Naar de inhoud

Verplaatsing van horecavergunning Wir-War-Bar naar het naastgelegen pand voorkomt problemen

Bron: Lezers die schrijven in de NIVO

Verplaatsing van horecavergunning Wir-War-Bar naar het naastgelegen pand voorkomt  problemen
Burgemeester Bulte beweerde in de Nivo van vorige week dat het college van B&W de horecavergunning van de Wir-War-Bar wilde verplaatsen naar het naastgelegen pand. Hij vond het jammer dat de gemeenteraad dit voorstel tegen hield. Hij vertelde er echter niet bij dat zijn eigen CDA-fractie o.l.v. Peter Veerman het daar helemaal niet mee eens was evenals coalitiegenoten PvdA en VVD. De herijking van het horecabeleid zou volgens Bulte in december middels een rapport op tafel liggen. Dat heeft niet plaatsgevonden. In de gemeenteraad van 24 oktober 2002 heb ik ervoor gewaarschuwd dat de slachtoffers en onze jeugd de dupe zouden Worden van dit zig-zag beleid. Nu heeft de bareigenaar een verzoek bij de gemeente Ingediend om de Wir-War-Bar te voorzien van een goedgekeurde gebruiksvergunning. In de gemeenteraad is dit duidelijk verwoord maar er werd zoals gewoonlijk niet naar geluisterd. Het had anders gekund.

NotuIen uit de raadsvergadering van 24 oktober 2002:
‘De heer W.1.M. Keizer betoogt als volgt 24 september heeft u per brief uw standpunt kenbaar gemaakt aan de raadsman van de heer J.N. Veerman. Waarom is niet eerst de gemeenteraad of commissie Algemene Zaken over uw standpunt geraadpleegd alvorens de brief naar de advocaat van de heer Veerman te sturen, Op 14 oktober ontving u een reactie van de heer J.N. Veerman op de brief die in de commissie Algemene Zaken van 10 oktober 2002 door wethouder Jan Tol was ingetrokken. De heer J.N. Veerman geeft aan dat pand Haven 154-156 niet meer voor horecadoeleinden zal worden gebruikt.

Hoe zit het met het horecadeel dat niet van de heer J.N. Veerman is? Kunnen wij een schadeclaim verwachten van de eigenaar van het voormalige café de Puul, de heer C. Mooijer. Heeft uw college van B&W ~iaarover juridisch advies ingewonnen? Nog steeds betaalt de heer J.N. Veerman daarvoor wekelijks een aanzienlijk bedrag. Wie betaalt hierna de eigenaar van de Puul? Op voorhand reageert uw college niet negatief op een horecabestemming voor het naastgelegen pand Haven 146-148. Ik ben het niet met u eens dat de gemeente geen partij is in het schikkingsvoorstel tussen de heer J.N. Veerman met de slachtoffers. Het voorstel van de heer Veerman heeft wel degelijk veel te maken met de financiële nazorg van de slachtoffers. Nazorg is toch de eerste prioriteit. Volendam ‘80 is het eens met de heer Veerman dat hij uit piëteit met de slachtoffers een handreiking doet het pand Haven 154-156 nimmer voor. horecadoeleinden te gebruiken. Een horecabestemming voor het pand Haven 146-148 is de logische gevolgtrekking van de handreiking van de heer Veerman.

Iedereen kan tevreden zijn wanneer aan het pand Haven 146-148 een onmiddellijke horecavergunning wordt verleend. De horecastop is immers al jaren opgeheven.
U dwingt de heer Veerman in een hoek die niet in het voordeel is van de wens van de slachtoffers. In het belang van onze jeugd is’ opening van hun bekende horecaplaats van groot belang. Moeten ze juist hun vertier zoeken buiten Volendam met alle gevolgen’ van dien. Vele ouders zijn hierover zeer’ bezorgd. Het wordt tijd dat uw college eens~ echt in de spiegel kijkt en een nagaat hoeveel keer van nalatigheid sprake is geweest van college zijde. U kunt dit lezen in het rapport Alders. Het is ook niet van belang i.v.m. de financiële tegemoetkoming voor’ de slachtoffers. Alle raadsleden zijn via de afdeling jeugdbelangenvereniging gevraagd in te stemmen met het schikkingsvoorstel waarin een groot deel van zijn vermogen naar de slachtoffers gaat. De wijze waarop de heer Veerman door het college wordt behandeld is niet in overeenstemming met de geldende menselijkheid. Het is een wonder dat hij nog niet is ingestort. De heer Veerman doet al het mogelijke om samen met de belangenvereniging tot een oplossing te komen maar de oplossing wordt naar een onbekende toekomst geschoven terwijl het horecabeleid in november 2000 al is losgelaten door een horeca-uitbreiding te verlenen aan een pand op het Slobbeland, zonder herijking. Waar een wil is, is een weg vindt Volendam ‘80. In het belang van onze hele gemeenschap moet zo snel mogelijk dit deel van de dijk weer een horecagezicht krijgen. Nu is het een verschutting en op toeristisch gebied een optische milieuvervuiling van het allerergste soort. Ik pleit voor een zo snel mogelijk oplossing door verplaatsing van horecabestemming naar het naastgelegen pand”.

Wim Keizer
Jupiterlaan 26, 1131 VE Volendam
 
 

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.