De komst van drie windturbines van maximaal 200 meter hoog bij de Noorder IJ-plas kan gevolgen hebben voor de haalbaarheid van 2.000 woningen in het Sluiskwartier. Daarvoor waarschuwt Zaanstad de provincie Noord-Holland per brief. Het college heeft de provincie gevraagd om bij een nieuw besluit over de turbines nadrukkelijk rekening te houden met de Zaanse woningbouwplannen. Van de brief aan Gedeputeerde Staten heeft Amsterdam een afschrift gekregen. Aanleiding is de nieuwe ronde in een dossier dat al jaren speelt. De provincie moet opnieuw beslissen over drie geplande windturbines rond de Noorder IJ-plas, vlak op de grens met Zaanstad en Oostzaan. Zaanstad wil dat daarbij niet alleen naar de windturbines wordt gekeken, maar nadrukkelijk ook naar wat er aan de Zaanse kant van de gemeentegrens staat te gebeuren. Daar moet namelijk een nieuwe woonwijk verrijzen.
2.000 woningen
Het gaat om het Sluiskwartier, onderdeel van de Achtersluispolder. Het noordoostelijke deel van het bedrijventerrein moet veranderen in een hoogstedelijk gebied van ongeveer tien hectare waar wonen en werken worden gecombineerd. Er zijn daar zo’n 2.000 woningen bedacht. Die plannen zijn een stuk concreter dan toen eerder over de windturbines werd besloten. In januari 2025 stelde de gemeenteraad het Perspectief Achtersluispolder en de startnotitie voor het Sluiskwartier vast. In dat jaar wees de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening het gebied aan als ‘doorbraaklocatie’ voor woningbouw.
Daar kwam vervolgens geld bij. In november 2025 besloten de ministers van VRO en Infrastructuur en Waterstaat € 64 miljoen beschikbaar te stellen voor HOV ZaanIJ en de Achtersluispolder. Die investering is bedoeld om de woningbouw in het Sluiskwartier mogelijk te maken. Zaanstad wijst de provincie erop dat over de woningbouw inmiddels op verschillende niveaus afspraken zijn gemaakt met het Rijk, de provincie en gemeenten binnen de Metropoolregio Amsterdam. En die afspraken kunnen in de knel komen als de windturbines er komen.
Slagschaduw, geluid en licht
Zaanstad verwijst daarbij naar het milieueffectrapport voor het windplan. Daaruit blijkt dat de turbines een negatief effect hebben op de leefomgeving. Het gaat onder meer om geluid, slagschaduw en mogelijk hinder door verlichting in de nacht. Dat speelt des te meer omdat in het Sluiskwartier woongebouwen tot 70 meter hoog zijn voorzien. Die kunnen vrij zicht krijgen op de turbines, die maximaal 200 meter hoog worden. Ook de natuur- en recreatiefunctie van de Noorder IJ-plas wordt volgens Zaanstad door de turbines beïnvloed. De gemeente trekt een stevige conclusie: plaatsing van de windturbines heeft volgens het college ‘consequenties voor de haalbaarheid van de woningbouwplannen in het Sluiskwartier’.
Sinds 2012
Het verzet van Zaanstad tegen windturbines op deze plek is niet nieuw. De gemeente zegt al sinds 2012 bij Amsterdam en de provincie aandacht te vragen voor de gevolgen voor de ontwikkeling van de Achtersluispolder. In mei 2023 bracht het college opnieuw een negatief advies uit over de vergunningaanvraag. De gemeenteraad liet in november van dat jaar aan Provinciale Staten weten tegen plaatsing van de turbines te zijn. Een onderzoek naar de economische gevolgen voor de woningbouw bood toen geen harde conclusies. De plannen voor het Sluiskwartier waren nog onvoldoende uitgewerkt en er waren te veel onzekerheden. Precies dat gebruikt Zaanstad nu als nieuw argument: inmiddels is er veel veranderd.
Streep door weigering
Dat Zaanstad nu opnieuw bij de provincie aanklopt, heeft alles te maken met een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 1 juni. De provincie had eerder geweigerd mee te werken aan de drie windturbines. De rechtbank zette een streep door die besluiten en droeg Provinciale Staten op een nieuw besluit te nemen over de verklaring van geen bedenkingen (VVGB). Gedeputeerde Staten moeten vervolgens opnieuw beslissen over de aanvraag voor de omgevingsvergunning. De provincie is tegen de uitspraak in hoger beroep gegaan bij de Raad van State, maar moet ondertussen wel nieuwe besluiten voorbereiden. Zaanstad wil ervoor zorgen dat daarbij wordt uitgegaan van de situatie van nú en niet van die van enkele jaren geleden.
Windmolens of woningen
Daarmee komen twee grote opgaven wel heel letterlijk naast elkaar te liggen. Amsterdam wil met de turbines bijdragen aan de opwekking van duurzame energie. Een paar honderd meter verder werkt Zaanstad aan een wijk met 2.000 woningen die moet bijdragen aan het terugdringen van de woningnood. Zaanstad waarschuwt ook dat het niet alleen om die woningen gaat. Als de turbines de plannen voor het Sluiskwartier in de weg zitten, kunnen volgens het college ook afspraken met Rijk en provincie mogelijk niet worden nagekomen: ‘Het niet kunnen nakomen van deze bestuurlijke afspraken doet afbreuk aan het vertrouwen dat nodig is voor een goede samenwerking.’
Het college wil daarom op korte termijn met de provincie om tafel om de plannen voor het Sluiskwartier toe te lichten. Ondertussen werkt Zaanstad verder aan die plannen. De ontwikkelvisie en het Ruimtelijk Programma van Eisen voor het Sluiskwartier moeten in het najaar van 2026 naar de gemeenteraad. En terwijl Zaanstad daar verder bouwt aan een wijk op papier, moet de provincie opnieuw bepalen of er, nèt, aan de andere kant van de gemeentegrens drie windturbines mogen komen.

De ene waanzin tegen de andere waanzin.
Fijn leven in de Provincie Moord-Holland.
Doet mij denken aan een ellenlange motie van VVD Edam-Volendam destijds, tegen hoogspanningsmasten. Die mochten niet door onze gemeente lopen. Ze willen wel de stroom natuurlijk, maar niet de masten.
Zo zien mensen kleine kerncentrales ook als alternatief voor windmolens. Zo van: “Doe mij er drie”. En vervolgens: “Één momentje, ik moet ze even van achteren pakken”. Die dingen zijn niet goedkoop en … ze zijn er nog niet. Pas rond 2040.
Kortom, je moet wat. Windmolens zijn niet mooi. We moeten stoppen met fossiel, we hebben netcongestie en de stroomvraag groeit. Tot we wat beters hebben bedacht ben ik vóór windmolens: op zee en op land. Zet ze zoveel mogelijk neer langs snelwegen.
John, denken jullie ook wel eens over thoriumcentrales? Elke provincie zijn eigen centrale?
De bouw ervan duurt slechts 5 tot 8 jaar en dan kunnen al die windmolens oogedoekt worden.