Lijst van vragen en antwoorden inzake bluswater
Lijst van vragen en antwoorden inzake bluswater
De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 1) heeft de navolgende vragen over het nader antwoord van 8 januari 2002 van de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op schriftelijke vragen over een tekort aan bluswater (Aanhangsel Handelingen II, vergaderjaar 2001-2002 nr. 475) aan de regering voorgelegd. De regering heeft deze vragen beantwoord bij brief van 24 april 2002. De vragen en antwoorden zijn hieronder afgedrukt.
Vastgesteld door de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Vragen
1. Wanneer worden er resultaten verwacht van het onderzoek van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het College van Commandanten van Regionale Brandweren (CCRB) en de Nederlandse Vereniging van Brandweerkorpsen (NVBK) naar het aantal gemeenten dat een tekort aan bluswater heeft?
2. Waarom heeft de optie om de bluswatervoorziening in de Waterleidingwet op te nemen niet tot verdere uitwerking geleid?
3. Komen er wettelijke normen waarmee waterleidingbedrijven in verband met de bluswatercapaciteit rekening moeten houden bij de aanleg van leidingnetten? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wanneer?
4. Hoe is de verantwoordelijkheid van het college van B&W voor de beschikbaarheid van voldoende bluswatercapaciteit voor de brandweer te rijmen met het gebrek aan bevoegdheden ten opzichte van de waterleidingbedrijven in deze kwestie?
5. Welke rol ziet het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in dezen voor zichzelf weggelegd als systeemverantwoordelijke?
6. Zijn er nog meer (technische) alternatieven voor bluswatervoorziening naast de in het nader antwoord genoemde?
Antwoorden
1. Zowel de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) als het College van Commandanten van Regionale Brandweren (CCRB) en de Nederlandse Vereniging van BrandweerKorpsen (NVBK) hebben mij inmiddels bericht dat er geen probleem met de bluswatervoorziening is.
2. De VNG en de Vereniging van Exploitanten van Waterleidingbedrijven in Nederland (VEWIN) zijn van mening dat het goed mogelijk is voor gemeenten om met de waterleidingbedrijven afspraken te maken over de beschikbaarheid van voldoende bluswater.
3. Het is de overtuiging van de VNG en de VEWIN dat waterleidingbedrijven bereid zijn om in overleg met de gemeenten de noodzakelijke hoeveelheid bluswater te leveren. Een wettelijke norm is hiertoe niet noodzakelijk.
4. Het college van B&W heeft voldoende mogelijkheden om met waterleidingbedrijven tot overeenstemming te komen over de hoeveelheid te leveren bluswater. Het college kan waterleidingbedrijven niet op grond van een formele bevoegdheid verplichten tot levering van bluswater. Dit vormt volgens de verschillende belanghebbende organisaties echter geen belemmering om tot goede afspraken te komen.
5. De VNG zal BZK op de hoogte te houden van de ontwikkelingen in dit dossier. Ook zal het ministerie contact blijven houden met de branche-organisaties en het veld. Wanneer er problemen mochten dreigen met betrekking tot de beschikbaarheid van voldoende bluswater zullen de nodige stappen worden ondernomen teneinde deze problemen tijdig te voorkomen. Hierbij kan worden gedacht aan afspraken op landelijk niveau tussen de organisaties die de waterleidingbedrijven, de gemeenten en de brandweren vertegenwoordigen.
6. De brandweer maakt in de meeste gevallen gebruik van het waterleidingnet als bron van bluswater. Er zijn alternatieve bronnen in de vorm van open water (bijvoorbeeld uit vijvers, havens, meren of rivieren), geboorde putten of rioolwater. Bij de preparatie op mogelijke calamiteiten kan de beschikbaarheid van voldoende bluswater worden verzekerd door één of een combinatie van de mogelijke bronnen van bluswater te realiseren.