Er zit meer pfas in ons drinkwater dan de grens die het RIVM adviseert. Maar zelf kraanwater filteren heeft meer nadelen dan voordelen, zegt drinkwaterdeskundige Roberta Hofman. Pfas zijn misschien wel de meest beruchte chemische stoffen. Ze kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid van mens en milieu en zijn amper af te breken. Deze week concludeerde milieuorganisatie Greenpeace dat in grote delen van het westen van het land meer pfas in het drinkwater zit dan het RIVM adviseert. Heeft het zin om dat water thuis te filteren? Roberta Hofman, drinkwaterspecialist bij kennisinstituut KWR en lector innovatieve watersystemen bij de Hogeschool Utrecht, is ‘heel blij met die vraag’. “Want nee, dat kan niet”, vertelt ze telefonisch, uitgerekend vanaf een congres over pfas. “Maar de commerciële jongens van deze wereld spelen hier natuurlijk handig op in.”
Dikke laag actieve kool
Drinkwaterbedrijven werken al ‘met man en macht’ om de giftige stoffen zoveel mogelijk uit het water te krijgen, zegt Hofman. “Dat is verschrikkelijk moeilijk. We hebben die pfas gemaakt omdat ze mooie eigenschappen hebben, maar nu zitten we met het probleem dat ze niet af te breken zijn en overal doorheen kruipen.” Waterfilters, zo legt Hofman uit, werken vaak met actieve kool. Dat zit bijvoorbeeld vaak in waterkannen met een filter. Maar voor het water thuis uit de kraan komt, is het bij het drinkwaterbedrijf ook al langs een dikke laag actieve kool geweest. “Je moet je voorstellen dat je daar een laag van 5 meter hebt waar het water overheen gaat, en dan is het er nog niet uit. In thuisfilters zit 5 tot 10 centimeter kool. Denk je dat dat gaat helpen?” De eerste dag werkt zo’n filter misschien nog wel, zegt de deskundige. “Maar na een paar dagen slaat het er gewoon doorheen. Nee, dat werkt dus echt niet, en bovendien: als je zo’n ding een paar weken gebruikt, gaan er allerlei bacteriën op groeien.”
Geconcentreerd pfaswater
Filteren kan ook met omgekeerde osmose, waarbij water door een membraan – het filter dus – wordt geperst. Apparaten die je aansluit op de watertoevoer werken bijvoorbeeld vaak op die manier. “Die zijn heel ongunstig”, zegt Hofman. “Als je 10 liter water filtert, krijg je 3 liter schoon water. Dus je gooit 7 liter weg. Daarbij haal je alles uit je water, ook alle mineralen. Je haalt het kleine beetje pfas er wel uit, maar het is eigenlijk niet verstandig om het te drinken.”
Volgens de drinkwaterdeskundige is een totaalverbod op pfas de enige echte oplossing. Zelfs als de drinkwaterbedrijven uiteindelijk een goede manier zouden vinden om alle pfas eruit te kunnen filteren. “Met de technieken die nu beschikbaar zijn, houden we van elke 1000 liter filterwater 200 liter afvalwater met hoge concentratie pfas over. Wat gaan we daarmee doen? Dat kun je niet zomaar ergens lozen, want dan gooien we pfas in geconcentreerde vorm in de rivier. Dat is ook niet echt de bedoeling.”
Tot het zover is, zegt Hofman, kun je ongefilterd kraanwater gewoon blijven drinken. “Het liefst zou ik ook geen pfas in mijn drinkwater willen, maar het overgrote deel krijg je via een andere weg toch wel binnen. Het zit zelfs in de lucht. Filteren van water kost je heel veel geld, je gooit goed drinkwater weg, en als je de filters niet onderhoudt groeien er bacteriën. Bij een drinkwaterbedrijf geven ze voor minder een kookadvies. Dat is een groter gezondheidsrisico dan dat kleine beetje pfas.”
