Geachte leden van de raad,
Met deze brief informeren wij u over het besluit van het college om de beleidsregels voor het eerder aanvragen van transportcapaciteit vast te stellen. Daarbij lichten wij toe waarom hiervoor tijdens het zomerreces een extra collegevergadering noodzakelijk was, welke besluiten zijn genomen en welke stappen de gemeente vóór 1 oktober 2026 moet doorlopen.
Over de bredere problematiek van netcongestie, de gevolgen voor ruimtelijke en maatschappelijke ontwikkelingen en de structurele gemeentelijke aanpak ontvangt u een afzonderlijke raadsinformatiebrief getiteld ‘RIB Netcongestie gevolgen voor Edam-Volendam’. Wij raden aan om eerst de raadsinformatiebrief ‘Netcongestie: gevolgen voor Edam-Volendam’ te lezen voordat u deze brief doorleest. Deze brief richt zich specifiek op de uitzonderlijke en tijd-kritische besluitvorming rond de werkwijze Eerder Aanvragen.
Aanleiding voor het besluit
In de eerste twee weken van oktober 2026 krijgen gemeenten de mogelijkheid om voor bepaalde toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen eerder in het planproces transportcapaciteit aan te vragen. Deze werkwijze is in eerste instantie van belang voor woningbouw aangevuld met bepaalde vormen van onderwijshuisvesting. Projecten moeten voldoen aan de voorwaarden van het landelijke prioriteringskader.
Tot nu toe kon een aanvraag voor transportcapaciteit vaak pas worden ingediend wanneer een project al relatief ver was ontwikkeld. In een situatie van netcongestie kan dit ertoe leiden dat een project pas laat op de wachtlijst van de netbeheerder terechtkomt, terwijl al aanzienlijke investeringen zijn gedaan in grond, planvorming, onderzoeken, vergunningen en aanbesteding.
Met Eerder Aanvragen kan de gemeente voor daarvoor in aanmerking komende projecten al in een eerdere planfase een transportverzoek indienen. Dit kan per afzonderlijke projectfase en tot maximaal tien jaar vooruit.
De werkwijze biedt geen garantie dat capaciteit beschikbaar komt, maar kan er wel voor zorgen dat projecten eerder op de wachtlijst worden geplaatst. Ook krijgt de netbeheerder eerder inzicht in de toekomstige elektriciteitsvraag.
Waarom gemeentelijke beleidsregels noodzakelijk zijn
De gemeente kan niet zonder vooraf vastgesteld kader bepalen welke projecten als eerste bij de netbeheerder worden ingediend.
Binnen dezelfde landelijke prioriteitscategorie is het moment waarop een volledig transportverzoek bij de netbeheerder wordt ingediend van belang voor de onderlinge positie op de wachtlijst. Een gemeentelijke keuze om het ene project vóór het andere in te dienen kan daarom directe gevolgen hebben voor initiatiefnemers.
De gemeente handelt bij het aanvragen van transportcapaciteit privaatrechtelijk. Ook bij privaatrechtelijk handelen is zij gehouden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Dit betekent onder meer dat zij initiatiefnemers gelijk en zorgvuldig moet behandelen, gemaakte keuzes deugdelijk moet motiveren en de gevolgen daarvan moet meewegen.
Dit betekent dat gemeentelijke projecten, woningcorporaties, maatschappelijke instellingen en private initiatiefnemers op basis van vooraf objectieve en toetsbare criteria moeten worden behandeld.
De beleidsregels bepalen welke projecten voor gemeentelijke indiening in aanmerking komen, welke informatie en bewijsstukken daarvoor nodig zijn en hoe de projecten worden beoordeeld en gerangschikt. Ook regelen zij de gelijke behandeling van gemeentelijke en private projecten, de vaststelling van de voorlopige en definitieve volgordelijst, de mogelijkheid om heroverweging te verzoeken en de financiële en juridische voorwaarden waaronder de gemeente een aanvraag indient. Ten slotte is geregeld hoe wordt omgegaan met wijzigingen of intrekking van een project.
De netbeheerder blijft bevoegd om te bepalen of een project aan de landelijke voorwaarden voor maatschappelijke prioriteit voldoet en of transportcapaciteit beschikbaar wordt gesteld. De gemeente bepaalt uitsluitend welke aanvragen zij indient en in welke volgorde zij dit doet.
Uitzonderlijke tijdsdruk
De voorbereidingstijd voor deze besluitvorming is zeer beperkt geweest.
De definitieve modelbeleidsregels van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten zijn pas op 8 juli 2026 beschikbaar gekomen. Pas vanaf dat moment kon de gemeente de juridische en procedurele consequenties van de nieuwe werkwijze volledig beoordelen en de lokale beleidsregels afronden.
Kort daarna is bovendien duidelijk geworden dat de eerder voorziene provinciale coördinatie van de gemeentelijke aanvragen niet op de beoogde wijze doorgaat. Gemeenten moeten daardoor zelf de beleidsregels vaststellen, de aanvraagprocedure organiseren, initiatiefnemers informeren en de projectdossiers verzamelen en beoordelen. Ook zijn gemeenten zelf verantwoordelijk voor de volgordelijst, de financiële afspraken, de bestuursverklaringen en de afstemming van de feitelijke indiening met andere gemeenten.
Tegelijkertijd staat de landelijke startdatum van 1 oktober 2026 vast.
Voor 1 oktober moeten de beleidsregels worden gepubliceerd, moet de aanvraagronde worden opengesteld en moeten initiatiefnemers hun projectdossiers kunnen indienen. Vervolgens moet de gemeente de dossiers op volledigheid en inhoud beoordelen, een voorlopige volgordelijst vaststellen, verzoeken om heroverweging behandelen en de definitieve lijst vaststellen. Daarna zijn nog regionale afstemming, financiële en juridische controles en de voorbereiding van de daadwerkelijke indiening nodig.
Wanneer de besluitvorming zou zijn uitgesteld tot een reguliere collegevergadering na het zomerreces, zou onvoldoende tijd resteren om deze procedure zorgvuldig vóór 1 oktober te doorlopen. Om die reden is een extra collegevergadering ingepland.
Besluitvorming tijdens het zomerreces
Het college is zich ervan bewust dat besluitvorming tijdens het zomerreces alleen aan de orde moet zijn wanneer uitstel niet verantwoord is.
In dit geval heeft het college vastgesteld dat sprake was van een combinatie van omstandigheden die versnelde besluitvorming noodzakelijk maakte:
- De landelijke startdatum van 1 oktober 2026;
- Het late beschikbaar komen van de definitieve VNG-modelbeleidsregels;
- De noodzakelijke openbare aanvraag- en beoordelingsprocedure;
- Het belang om gemeentelijke en private projecten tijdig en op gelijke wijze te kunnen behandelen;
- Het risico dat projecten bij latere indiening een minder gunstige positie op de wachtlijst krijgen.
Het college heeft daarom besloten de beleidsregels in een extra vergadering vast te stellen. Hiermee wordt voorkomen dat de gemeente uitsluitend door het moment waarop landelijke informatie beschikbaar kwam geen gebruik kan maken van de nieuwe aanvraagmogelijkheid.
De versnelde besluitvorming betekent niet dat wordt afgezien van een zorgvuldige uitvoering. De beleidsregels bevatten juist waarborgen voor transparantie, gelijke behandeling, onafhankelijke beoordeling, motivering en heroverweging.
Wat heeft het college besloten?
Het college heeft besloten:
- De Beleidsregels gemeentelijke prioritering transportcapaciteit Eerder Aanvragen gemeente Edam-Volendam 2026 vast te stellen;
- Een openbare aanvraagronde te organiseren voor projecten die voor gemeentelijke indiening in aanmerking kunnen komen;
- Per project een volledig dossier en een controleerbare technische, juridische en financiële onderbouwing te verlangen;
- Gemeentelijke en private projecten volgens dezelfde criteria en binnen dezelfde procedure te beoordelen;
- medewerkers die niet rechtstreeks betrokken zijn bij de voorbereiding, ontwikkeling of uitvoering van het betreffende project.
- Eerst een voorlopige en daarna een definitieve gemeentelijke volgordelijst vast te stellen;
- Initiatiefnemers gelegenheid te geven om binnen een beperkte termijn gemotiveerd om heroverweging van de voorlopige beoordeling te verzoeken;
- De gemeentesecretaris mandaat te verlenen om de aanvragen, bestuursverklaringen en bijbehorende stukken overeenkomstig de vastgestelde definitieve volgordelijst te ondertekenen en in te dienen;
- Uitsluitend aanvragen in te dienen waarvoor de financiële verplichtingen en risico’s vooraf voldoende zijn afgedekt;
De gemeentesecretaris krijgt geen bevoegdheid om zelfstandig van de door het college vastgestelde volgorde af te wijken.
Lokale invulling van het wegingskader
Het college heeft ervoor gekozen de juridische en procedurele opbouw van het VNG-model te gebruiken, maar het standaardwegingskader niet ongewijzigd over te nemen.
Het VNG-model legt in de rangschikking vooral nadruk op de geplande start van de bouw en de formele projectrijpheid. Deze aspecten blijven relevant, maar geven naar het oordeel van het college onvoldoende inzicht in de maatschappelijke betekenis en het doelmatige gebruik van schaarse transportcapaciteit.
In het lokale kader wordt daarom ook nadrukkelijk gekeken naar:
- De maatschappelijke urgentie van een voorziening;
- De continuïteit van onderwijs en andere noodzakelijke maatschappelijke functies;
- De netto toevoeging van nieuwe woningen;
- Het aandeel sociale en betaalbare woningbouw;
- Huisvesting van aandachtsgroepen;
- De realisatiezekerheid;
- De datum waarop de transportcapaciteit daadwerkelijk nodig is;
- Het aangevraagde vermogen;
- Netbewust en doelmatig energiegebruik;
- De strategische en ruimtelijke betekenis van het project.
Voor voldoende concrete projecten voor primair, speciaal en voortgezet onderwijs is een voorrangsregel opgenomen. Deze geldt onder andere wanneer de gevraagde capaciteit noodzakelijk is om sluiting of onderbreking van onderwijs te voorkomen of om een aantoonbaar capaciteitstekort op te lossen.
Ook voor wettelijk omschreven opvang- en collectieve woonvormen voor kwetsbare doelgroepen kan een maatschappelijke voorrangspositie gelden, voor zover het project onder een functie uit het landelijke prioriteringskader valt en aan de bijbehorende bewijsvereisten voldoet.
De gemeentelijke voorrang betreft uitsluitend de gemeentelijke indieningsvolgorde. De landelijke prioriteitscategorie en de uiteindelijke toekenning worden door de netbeheerder bepaald.
Gelijke behandeling van projecten
De gemeente kan bij een eigen project tegelijkertijd initiatiefnemer, contractspartij en beoordelaar zijn. Dit kan leiden tot belangenverstrengeling of de schijn daarvan.
De beleidsregels bepalen daarom dat gemeentelijke projecten geen automatische voorkeurspositie krijgen en dat voor gemeentelijke en private projecten dezelfde termijnen, dossiervereisten en beoordelingscriteria gelden. Ieder dossier wordt beoordeeld door ten minste twee medewerkers die niet rechtstreeks bij het betreffende project betrokken zijn. Mogelijke belangenverstrengeling of de schijn daarvan wordt vooraf gemeld en de beoordeling en motivering worden per project schriftelijk vastgelegd. De positie van gemeentelijke projecten wordt op dezelfde wijze gemotiveerd als de positie van projecten van derden.
Hiermee wordt voorkomen dat projecten worden bevoordeeld vanwege gemeentelijk eigendom, gemeentelijke betrokkenheid of bestuurlijke belangstelling.
Procedure voor initiatiefnemers
Na publicatie van de beleidsregels opent de gemeente een openbare aanvraagronde.
Bekende woningbouwontwikkelaars, woningcorporaties, onderwijsinstellingen, relevante maatschappelijke organisaties en gemeentelijke projectorganisaties worden actief geïnformeerd. Ook wordt de procedure openbaar gemaakt, zodat andere belanghebbenden binnen de vastgestelde termijn een dossier kunnen indienen.
De procedure bestaat uit de volgende stappen:
- De initiatiefnemer dient een projectdossier in;
- De gemeente toetst het dossier op volledigheid;
- Een onafhankelijk beoordelingsteam beoordeelt het project;
- Het college stelt een voorlopige volgordelijst vast;
- Initiatiefnemers kunnen binnen tien kalenderdagen om heroverweging verzoeken;
- Het college verwerkt eventuele gegronde verzoeken en stelt de definitieve volgordelijst vast;
- De aanvragen worden overeenkomstig deze lijst voorbereid en ingediend.
Nieuwe informatie die pas na de sluiting van de aanvraagronde ontstaat, wordt in beginsel niet alsnog gebruikt om de positie in dezelfde ronde te verbeteren. Daarmee wordt voorkomen dat de spelregels tijdens de procedure veranderen.
Individuele woningaansluitingen
De gemeentelijke procedure is niet bedoeld voor individuele eigenaren die uitsluitend een bestaande huisaansluiting willen verzwaren, bijvoorbeeld vanwege een warmtepomp of elektrificatie van de woning. Deze aanvragen kunnen rechtstreeks door de eigenaar of gebruiker bij de netbeheerder ingediend worden. Zij worden niet opgenomen in de gemeentelijke volgordelijst voor toekomstige projecten.
Wanneer door splitsing, transformatie of herontwikkeling wel nieuwe zelfstandige woningen worden gerealiseerd, kan sprake zijn van een woningbouwproject dat binnen de gemeentelijke aanvraagprocedure valt.
Bestuursverklaring en gemeentelijke verantwoordelijkheid
Voor verschillende maatschappelijke prioriteitsfuncties moet een bestuursverklaring worden afgegeven.
In de bestuursverklaring moet onder meer worden bevestigd dat de gevraagde transportcapaciteit noodzakelijk is voor de betreffende maatschappelijke functie en dat het project zonder deze capaciteit niet kan starten of worden voortgezet. Ook moet aannemelijk zijn dat het project na toekenning op korte termijn wordt uitgevoerd en dat de voorgeschreven bewijsstukken volledig en naar waarheid zijn aangeleverd.
Dit brengt een verantwoordelijkheid voor de gemeente mee. De gemeente kan niet uitsluitend afgaan op informatie van een initiatiefnemer, maar moet deze informatie zorgvuldig controleren.
De gemeentesecretaris wordt gemandateerd om de bestuursverklaringen te ondertekenen. De gemeentesecretaris ondertekent uitsluitend bestuursverklaringen voor projecten die op de definitieve volgordelijst staan, over een volledig dossier beschikken, overeenkomstig de beleidsregels zijn beoordeeld en waarvoor de noodzakelijke interne controles en financiële dekking zijn geregeld.
Financiële gevolgen
Met het indienen en aanvaarden van een transportverzoek ontstaan financiële verplichtingen voor de gemeente als formele aanvrager.
De gezamenlijke netbeheerders hebben aangegeven dat gemeenten die gebruikmaken van de werkwijze Eerder Aanvragen naar verwachting in het derde kwartaal van 2026 een offerte ontvangen. Deze offerte heeft betrekking op 100% van de geraamde aansluitkosten. Om de aanvraag voort te zetten en het project op de wachtlijst te plaatsen, moet de offerte namens de gemeente worden ondertekend.
Na ondertekening is een aanbetaling van 20% van het offertebedrag verschuldigd. De netbeheerders hebben afgesproken dat gemeenten de factuur voor deze aanbetaling op 1 oktober 2027 ontvangen. Hierdoor ontstaat tijd om de financiële gevolgen per project inzichtelijk te maken en, wanneer daarvoor geen bestaande dekking aanwezig is, tijdig een voorstel aan de gemeenteraad voor te leggen.
De resterende 80% van de aansluitkosten wordt niet direct bij plaatsing op de wachtlijst in rekening gebracht. Het moment waarop deze kosten verschuldigd zijn is afhankelijk van de verdere contractuele afspraken, de planning van de aansluiting en de voorwaarden van de netbeheerder.
De exacte financiële gevolgen worden daarom per project afzonderlijk vastgesteld. Per project wordt vastgesteld wat de totale geoffreerde aansluitkosten en de aanbetaling van 20% bedragen, wanneer de overige kosten naar verwachting verschuldigd worden en welke kosten kunnen ontstaan bij wijziging, vertraging of intrekking. Ook wordt vooraf vastgelegd welke partij de kosten en risico’s draagt en op welke wijze de benodigde dekking wordt geregeld.
Bij projecten van derden draagt de initiatiefnemer alle aan de aanvraag verbonden kosten en risico’s. Voordat de gemeente een offerte ondertekent, moet de initiatiefnemer schriftelijk met de financiële verplichtingen hebben ingestemd en de gemeente tijdig in staat stellen de aanbetaling en overige kosten te voldoen. Waar nodig moet de initiatiefnemer financiële zekerheid stellen. Wijzigings- en annuleringskosten komen voor rekening van de initiatiefnemer en de gemeente wordt gevrijwaard voor financiële gevolgen die ontstaan door onjuiste, onvolledige of gewijzigde projectinformatie.
Deze afspraken worden vooraf schriftelijk vastgelegd in een overeenkomst met de initiatiefnemer. De gemeente ondertekent geen offerte voor een project van een derde zolang de betaling en de financiële risico’s niet voldoende zijn afgedekt.
Voor gemeentelijke projecten moet dekking aanwezig zijn binnen een bestaand projectbudget of via een afzonderlijk door de raad beschikbaar te stellen budget.
De VNG heeft de begrotings- en balansverwerking van de aanbetaling voorgelegd aan de Commissie BBV. Bij de verdere financiële uitwerking wordt aangesloten bij de meest actuele richtlijnen van de VNG en de Commissie BBV. Per aanvraag wordt in overleg met Financiën bepaald hoe de verplichting begrotingstechnisch en administratief wordt verwerkt.
Het college gaat geen ongedekte financiële verplichtingen aan. Voordat de offertes namens de gemeente worden ondertekend, wordt per project vastgesteld of voldoende dekking en, waar nodig, een rechtsgeldig raadsbesluit aanwezig zijn. Indien aanvullende gemeentelijke middelen nodig zijn, wordt ruim vóór de factuurdatum van 1 oktober 2027 een afzonderlijk voorstel aan uw raad voorgelegd. Hiermee blijft het budgetrecht van de raad volledig gewaarborgd.
Regionale afstemming
De volgorde waarin Edam-Volendam projecten indient, kan niet los worden gezien van aanvragen uit andere gemeenten binnen hetzelfde congestiegebied.
Edam-Volendam, Purmerend en Waterland zijn voor delen van hun grondgebied afhankelijk van dezelfde elektriciteitsinfrastructuur. Wanneer gemeenten hun aanvragen niet afstemmen, bestaat het risico dat uitsluitend de technische snelheid van indiening bepalend wordt.
Nu de eerder beoogde provinciale coördinatie niet doorgaat, moeten de betrokken gemeenten zelf afspraken maken over de afstemming.
Planning
De planning voor de eerste aanvraagronde is op hoofdlijnen als volgt:
| Periode | Activiteit |
| 23 Juli 2026 | Vaststelling en publicatie beleidsregels |
| 28 Juli | Openstelling aanvraagronde en informeren initiatiefnemers |
| 30 Augustus 2026 | Sluiting aanvraagronde en volledigheidstoets |
| 31 Augustus– 2 september 2026 | Inhoudelijke beoordeling projectdossiers |
| 3 September 2026 | Vaststelling en publicatie voorlopige volgordelijst |
| 4-14September 2026 | Termijn en behandeling interne heroverweging |
| 15 September 2026 | Vaststelling definitieve volgordelijst |
| 18 September 2026 | Financiële controle en regionale afstemming |
| Vanaf 1 oktober 2026 | Indiening transport- en prioriteringsverzoeken |
De exacte data worden na vaststelling via de gemeentelijke website en rechtstreeks aan bekende initiatiefnemers bekendgemaakt.
Tot slot
De extra collegevergadering en de versnelde besluitvorming zijn ingegeven door een uitzonderlijke combinatie van een vaste landelijke startdatum, laat beschikbaar gekomen modelregels en gewijzigde afspraken over de coördinatie.
Het college achtte uitstel niet verantwoord, omdat hierdoor het risico zou ontstaan dat Edam-Volendam de nieuwe aanvraagmogelijkheid niet tijdig en zorgvuldig kan benutten. Dit zou nadelig kunnen zijn voor woningbouw-, onderwijs- en andere maatschappelijke projecten binnen onze gemeente.
Met de vastgestelde beleidsregels wordt een transparante, objectieve en controleerbare basis gelegd voor de eerste aanvraagronde. De regeling lost het tekort aan fysieke netcapaciteit niet op, maar stelt de gemeente in staat projecten tijdig, zorgvuldig en volgens vooraf vastgestelde criteria aan te melden.
Na afronding van de eerste aanvraagronde wordt de raad geïnformeerd over de uitkomsten, de financiële gevolgen. Indien aanvullende middelen noodzakelijk zijn wordt daarvoor een afzonderlijk voorstel aan de gemeenteraad voorgelegd.
Over de bredere gevolgen van netcongestie en de structurele gemeentelijke aanpak bent u afzonderlijk geïnformeerd.
Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet,
Het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam,
de secretaris, de burgemeester,
N.A. Hellingman-Kuiper R.J. Beukers.
