Niet de brand, maar jij bepaalt de toekomst
Niet de brand, maar jij bepaalt de toekomst
Met het loslaten van veertien witte duiven vanaf een open vrachtauto die als podium dient, is gisteren een etmaal lang herdenken in Volendam afgesloten. Bijna niemand onder de honderden aanwezigen op het parkeerterrein voor de sporthal kan de tranen onderdrukken, als een voor een de namen van de overleden jongeren worden opgelezen. Broers, zussen, vrienden en vriendinnen, met het gezicht strak van verdriet, laten de duiven een voor een uit hun handen vliegen.
,,We sluiten een bizar jaar af, vol machteloosheid en woede. Ook vorig jaar wensten wij elkaar een gelukkig nieuwjaar. Die wensen bleken niks waard'', zei de ceremoniemeester tijdens de herdenking in sporthal De Opperdam even ervoor. De jongeren zitten op houten tribunes te luisteren naar covers van bekende liedjes van hele jonge plaatselijke bands, die ook elk een liedje speciaal voor de slachtoffers hebben geschreven. Het kleine podiumpje, de klimtoestellen op de achtergrond, geven de sfeer van een schoolfeest.
Tussendoor spreken twee vaders -van Fred Smit, die nog in het ziekenhuis ligt en een vader die zijn zoon verloor. Lou Snoek, een van de zwaarstverbrande jongeren, moedigt iedereen aan om door te gaan . ,,De brand heeft de toekomst niet uitgestippeld, de toekomst bepaal je zelf.'' Vader Smit herinnert aan die wanhopige nacht: ,,Huilend zoeken naar dat ene gezicht''.
De Volendammers herdachten samen. Dat gebeurde met twee aan de slachtoffers opgedragen missen in de St. Vincentiuskerk, een nachtwake en een jongerenbijeenkomst in de sporthal.
Burgemeester H. Bulte van Volendam-Edam probeert de bevolking moed in te spreken tijdens de mis. ,,Volendam moet zich ontworstelen aan de greep waarin de ramp ons houdt.'' Hij prijst de jongeren die soms na verlies van goede vrienden of maanden van revalidatie de draad weer oppakten. ,,Zij zijn een inspiratiebron voor anderen.'' Volendam kijkt terug op een turbulent jaar, van dreigende rechtszaken tegen café-eigenaar Veerman en de gemeente, burgemeester IJsselmuiden die aftrad en gewonden die soms maandenlang in het ziekenhuis lagen. De verwerking is nog maar net op gang gekomen, weet ook Bulte.
Even voor twaalf uur op deze nieuwjaarsnacht staan groepjes mensen zachtjes met elkaar te praten bij de graven, een aparte hoek op de begraafplaats. Iemand herschikt nog even de vele bloemen, hier en daar bedekt met een toefje sneeuw. In het dorp is het stil en donker, alle cafés zijn dicht. Ergens klinkt muziek, groepjes jongens steken wat knalvuurwerk af. Niet met bravoure dit keer, maar diep weggedoken in de kragen.
De kerk ziet er uitnodigend uit, voor alle ramen branden kaarsjes. Voor de deur staan vier brommertjes naast elkaar geparkeerd. Binnen is het uitbundig versierd met bomen met lichtjes, kerststal en kersttakken. En er hangen kleurenfoto's van de overleden jongeren. Druk is het niet. Af en toe lopen er mensen binnen, gaan even zitten of steken een waxinelichtje aan. Vrijwilligers van het Rode Kruis zijn in grote getale aanwezig in het dorp, voor een troostend woord, een zakdoek en om de cameramensen op niet mis te verstane manier op afstand te houden.
Klokslag twaalf uur beginnen de kerklokken te beieren. Roerloos staat de tot een veertigtal uitgegroeide groep op de platgetrapte sneeuw bij de graven. Boven hun hoofden licht de lucht rood en groen gekleurd op van het vuurwerk dat vooral in de nabijgelegen dorpen wordt afgestoken. Op de dijk voor café De Hemel vallen jongeren elkaar om twintig over twaalf huilend in de armen. Op dit tijdstip, precies een jaar geleden, vatte de kerstversiering vlam.
Pas de volgende middag gaan de cafés weer open. Een groepje jongeren staat voor de sporthal, ze vragen zich af wat te doen nu het om vier uur echt voorbij is. Velen zijn al sinds de ochtendmis van half elf aanwezig. ,,Cafés vind ik ongepast, die zijn open voor de toeristen, denk ik'', zegt een meisje. Spijt het haar dat nieuwjaar geen feest meer is? Een jongen haalt zijn schouders op. ,,Het zal ieder jaar iets minder pijn doen en dan kunnen we langzaam weer wat leuks doen.'' Als de jongeren in groepjes naar het centrum slenteren, rijden de eerste touringcars met Japanners en Amerikanen hen alweer voorbij.