Naar de inhoud

Virolutie, de evolutionaire winst van virussen

Bron: Nico van Straalen

Wij hebben veel aan virussen te danken. Dat zal u misschien een beetje vreemd voorkomen in deze tijd, maar in evolutionaire zin is het echt waar. Wij zouden niet geweest zijn zoals we nu zijn als er geen virussen geweest waren.

Meestal wordt over evolutie verteld dat het in hele kleine stapjes gaat en miljoenen jaren duurt. Beetje bij beetje verandert een kenmerk van de ene generatie op de andere. De nek van de giraf werd steeds langer omdat de moeders met lange nekken meer jonkies kregen; ze konden immers met die lange nek meer blaadjes eten, tot aan boven in de boom. De lengte van de nek was erfelijk, daarom kreeg je in de volgende generatie meer langnekgiraffen. Na een groot aantal generaties hadden alle giraffen een lange nek en waren de kortnekgiraffen uitgestorven.

Dit verhaal gaat wellicht wel op als je kijkt naar een kenmerk dat mooi in kleine stapjes kan variëren, maar wat te denken van kenmerken, onderdelen van het lichaam, organen, die zo ingewikkeld zijn dat ze moeilijk in stapjes kunnen evolueren? Daar is veel discussie over geweest en sommige mensen zien daarin de hand van een intelligent opperwezen. Maar evolutiebiologen zoeken eerst de verklaring in meer laag-bij-de-grondse termen en dat lukt ook meestal.

Neem bijvoorbeeld de placenta: typisch een ontzettend ingewikkelde structuur. Het embryo nestelt zich in de wand van de baarmoeder en ter plaatse ontstaat een orgaan dat stoffen in de bloedbaan van het kind uitwisselt met het bloed van de moeder, twee kanten op, en bovendien nog hormonen produceert. Alle placentazoogdieren hebben een placenta; het lijkt wel of het ding uit het niets in die diergroep is geland.

Een heel cruciaal aspect van de menselijke placenta is dat er een directe verbinding is tussen de voedingscellen van het embryo en het bloed van de moeder. De wanden van de bloedvaten die er normaal tussen zouden zitten zijn verdwenen. Sterker nog, het embryo lost die bloedvaten actief op en maakt een weefsel zonder scheidingen tussen de cellen, allemaal om de uitwisseling tussen moeder en kind zo efficiënt mogelijk te maken. Het embryo is als het ware een parasiet die in het lichaam van de moeder groeit en daar het een en ander sloopt.

Voor dat oplossen van de moederlijke cellen gebruikt het embryo speciale enzymen. Waar komen die vandaan? Van een virus. Het blijkt dat al meer dan 80 miljoen jaar geleden een virus in het erfelijk materiaal terecht gekomen is. Dat virus werkt hetzelfde als het huidige coronavirus: het wringt een kopie van zichzelf in het DNA van de gastheer. Dat stukje virus-DNA gaat vervolgens met behulp van de gastheer een kopieermachine aanzetten waarmee duizenden nieuwe virusdeeltjes gemaakt worden. Na verloop van tijd wordt het virus onschadelijk gemaakt door de immunologische afweer, maar soms blijft een onderdeeltje in het DNA zitten. Dan heb je dus een stukje erfelijk materiaal gekregen niet van je vader of je moeder, maar van een virus. Als dat in de geslachtscellen gebeurt krijgen je kinderen het ook.

Nu bleek 80 miljoen jaar geleden, in een van onze zoogdiervoorouders, een bepaald virusgen geweldig handig te zijn bij de vorming van de placenta. Vanwege het voordeel hadden binnen een aantal generaties alle dieren dat handige gen en ontstonden de placentazoogdieren, en een tijd later ook wij. Dankzij dat virus kunnen onze vrouwen een kind voeden in hun buik.

En dit is niet het enige voorbeeld. Een Engelse bioloog, Frank Ryan, heeft er een heel boek over geschreven. “Virolutie” noemt hij het, de evolutie door virussen. Evolutie verloopt volgens hem niet met kleine stapjes maar met grote zeldzame sprongen, veroorzaakt door virussen.

Of het huidige coronavirus ook iets achterlaat in ons DNA weet ik niet. Maar onderschat virussen niet.

1 reactie

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.

  • Als je in de raadstukken kijkt die straks in de raadsvergadering van mei aan de orde worden gesteld is bij de bijlagen die in de openbaarheid worden gebracht verzuimd de brief van 14-4-2019 van de omwonenden bij te voegen. Als je het als gemeente wil doen voorkomen dat alles wordt gedaan aan "bewonersparticipatie" was het ook wel sportief geweest om die brief integraal bij de raadstukken op te nemen. In deze brief waarin uitvoerig verslag wordt gedaan van het zgn.overlegtraject met de bewoners wordt weer een ander beeld geschetst in de beleving van de deelnemende omwonenden aan die gesprekken. Je kunt altijd van mening verschillen over interpretatie en beleving van gesprekken en overlegvormen. Maar het gaat niet aan als je als college stukken presenteert die een beeld schetsen van een bepaalde situatie, die ook integraal door pers/publiciteit wordt overgenomen, waar stukken die een ander beeld schetsen ,buiten het "verhaal" worden gehouden. Temeer ook daar in de gesprekken over compromissen bereiken de verantwoordelijke wethouder om hem moverende redenen niet eens aanwezig was. Jammer, jammer, jammer. De omwonenden blijven echter positief in het verhaal staan en doen hun uiterste best er samen met de gemeente uit te komen. Dat verdient een compliment.