaat daarmee gebeuren als Dick weer stopt aan het einde van het seizoen? Daar zullen ongetwijfeld afspraken over gemaakt zijn, maar toch. Ik denk niet dat Feyenoord beter gaat presteren onder Advocaat. Ik hoop het natuurlijk wel, want Feyenoord hoort gewoon bovenin mee te draaien. Volgens mij kunnen de Rotterdammers beter een voorbeeld nemen aan AZ. De Alkmaarse club heeft een stabiele organisatie en een goede jeugdopleiding. Dat werpt zijn vruchten af, zowel in sportief als financieel opzicht.
Trainers worden tegenwoordig al na een paar nederlagen ontslagen, maar is dat nou wel nodig? Natuurlijk is de keuze snel gemaakt; je kunt niet de hele selectie ontslaan, wel één trainer. Maar ga je dan wel voor een andere trainer beter voetballen? Het komt soms wat hypocriet over. Basisspelers zeggen nooit een verkeerd woord over de trainer. Meestal zijn het de wisselspelers die mekkeren en het liefst via de media. Maar beter is het om jezelf te laten zien tijdens trainingen, zodat de trainer niet meer om je heen kan.
Voetballers lijken niet altijd te beseffen wat voor een mooi beroep ze uitoefenen. Alles wordt voor je geregeld, je ‘werkt’ in de open lucht, wordt meestal goed tot zeer goed betaald en aan vrije tijd ontbreekt het ook vaak niet. Er zijn voetballers die geen drie wedstrijden kunnen spelen in tien dagen, omdat ze dan oververmoeid raken. Ga eens een week met een bouwvakker mee. ‘s Morgens rinkelt om vijf uur het wekkertje om vervolgens rond vier uur weer uit het bestelbusje te mogen rollen. Dat is andere koek dan profvoetballer zijn.
Maar ach, ieder zijn vak, nietwaar?
