Gemeente overstag in zaak Thomas's Café: 'Past binnen bestemmingsplan'
De terrasuitbreiding van Thomas' Café mag sowieso tot 1 januari 2023 blijven bestaan. Dit deelde de gemeente onlangs per brief mee aan de eigenaar daarvan. Deze beslissing lijkt op het eerste gezicht louter goed nieuws voor hem, maar het document bevat meer. Zo maakt de lokale overheid er alvast in duidelijk dat legalisatie er niet inzit. Tevens draait eigenaar Jean-Paul Pronk op voor vele duizenden euro's aan proceskosten. Het is voor hem daarmee een brief die tegenstrijdige gevoelens oproept.
De gemeente maakt in de brief duidelijk dat het terras wél bin-nen het bestemmingsplan past. 'Gebleken is dat het terras qua bouw en gebruik past binnen het bestemmingsplan'. Daarom trekt men het besluit in om een dwang-som van 12.000 euro op te leggen als eigenaar Pronk zijn terras niet zou weg halen.
Het was die beslissing waartegen hij bezwaar maakte en waardoor hij zich genoodzaakt zag de juridische weg te bewandelen. Die leidde hem naast de Haarlemse rechtbank langs aardig wat aan-dacht in de media. Door dit alles ervaarde hij een hoop stress en zelfs slapeloze nachten. Pronk vertelt: „Het heeft veel te lang geduurd voordat de gemeente hier een klap op heeft gegeven. Hoe kun je iemand van 26 april tot en met 12 juni laten bungelen? Dat is toch waardeloos? Zo'n zaak gaat je niet in je koude kleren zitten."
Volgens Pronk was dit helemaal niet nodig geweest. De gemeente had zich volgens hem ook van te-voren kunnen realiseren dat de uitbreiding binnen het bestem-mingsplan past. En dat -zoals hij zegt- niemand last heeft van het terras. Dit had hem de genoemde proceskosten kunnen besparen.
`Onbetamelijk'
Een deel van de brief waar Pronk eveneens moeite mee heeft, is die over een eventuele legalisatie: `als eigenaar van de grond geven wij geen privaatrechtelijke toestemming voor de bouw van het terras, ook al past het binnen het bestemmingsplan. De inbreuk op ons eigendomsrecht vinden wij in deze zaak onbetamelijk. Derhalve zijn wij als eigenaar van de grond niet bereid mee te werken aan een eventuele aanvraag ter legalisatie'. Pronk vindt dit standpunt niet passend bij de omgang met collega's van hem binnen Edam-Volendam.
„Hen wordt voorgehouden dat indien het allemaal goed verloopt, men gaat zorgen dat hun terras permanent kan blijven. Ik vind het belachelijk dat ze dan mij nog even zo'n sneer geven. Die voegt helemaal niks toe aan de brief. Verder houdt deze uitspraak natuurlijk geen stand bij wat voor rechter dan ook. Je kunt niet zeggen dat het terras binnen het bestemmingsplan past, het vervolgens gedogen en dan nu al melden: we gaan het niet legaliseren. De rechter zei ook: 'als je het twee jaar gedoogd hebt, dan heeft waarschijnlijk niemand er last van'. Hij vroeg zich daarom af waarom de gemeente niet overging tot legalisatie. Dan verwacht je niet deze stelligheid in een brief."
Pronk vindt het bovendien onterecht dat de gemeente stelt dat hij inbreuk pleegde op het eigen-domsrecht van de gemeente. Hij kreeg zelf toestemming om zijn terras uit te breiden en maakte daar gebruik van. „Dan moet je niet zeggen dat ik het privaatrecht geschonden heb, want dit mocht namelijk." Ondanks alles is hij tevreden met het feit dat zijn terrasuitbreiding in ieder geval voorlopig mag blijven. „Ik ben blij dat iemand mij eindelijk eens een keer gelijk heeft gegeven. Toch is dit volgens mij niet de kant die we op moeten als samenleving. Als ik net was begonnen als ondernemer, had ik niet veel kans gehad in deze zaak. Niet iedereen heeft zomaar duizenden euro's in z'n zak. Want dat heeft het mij gekost naast al het genoemde leed."
Pronks advocaat mr. Bert Creemers ziet de brief van de gemeente als een 'knieval'. Creemers: „Die maken ze door te zeggen dat het juridisch niet klopte. Voor de gemeente zal het wel even slikken zijn dat ze hun huiswerk niet goed gedaan hebben. Er was ook geen andere weg dan het toe te geven, want het terras is gewoon niet in strijd met het bestemmingsplan. Wat de lokale overheid aangeeft over de legalisatie en de kwalificatie 'onbetamelijk', dat slaat helemaal nergens op. Dit is een beetje kinnesinne en dat moeten ze niet volhouden, want dit is niet reëel."
Creemers hoopt dat ook de politiek inziet wat hier volgens hem is misgegaan. „Ik hoop dat die de ambtenaren corrigeert. Want het zijn vaak zij die dit soort dingen bedenken. In juridische kringen noemen we hen vaak de 'vierde macht', naast de gebruikelijke trias politica. De rechtspraak staat daar vaak haaks op. Ambtenaren proberen zich vervolgens te verschuilen achter het College, dat er soms heel anders over denkt. Dat hoop ik ook in dit geval en dat deze situatie zo snel mogelijk definitief wordt opgelost."
