Naar de inhoud

Amsterdamse plastic in de afvalbak: ‘Nog enorm veel winst te behalen’

Bron: Parool

"Verpakt in manshoge balen staat afvalplastic opgestapeld voor een fabriek die voluit Plastic Recycling Amsterdam heet. En dat is precies wat deze dochteronderneming van Umincorp hier in de Amsterdamse haven doet.

In de balen zijn shampooflacons en frisdrankflessen herkenbaar, maar ook een knijpfles voor knoflooksaus en het omhulsel van een vrieslolly. Het is allemaal uit het afval van de vier grote steden gevist door reusachtige sorteerfabrieken zoals de scheidingsinstallatie (SI) van afval-energiebedrijf AEB, even verderop.

Geen Amsterdammer die ook maar een stukje afvalplastic uit het vuur van de vuilverbranding kan redden – net als de gemeenten Rotterdam en Utrecht is Amsterdam gestopt met aparte vuilcontainers voor plastic en drankenkartons. Toch is het in balen samengeperste plastic hard op weg om gerecycled te worden tot nieuw verpakkingsmateriaal. Een deel daarvan zal, en dat is bijzonder, worden gebruikt voor voedselverpakkingen.

Tot dusver wil het niet zo vlotten met de ambities voor een volledig circulaire economie waarin van afval weer grondstoffen worden gemaakt. Het Planbureau voor de Leefomgeving waarschuwt dat de gestelde doelen uit het zicht dreigen te raken. Als er niet snel wat verandert, wordt het onhaalbaar om in 2050 volledig circulair te zijn of het grondstoffenverbruik per 2030 te halveren.

Het roept de vraag op of het de goede kant opgaat met de recycling van het Amsterdamse afval. Voor het antwoord volgen we de route die door Amsterdammers weggegooid plastic aflegt voorbij de vuilnisbak.

Zeven, zuigen en spugen

De reis begint bij afvalenergiebedrijf AEB, waar de SI 250.000 ton huisvuil per jaar verwerkt – uit Amsterdam, maar ook uit Landsmeer en Ouder-Amstel. In 2019 was deze dure, maar met kinderziektes worstelende machine onderdeel van het probleemdossier AEB, dat toen aan de rand van de afgrond bungelde. Inmiddels werkt de SI naar tevredenheid, zegt Edward Iemenschot van AEB, al is de machine wel toe aan vervangingsinvesteringen.

De lopende banden kunnen 40.000 kilo afval per uur verwerken. Met infrarood uitgeruste elektronische ogen herkennen papier, ijzer en overige metalen, plastic folies, drankenkartons en harde, ‘vormvaste’ kunststoffen zoals PET-plastic. De machine zeeft, zuigt en spuugt alle afvalstromen naar hun eigen opvangbak.

Metaal gaat naar een schroothandelaar. Folies en drankenkartons gaan direct naar een recyclebedrijf – binnen Europa, zo is de afspraak met het Afvalfonds Verpakkingen, een stichting die bij fabrikanten verplicht de kosten in rekening brengt voor de verwerking van het verpakkingsafval van hun producten.

De ‘vormvaste’ plastics zijn een ander verhaal. Omdat recyclebedrijven geen belangstelling hadden voor ‘PET-trays’ – schaaltjes waar vlees, vis en fruit in worden verpakt – eindigden die in de beginjaren van de SI alsnog in de afvalovens.

Kunststoffenmix

Recycling van vooral deze harde plastics is namelijk knap ingewikkeld. Wat overblijft na het scheiden door burgers thuis of door sorteerfabrieken, is een mix van sterk uiteenlopende kunststoffen met allerlei additieven, kleuren en eigenschappen. Gescheiden opgehaald plastic afval eindigde daarom nogal eens op een eindeloze opslagberg bij recyclebedrijven of zelfs alsnog in de verbrandingsoven, meldde het Centraal Planbureau al in 2017.

De waarde van deze plastics is beperkt. Als grondstof is het laagwaardig en het bermpaaltje werd een gevleugelde uitdrukking voor het enige wat je van dit afvalplastic nog kon maken.

Gaat het nu beter? Volgens AEB wel. Inmiddels haalt de SI tienduizend ton folies per jaar uit het Amsterdamse huisvuil, evenals zevenduizend ton metaal en tweeduizend ton drankenkartons. Aan vormvaste plastics komt er nog zo’n tienduizend ton bij, inclusief de PET-trays. Papier kan de SI er ook uit halen, tienduizend ton per jaar, maar de afzetmarkt daarvoor wordt zeer beperkt genoemd.

Het totaal aan door de SI gescheiden afvalstoffen komt op zo’n 14 procent, zegt Iemenschot. Dat is even schrikken. Van het Amsterdamse huisvuil gaat dus 86 procent alsnog bij AEB de verbrandingsoven in. Dat is wel een heel groot verschil met plattelandsgemeenten waar door fanatieke afvalscheiding door de inwoners thuis soms maar 10 procent wordt verbrand.

AEB staat momenteel te koop, maar zonder de SI. Die wil de gemeente, 100 procent eigenaar van AEB, graag zelf houden omdat het stadsbestuur kennelijk gelooft dat er meer uit het Amsterdamse afval te halen valt.

De verkoop van het plastic en alle andere grondstoffen uit de SI laat AEB over aan het Afvalfonds, dat namens alle Nederlandse bedrijven de recycling bekostigt.

Etensresten

Volgens Iemenschot is het kleine percentage best te verklaren: met een groot deel van het afval kan de SI niet overweg. Alles wat kleiner is dan 7 centimeter glipt door de mazen van het net. Ook al het natte en daarom zware organische afval gaat de verbrandingsoven in. Hopelijk wordt dit de komende jaren minder als Amsterdam alsnog komt met aparte afvalbakken voor etensresten. “Als dit, maar ook papier, textiel en glas, goed in aparte containers wordt gegooid, is daar nog enorm veel winst te behalen,” zegt Iemenschot.

Oorspronkelijk was het de bedoeling de SI ook organisch afval te laten scheiden. Daarvoor zou AEB dan nog een vergister en een groengasinstallatie bouwen, waarmee het scheidingspercentage zelfs richting de 65 procent zou gaan. Door de problemen bij AEB is het er nooit van gekomen, maar dat kan alsnog, zegt Iemenschot.

Punt is wel: het milieurendement kan goed zijn, maar het scheiden van afvalstromen moet ook financieel rendabel zijn. Dat struikelblok doemt ook op bij andere grondstoffen die de SI uit het Amsterdamse afval haalt.

Een actueel voorbeeld: drankenkartons eindigden lang alsnog in de verbrandingsoven omdat er geen koper voor was. Vanwege de torenhoge energieprijzen was een recyclebedrijf gestopt en de nieuwe, Duitse afnemer had niet meteen de benodigde exportvergunning. Door de SI uit het huisvuil gehaald papier is eveneens minder gewild als gevolg van de daling van de papierprijs. Het is een deel van de verklaring waarom de afvalscheiding in Amsterdam vorig jaar niet verbeterde maar achteruitging, van 34 naar 33 procent.

De verkoop van het plastic en alle andere grondstoffen uit de SI laat AEB over aan het Afvalfonds, dat namens alle Nederlandse bedrijven de recycling bekostigt. Daar ligt dan ook het afzetrisico – niet bij AEB. Het Afvalfonds wil uiterlijk in 2050 alleen nog fossielvrije, circulaire verpakkingen. Goed recyclebare verpakkingen worden daarom gestimuleerd met bijvoorbeeld een korting voor verpakkingen die uit één materiaalsoort bestaan. Volgens het Afvalfonds is er de laatste jaren veel verbeterd doordat PET-trays transparant zijn en vaker maar één soort plastic bevatten.

Circulariteitsmythe

Toch geeft het te denken dat het scheidingspercentage in Amsterdam zo klein uitvalt en dat verreweg het grootste deel van het huisvuil voorbij de SI alsnog in de verbrandingsoven belandt. Is dit nou het begin van een circulaire economie?

De Amsterdamse filosoof Lisa Doeland kan dat ideaal niet serieus nemen, schrijft ze in haar recent verschenen boek Apocalypsofie. Ze spreekt van ‘een mythe van circulariteit’ die ons geweten moet sussen met ‘de geruststellende overtuiging dat je geen afval produceert, maar onderdeel uitmaakt van een kringloop’.

“Het is pijnlijk hoe ik in Amsterdam met mijn afval moet omgaan,” zegt Doeland, die doceert aan de Universiteit van Amsterdam en promoveert op de filosofie achter afval. Alleen al intuïtief klopt het van geen kant, zegt zij, dat biologisch afbreekbare stoffen in één vuilniszak verdwijnen met plastic. Het kapitalistische systeem is gericht op meer consumptie en groei, wat naar haar smaak onverenigbaar is met een circulaire economie. De toegenomen efficiëntie door recycling wordt niet gebruikt om te minderen, maar om méér te produceren met evenveel grondstoffen, zegt Doeland. “Aan het voorkomen van afval valt niets te verdienen.”

Of wordt het langzaam maar zeker toch iets met de circulaire economie? Bij Umincorp geloven ze er nog in. De scheidingsfabriek in de Amsterdamse haven levert per jaar al meer dan 20.000 ton gerecycled plastic en kan worden beschouwd als het antwoord op de plasticmix waar behalve de bijna spreekwoordelijke bermpaaltjes weinig van te maken valt.

Magneetbaden

Voordat het tot sorteren komt, worden de plastics in deze fabriek eindeloos gewassen, versnipperd en vermalen tot vlokken kleiner dan een centimeter. Umincorp, een spin-off van TU Delft, ziet het als een noodzakelijke tussenstap om de sterk verschillende plasticsoorten HDPE, PP, PS en PET te scheiden. Neem bijvoorbeeld een frisdrankfles van PET-plastic, zegt Umincorpdirecteur Arjen Wittekoek. De dop is vaak van het hardere PP.

In de jonge Amsterdamse fabriek gaan de vlokken kopje onder in magneetbaden. Daarin worden de verschillende plasticsoorten op basis van hun soortelijk gewicht uiteengedreven. Umincorp slaagt erin 86 procent van de plasticmix te scheiden in hoogwaardige, bruikbare grondstoffen. Van het restant kunnen altijd nog pallets en tuinmeubelen worden gemaakt.

Extra hoopgevend is dat de hergebruikte plastics zelfs terugkomen in voedselverpakkingen. Daarvoor gelden extra strenge regels. Eerst ontmoette Umincorp nog veel scepsis, omdat wie goed kijkt aan de kleur van de nieuwe PET-trays kan zien dat ze voor een flink deel bestaan uit gerecycled plastic. Toen Albert Heijn geen klachten kreeg, kwam het zelfs op de verpakking te staan, vertelt Wittekoek.

Toch heeft Umincorp nog heel wat hobbels te nemen. Als grondstof moet het gerecyclede plastic opboksen tegen nieuw plastic uit aardolie, in jargon: virgin plastics. “De virginprijzen zijn krankzinnig laag. Daar kun je niet tegenop recyclen,” zegt Wittekoek. “Zo gaan we onze circulaire doelstellingen niet bestendigen.”

Demissionair klimaatminister Rob Jetten heeft al aangekondigd dat hij fabrikanten vanaf 2030 wil verplichten 25 tot 30 procent aan gerecycled plastic te gebruiken. Jetten wil daarnaast dat het verbranden van afval duurder wordt.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.