De Politiek achter het Kunst & Cultuurbeleid binnen de kom Volendam (Deel III)
‘Heer vergeef het hun, want ze weten wat ze doen. ’
(Uit: Sprüche und Widersprüche (1909))
Karl Kraus (1874 – 1936), Duits-Joodse dichter en journalist
Een wat bredere achtergrond
In Trouw vroeg journalist Marc van Dijk (de latere) filosoof des Vaderlands en oud-hoogleraar wijsgerige ethiek Paul van Tongeren – lees hun gezamenlijke filosofische reisverslag Het wonder van betekenis (2021) – naar zijn mening over de kloof tussen burger en overheid. Van Tongeren vond de kloof tussen burger en kiezer echter urgenter: “Kiezers hebben onvoldoende besef van het feit dat zij burgers zijn, leden van een politieke gemeenschap, die moeten leren denken vanuit het algemeen belang. Niet de kloof tussen burger en politiek moet overbrugd worden, maar die tussen individu en burger.”
Bijna honderd jaar eerder voorspelde de Spaanse cultuurfilosoof José Ortega y Gasset in zijn invloedrijke De opstand der horden (1930) dat de door de sterke bevolkingsgroei opkomende massamens niet in staat zou zijn om de verworvenheden van de Westerse beschaving in stand te houden. Verworvenheden waar de massamens tot op heden wel dagelijks van profiteert.
De bestorming van het Capitool
Ademloos heb ik zitten kijken naar die twee uur durende documentaire over de bestorming van het Amerikaanse Capitool. Dat de massamens Trump mogelijk heeft gemaakt lijkt mij geen twistpunt. Gedraagt de gemiddelde Volendammer zich ook als zo’n verwende massamens? Of gedraagt hij zich als een betrokken burger, de hoeksteen van onze Westerse democratie? Cultuurfilosofische vragen die elke Volendammer zichzelf eens zou moeten stellen. In de slotparagraaf zal ik deze vragen ook proberen te beantwoorden.
De aanleiding voor deze driedelige serie in het kort
De aanleiding voor deze driedelige serie – Deel I ging over economie, Deel II over cultuur en Deel III over politiek – is de gemeenteraadsverkiezingen van 16 maart a.s. en de oorzaak is het aartsconservatieve, decennia achterlopende kunst & cultuurbeleid van de gemeente. Uiteindelijk kan dit laatste niet los worden gezien van de lacunes (Vb. Muziek en Kunst niet als regulier eindexamenvak op het VWO) in het onderwijsaanbod van het Don Bosco College, onderdeel van onderwijsmonopolist de SKOV.
Een korter stuk kost meer tijd, en dat had ik niet. Lees desnoods alleen de centrale paragraaf II en de afsluitende paragraaf IV. Waar ik ‘hij’ schrijf bedoel ik uiteraard ook ‘zij’. De bestuursvoorzitter van de SKOV heeft voor publicatie een conceptversie gekregen. Er is richting mij niet gereageerd.
Een toelichting op de inhoud van Deel III
Net als Deel II gaat Deel III ook over Sterke Onzekerheidsvermijding. Deel II in relatie tot Algemene normen binnen gezin, school en werk, en dit Deel III in relatie tot Politiek en ideeën. Cultuur (Deel II) lijkt aan politiek (Deel III) vooraf te gaan. Vanwege de begrijpelijkheid was een zekere overlap tussen de drie delen onvermijdelijk. De centrale paragraaf II bevat een door het cultuurmodel van Geert Hofstede geïnspireerde verklaring voor op Volendam populaire politieke opvattingen, het daaruit resulterende sterk van Nederland afwijkende stemgedrag, en het landelijk achterblijvende gemeentelijke kunst & cultuurbeleid (in voornoemde cyclus ontbreekt het een sleutelrol vervullende onderwijsmonopolie nog).
De conclusie van paragraaf II is dat veel stemgedrag in Volendam cultureel lijkt bepaald. In paragraaf III kom ik met een voorstel voor een mogelijke uitweg uit de door een in Zwolle studerende Urker geschetste impasse, die wat mij betreft ook op Volendam van toepassing is: “Het grote probleem van Urk is het gebrek aan zelfkritiek en zelftwijfel. (…) Ironisch genoeg kan het dorp alleen maar overleven als dat gedrag in stand wordt gehouden. Het is dat of opgaan in de buitenwereld.” (Zie opening Deel II). De afsluitende Paragraaf IV bevat de conclusie.
Lees hier het hele artikel van Marcel Tuijp op en-Clave.
