Naar de inhoud

Weekend van de waarheid? Geachte premier, u heeft echt 4 dagen meer nodig!

Bron: Maurice.nl

Premier Rutte leek vrijdag tijdens zijn wekelijkse persconferentie teleurgesteld in de Nederlanders, omdat het aantal positieve tests weer duidelijk was gestegen. Hij zou het weekend nog afwachten alvorens stevige beslissingen te nemen. De cijfers van zaterdag (weer een stijging van ruim 500 naar bijna 6.500) beloven niet veel goeds.

Maar op basis van deze cijfers kan helemaal niet worden geconcludeerd of de maatregelen, die op 30 september zijn ingevoerd, effect hebben. Dat heeft de premier niet door. Het lijkt ook voorbij te gaan aan mensen die in de media commentaar op deze hogere cijfers geven.

RIVM-cijfers zijn géén dagcijfers

Zoals ik helaas al vaak heb moeten aangeven, gaan de RIVM-cijfers van zaterdag niet over zaterdag of vrijdag, maar over een duidelijk langere periode. Verder is de snelheid waarmee de GGD’en data aan het RIVM doorgeven niet constant. De laatste paar dagen is die snelheid hoger dan de periode ervoor en dat heeft grote gevolgen!

Laten we eerst vaststellen vanaf wanneer we het effect zouden moeten zien van de nieuwe maatregelen (die de regering eind september heeft aangekondigd) op het aantal positieve tests. Ongeveer vijf dagen na besmetting krijgt een coronapatiënt symptomen. En dan duurt het ook nog even voordat hij of zij zich wil laten testen, kan worden getest en de uitslag beschikbaar is. Laten we zeggen dat het effect van de genomen maatregelen door de regering vanaf 8 oktober echt te merken zou kunnen zijn.

Als we de bijna 6.500 positieve testuitslagen van zaterdag beter bekijken, dan hebben 3.900 resultaten betrekking op tests van VÓÓR 8 oktober. Ongeveer 1.500 zijn zelfs meer dan een week oud. Kortom: de uitslagen van zaterdag zeggen nog niets over het effect van de eind september genomen maatregelen.

Maar dan hoor ik u zeggen: die 6.500 is toch wel heel hoog.

Stijgende trend? Dit moet u weten

Elke dag hoort u in het journaal hoe hoog het aantal nieuwe positieve tests is. Dit cijfer is echter niet zo hard als dat het misschien lijkt.

De laatste vier dagen rapporteert de GGD duidelijk sneller dan eind september. Zaterdag had 54 procent van het gemelde aantal positieve tests betrekking op de laatste drie dagen. Eind september was dat ongeveer 40 procent. Als de rapportage ”minder snel” was, dan zou het cijfer van zaterdag 800 – 1000 lager geweest zijn. Ook is het interessant om te zien dat bepaalde regio’s beduidend sneller melden. Dat maakt de vergelijkbaarheid per dag eigenlijk pas mogelijk na een week of zo als de langzamere regio’s hun achterstand hebben weggewerkt.

Het aantal uitgevoerde tests beïnvloedt het absolute aantal positieve uitslagen. We weten op dit moment nog niet exact hoeveel meer er de afgelopen week werd getest. Maar het gemiddelde van ervoor was een stijging van twee procent per dag. Dat is ongeveer 15 procent in een week. Dus een dagcijfer van 5.500 zou een week eerder 4.700 zijn. Omdat per 1 oktober de testcapaciteit is uitgebreid kan dat cijfer zelfs hoger zijn.

Het is inmiddels algemeen bekend dat een positieve uitslag ook kan betekenen dat iemand weken geleden besmettelijk was, maar nu niet meer. De test is positief, omdat er nog virusresten zijn aangetroffen. Dit fenomeen versterkt een stijgende trend. Want de “voorraad” mensen met een eerdere infectie neemt toe. Maar er kunnen geen exacte sommetjes van worden gemaakt. Hoewel die werkelijke omvang dus niet kan worden bepaald, zou het zo maar tien à twintig procent meer positieve uitslagen tot gevolg kunnen hebben en een versterking van de indruk dat er sprake is van een exponentiële groei. Zie ook deze uitleg op Maurice.nl.

Kortom: Er kan dit moment nog geen enkele conclusie worden getrokken over de effectiviteit van de eind september genomen maatregelen.

Wacht (nog even) met nieuwe maatregelen

De regering en het RIVM accepteren nu al zeven maanden dat zij data krijgen aangeleverd die niet actueel en niet accuraat is. Er valt dan ook niks zinnigs te zeggen over de cijfers die bij het RIVM per dag worden GEMELD. Om een onderbouwde uitspraak over de effectiviteit te kunnen doen, had men ervoor moeten zorgen dat de RIVM- data van zaterdag 10 oktober alle testuitslagen bevat die op 9 oktober beschikbaar zijn gekomen.

Ik denk dat je -helaas- nog zeker een dag of vier nodig hebt om te zien of de maatregelen hebben gewerkt. En dan moet je niet kijken naar het aantal gemelde besmettingen per dag, maar naar de datum waarop de test is uitgevoerd.

Het is een brevet van onvermogen als de regering dit weekend echt een beslissing neemt op basis van de stijging van de per dag gemelde besmettingen. Ten eerste hebben ze de afgelopen zeven maanden niet gezorgd voor actuele en accurate data. Bovendien zouden ze dan een beslissing nemen op basis van verkeerde data!

Beslissingen die heel grote consequenties zullen hebben voor alle facetten van de samenleving. Dergelijke besluiten verdienen een goede basis met betrouwbare data in plaats van zo een rotzooi.

Het bovenstaande deel is met dank aan Marino van Zelst en Edwin Veldhuizen die elke dag geweldig datawerk doen zodra de RIVM-cijfers binnen zijn.

Wie kan hier nou niet tellen?

Tijdens de persconferentie vrijdagmiddag zei de premier te hopen dat Nederlanders tot twee kunnen tellen. Eén: handen kapot wassen. En twee: 1,5 meter houden.

Zelf weigert de premier nog steeds tot drie te tellen, namelijk: “Ventileren, ventileren, ventileren.”

Zonder dat hij het beseft is de premier hiermee een symbool van Nederland dat sinds maart blijkbaar nog niets heeft geleerd over virusverspreiding. Dat blijkt uit het feit dat hij nog steeds (bijna verlekkerd) zegt dat we onze handen stuk moeten wassen en het belang van ventilatie niet aan zijn rijtje toevoegt.

Hieronder een fragment van bondskanselier Merkel die tijdens haar persconferentie van 18 augustus spreekt over het belang van ventilatie en aerosolen.


De onzin van “handen stuk wassen”

Vanaf maart geven we al geen handen meer. Hooguit een boks. Dus eigenlijk hoeven we onze handen niet te wassen om overdracht van het virus te voorkomen.

Alleen op de volgende manier kun je (heel) misschien geïnfecteerd raken. Als een besmet persoon niet in de elleboog, maar in zijn of haar hand niest. En daarna raakt hij of zij een oppervlakte aan waarop virusdeeltjes achterblijven. Iemand anders komt ook aan die oppervlakte en zit vervolgens aan zijn mond, neus of oog.

Al vanaf april/mei is echter duidelijk dat de kans op besmetting via oppervlaktes heel klein is. Zelfs als er virusdeeltjes op die oppervlakte aanwezig zijn, is de kans heel klein is dat die deeltjes zich nog kunnen vermenigvuldigen. Daarover is steeds meer onderzoek beschikbaar.

Tegen deze achtergrond is het toch eigenlijk verbijsterend dat onze premier het nog steeds heeft over handen stuk wassen en ventilatie niet noemt. Vergeleken met besmetting via oppervlaktes denk ik dat slechte ventilatie een factor 10.000 of meer bijdraagt aan nieuwe infecties.

1 reactie

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.