Mee met Volendam naar de zaak Veerman
Mee met Volendam naar de zaak Veerman
‘D-day’ noemen ze in Volendam de dag dat de Veermannen hun verhaal mogen doen voor j de rechtbank. Zo’n vijftien slachtoffers en ouders willen zelf horen en zien wat de hoofdrolspelers in het drama te vertellen hebben. ,,Dan heb je geen indianenverhalen, maar kun je alles beter plaatsen”, zegt Peter Haan als we om 7.47 uur in Purmerend de trein pakken om de files te ontwijken. Het wordt een dag vol ongelovige blikken en smalend gegniffel op de publieke tribune. Maar ook een traan. Geen zitplaatsen meer in de trein met forensen met stoffige ochtendblikken in de ogen. De meiden kakelen gezellig. Spanning. Hoe zouden ze reageren? Wat gaan ze zeggen? Maar Peter Haan praat ook met zijn zoon Johan over de toekomst. Schilder in opleiding met net de achttiende operatie achter de rug. Johan kwast er af en toe weer op los, maar krijgt last van de verfdampen die op her littekenweefsel slaan. ,,Dan heb ik zo’n hete kop als ik thuiskom.” Misschien wordt het tijd om een rijbewijs te gaan halen en een baan als chauffeur te zoeken, filosoferen ze op hun staanplaatsen. Overstappen op Station Sloterdijk en we arriveren ruim op tijd in Haarlem. Een aantal meiden maakt deel uit van de vriendinnengroep van Anja Kok (het veertiende slachtoffer dat overleed na de brand). Op Anja’s verjaardag hebben ze afgesproken naar het proces te gaan. In de wachtruimte babbelen ze ondanks de littekens over ontharen, de schoonheidsspecialiste en ‘Ramon’. ,,Je weet wel, die in die witte stukadoorsbus van Groot rijdt.” Albert Binken (voorzitter van de slachtoffersvereniging) spreekt de meiden bemoedigend toe: ,,Knap dat jullie hier zijn.” ,,Nou, ik heb er anders drie nachten niet van geslapen”, zegt een van de meiden meteen. ,,Maar we gaan de zaal niet uit, want dan zeggen ze op het nieuws dat de slachtoffers er niet tegen konden.”
Zakdoekje
De zaak ‘Veerman, Veerman en Veerman’ wordt afgeroepen en de Volendammers schuiven de publieke tribune op. “Jan Dekker (de bijnaam van Veerman - RF) komt binnen via de crimineleningang”, fluisteren ze als de drie Veermannen de zaal binnenkomen via een aparte deur. Veerman praat met een brok in de keel over hoe verschrikkelijk die nieuwjaarsnacht was. Hij snikt. Dochter Laura geeft een zakdoekje en legt een hand op zijn arm. “Schijnheilig”, fluistert 1 moeder bitter op de tribune. Hoofdschuddend horen ze Veerman aan. ,,Dat zijn neus niet groeit.” De meiden krijgen het warm op de tribune. Doen jasjes uit en tonen op een rij met blote shirtjes hun armen en ruggen vol brandwonden. Voor hen zit Veerman. Ineengedoken met een brede rug in een krap colbert. De meiden lachen meesmuilend aIs Veerman vertelt hoe hij jongeren weerde. “De groep van bijna twintig meiden, die toen veertien en vijftien jaar waren, zijn door de bar zelf gebeld omdat er nog een tafel vrij was. Ze hebben zelfs gereserveerd”, zegt een moeder. ‘Ja’, knikken de jongeren op een rij als de voorzitter van de rechtbank suggereert dat Veerman toch iemand is die zijn eigen regels bepaalt. Intussen krabben ze aan jeukende littekens op hun rug. Schorsing van het verhoor. ,,Oh wat is hij zielig”, zegt Gerie Veerman als ze de zaal uitloopt. ,,Hij draait om iedere vraag heen en steeds komt hij er op uit hoe erg her allemaal voor hem is. Marga Smit over de snikkende Veerman: Wij zijn ook wel eens emotioneel. Hij moet het juist in het openbaar doen zodat iedereen ziet hoe erg hij het allemaal vindt.”
Sterretjes
Vader Jan Zwarthoed wiens dochter Karen zware brandwonden heeft, is wat minder bitter.,,Maar het is wel heel melodramarisch allemaal. Hij probeert
zich schoon te praten. Misschien was zijn intentie voor brandveiligheid wel goed, maar hij was niet altijd zelf in de zaak. En die sterretjes. Die waren met Kerstmis ook al in zijn bar. Ze hoeven hem van mij niet in de gevangenis te stoppen, maar hij moet wel schuldig worden verklaard.”
Een moeder wil Veerman opgeven voor toneelvereniging Ons Pogen in Volendam ,,Want hier schuilt een goed acteur in.” Bitterheid, bitterheid. Peter Haan zegt niks. Gaat met trillende handen buiten een sjekkie raaien. Een paar slachtoffers vallen af voor de middagsessie als de bedrijfsleider en dochter Laura aan het woord komen .,,Ik val bijna in slaap in die zaal”, zegt een meisje dat naar huis gaat. Vol emotie schetst de bedrijfsleider de brand, de nacht, de verkoolde ledematen, de slachtoffers die aan de vloer vastplakken, de doden die hij niet kan identificeren en het meisje dat hij optilde. Dat was Marga die nu achter hem op de tribune zit. ,,Heel vreemd om hier nu te horen hoe hij me er heeft uitgehaald. Dat moment heb ik zelf nooit bewust meegemaakt. Hij is bij ons thuis geweest om er over te praten. Je hoort wel dat hij er heel erg mee zit hoe het allemaal is gegaan”, zegt Marga.
Frustratie
Het relaas van de bedrijfsleider wordt amper begeleid met non-verbaal of gefluisterd commentaar van de publieke tribune. Tot~ hij zijn frustratie uit over voorzitter Albert Binken van de Belangenvereniging van de slachtoffers en pastoor Berkhout die wel op televisie kwam, maar niet bij hem. En tot hij zegt dat hij misschien beter verbrand had kunnen zijn om als slachtoffer te worden geaccepteerd. Dan komen de tranen bij het publiek. Ook dochter Laura haalt naast al haar eigen verdriet uit naar pastoor Berkhout en Volendam. Die uitvallen en de wrok van de verdachten leveren commentaren op voor de terugreis. Moeder Zwarthoed: ,,Dat mag je niet :doen, zo’n man als Binken aanpakken die dag en nacht voor onze kinderen in de weer is.” Gerie Veerman: ,,Op zo’n manier word je er alleen maar bozer van. Dat je mijnheer pastoor zo aanvalt. Die heeft een hartaanval gekregen van wat hij allemaal voor ons slachtoffers heeft gedaan. En als Veerman 21 maanden krijgt, dan krijgt hij altijd nog minder dan de slachtoffers.” Slachtoffer Melanie Klene vat het in vijf woorden samen voor iedereen die in de rechtszaal was geweest: ,,Dit was een zware dag.”