'Doolhof' keert terug aan het Slobbeland

'Doolhof' keert terug aan het Slobbeland
Het 'Doolhof' is het buurtje net achter de beroemde Dijk met zijn kleine typisch Volendamse huisjes kriskras door elkaar èn bovenop elkaar. Eén van de exponenten van het cultuurhistorisch erfgoed van het vissersdorp. Maar het verleden verdwijnt langzaam maar zeker uit het straatbeeld van Volendam. Tot verdriet van architect Jan Westerneng. Op het terrein van de Gebroeders Jonk BV aan het Slobbeland heeft hij het Doolhof daarom als voorbeeld gesteld voor een park recreatiewoninkjes. De naam? 'Klein Doolhof'. Het toerisme in Volendam is big business die haar kracht aan de historie en cultuur van het vissersdorp. Maar de klederdracht is al zo goed als uit het straatbeeld verdwenen. En de karakteristieke houten vissershuisjes van weleer maken plaats voor beton. Er gaan zelfs geluiden op voor woontorens achter de dijk. Volendam moet zijn cultuurgoed koesteren, meent architect Jan Westerneng. Hij heeft daar zelf aan bijgedragen met het ontwerpen van de rokerij van Smit/Bokkum en een recreatiepark op de plaats van de camping van de Gebroeders Jonk aan het Slobbeland. En eigenlijk zou er ook een soort Volendamse schans moeten komen.
"Ik wil hier niet zitten om verwijten te maken", benadrukt Jan Westerneng aan het einde van het interview. ,,Ik wil de Volendammers juist een compliment maken over hun cultuur en geschiedenis. Ik heb wel wat met het verleden van zulke dorpen, ik kom zelf uit zo'n dorp, Durgerdam." Misschien wel daarom dat het verdwijnen van het cultuurhistorisch erfgoed uit het Volendamse straatbeeld hem aan het hart gaat. Er is in Volendam al iets zichtbaar van het gedachtegoed van Jan Westerneng. Hij is namelijk de architect achter de nieuwe rokerij, in historisch perspectief opgetrokken, van Smit/Bokkum op het Slobbeland. Een project dat tot een nieuwe opdracht, eveneens in houtbouw, heeft geleid van 'buurman' Gebroeders Jonk. "Het bedrijf zat met een bedrijfsgebouw en een niet lopende camping", legt Westerneng uit. De architect ontwikkelde vervolgens plannen voor een recreatiepark op de plek van de camping en nieuwe bedrijfsgebouwen in een op het Volendamse cultuurgoed, het 'Doolhof' achter de dijk, gebaseerde bouwstijl. De architect, zelf behuisd in een fraai historisch houten pand van Zaans/Waterlandse snit in Nieuwendam, ziet grote mogelijkheden om in Volendam een verbinding te maken tussen de Dijk en de toekomstige jachthaven aan de Pieterman. Bovendien kan daar een deel van het historisch erfgoed en de typisch Volendamse bouwstijl bewaard blijven.
Totaalvisie
De ontwikkeling van de rokerij en de historische scheepswerf aan het Slobbeland zetten Westerneng aan het denken. "Ook toeristisch ging het slecht. En het is eigenlijk vreemd dat de gemeente geen vastomlijnde ideeën heeft over de ruimtelijke ontwikkeling van dat gebied. Het gaat allemaal heel ad hoc. Neem de ontwikkeling van de woontorens op het terrein van Mutoblok. Er ontbraakt een totaalvisie. Toen ik dat laatst in het gezelschap van wethouder Tol zei, werd daar lauwtjes op gereageerd. Dat verbaasde me, die man heeft toch intellectuele bagage." Westerneng ziet voor het Slobbeland een verbindingszone tussen de twee toeristische trekkers van Volendam, een soort Volendamse schans. "Ik kan me voorstellen dat daar best behoefte aan is. Dit zijn maar schoten voor de boeg, maar als je een gebied gaat inrichten moet je daar langer over nadenken. Het is een unieke kans dat je nog iets met dit gebied kunt doen. En het lijkt me dat als uitbreidingsgebied voor nieuwbouw andere plekken beter geschikt zijn. Ik snap bijvoorbeeld niets van het plan voor de Mutoblok. Je gaat toch geen torens aan de Dijk neerzetten? Vanuit een toren kijk je overal overheen. Dus waarom zet je die vooraan, bij de entree van het dorp. Natuurlijk spelen andere zaken, financiën onder andere, een rol. Maar als architect snap ik het niet." Het 'Klein Doolhof', zoals het parkje recreatiewoningen op het campingterrein van Jonk is gedoopt, geeft een voorbeeld van het inspelen op die toeristische verbinding, zegt de architect. "Een camping is aan het IJsselmeer niet haalbaar. Dat kan aan de Noordzee, bij het zandstrand. Hier stelt de toerist hogere eisen." Recreatiewoningen nabij de Pieterman bieden dus meer mogelijkheden. Westerneng heeft die willen combineren met de cultuurhistorische achtergrond van Volendam. "Dan kom je bij het Doolhof uit. Dan ga je zoeken naar het meest interessante, de essentie. Dat i vooral het 'tussen'. Daarmee bedoel ik de ruimte tussen de huizen. Die stedenbouwkundige ruimte van het Doolhof geeft een soort intimiteit die ik wil evenaren. Het is dus beslist geen reconstructie, maar een uitgangspunt. Zoals ook opvalt dat in het doolhof de nokken van de daken steeds andere kanten uit staan. We hebben dus op het gebied van de camping een plattegrond van het Doolhof gelegd. Om de intimiteit te bewaren van het Doolhof hebben we daarbij zichtlijnen, zeg maar doorkijkjes, gemaakt naar het water van de Gouwzee en andere naar de buurpanden. Op die manier versterken we de relatie met het water. Ook de bedrijfsgebouwen van Jonk komen - omringd door water - op een soort eiland. En parkeren doen we aan de randen, zodat je woningen dichter bij elkaar kunt plaatsen.
Rode dakpannen
Wat eveneens terugkomt zijn de puntdaken met de rode dakpannen. "En alle gebouwtjes waren van geteerd hout. Heel herkenbaar, ofschoon er niet één precies hetzelde was. Helaas is daar zelf in het Doolhof veel mee gerommeld. Overigens is het plan nog, zoals wij dat noemen, stedenbouwkundig. Het moet nog verder worden uitgewerkt." Voor echte replica's van Volendammer huisjes en gebouwen is op Klein Doolhof echter geen plaats. Maar volgens de architect zou een soort Volendammer Schans niet misstaan op het Slobbeland. "Deze plek is daar erg geschikt voor. Echte reconstructies van visserhuisjes en rokerijen. Je kunt zo duidelijk maken hoe het vroeger was. Je kunt de huisjes ook laten bewonen. De toerist is geïnteresseerd in het verleden van het dorp, maar op de Dijk lopen bijna geen mensen in klederdracht meer."
Afgebroken
Het dorp moet oppassen dat het geen Zandvoort aan de Zuiderzee wordt, waar grote betonnen gebouwen liefdeloos zijn neergezet, vreest de architect. Volendam heeft dus zijn verleden verwaarloosd? ,,Afgebroken. Letterlijk", stelt Westerneng. In een poging af te rekenen met de tijd waarin het vissersdorp werd overvleugeld door het naburige stadje Edam. ,,Houten huisjes waren een teken van armoede. In Edam waren de huizen van steen. Daarom willen veel Volendammers huizen van steen, die lekker glimmen en makkelijk te onderhouden zijn. Ze willen laten zien dat het hun goed gaat en hebben minder interesse voor de cultuurhistorische achtergrond." Je komt hier meer dingen uit Amerikaanse televisieseries tegen, dan vanuit de achtergrond van een vissersdorp. Ik zie daar een soort identiteitscrisis in. Het na-apen van de American way of life. Maar daar komen de Amerikanen niet voor. Dat kunnen ze zelf veel beter. Het is daarom jammer dat Volendammers niet wat trotser zijn op hun eigen verleden. Want dat is best uniek." Een voorbee1 van het afbreken noemt Westerneng de sloop van het scheve pandje aan de Haven. "Zonde om een gebouwtje af te breken omdat het in de weg zou staan. Je moet soms iets koesteren. Maar het grappige is, dat zie bijvoorbeeld in De Rijp terug, dat mensen van buiten de dorpelingen de interesse voor hun eigen dorp bijbrengen. Vaak zien mensen simpelweg niet hoe bijzonder hun omgeving is, terwijl ze daar wel heel betrokken bij zijn."