Wat een spreker is die man
Wat een spreker is die man
De laatste keer dat ik bij Siem was, vlotte het gesprek niet erg. De voorgaande keren was dat wel anders. De vonken spetterden van onze discussie over het Volendamisme. Ik vermoedde dat Siem vond dat daarvan te weinig in mijn stuk terechtgekomen was. Maar met zulke vermoedens moet je oppassen. Ik heb niet gevraagd of het zo was. En zolang je dat niet gedaan hebt, is het niet meer dan een idee dat jezelf geconstrueerd hebt. Ik had er wel een aanwijzing voor Trijn had me onder het serveren van de koffie gezegd dat ik moest stoppen met schrijven over de politiek. “Dat is helemaal niks voor jou, jongen”, had ze gezegd. Hadden ze er samen over gepraat? Ik weet het niet, want ik heb het niet nagevraagd. Ik wilde het niet of durfde het niet, misschien kwam het door het schuldgevoel dat ik had omdat ze al een tijdje geen plaats meer hebben gekregen in mijn stukjes. Maar ondertussen had Trijn wel gelijk. Politiek is helemaal niets voor mij. Ik mag graag met open vizier voor de goede zaak strijden. Maar mensen met meer aanleg voor politiek zouden dat voor mij moeten afmaken. Politiek ligt me niet. Het zet mijn zenuwgestel onder druk. Het gaat mij te vaak om de macht in plaats van om de waarheid. Wethouder Nouwen, dat is pas een echte politicus. Wat een spreker is die man! Ik hoorde hem op Love dat een rechtstreekse uitzending gaf van de raadsvergadering. Ik heb het niet tot aan het eind kunnen volgen. Om tien voor half elf gaf Love er de brui aan en ging over op muziek. Ik weet dus niet precies hoe het is afgelopen met de discussie over Pius X.
In mijn vorige stukje schreef ik over dit onderwerp alsof er in deze raadvergadering het definitieve besluit zou vallen. Dat klopte niet. De lezers die ik daardoor op het verkeerde been heb gezet, bied ik daarvoor mijn verontschuldigingen aan. Het ging deze keer alleen maar over een besluit over het voorbereidingskrediet. De locatie voor Pius X komt pas na de zomer in de raad aan de orde. Tijdens deze raadsvergadering werd er af en toe flink gelachen. Mensen die denken dat het alleen maar saai is, hebben het mis. Af en toe hoorde ik de bulderlach van Jaap Dibbes overal boven uit. Fijn dat die man nog lachen kan. Misschien is hij beter tegen politiek bestand, dan ik dat ben. Ik hoop het maar. Toch was het ook een idiote raadsvergadering. De partijen in de opppositie, behalve het keffertje van de stadse partij Gemeentebelangen, waren tegen het voorstel. Er is geen bouwheer en er is geen bouwlocatie, het is dus onzin om te vergaderen over een bouwkrediet, zeiden ze. Het CDA, dat zo weinig mogelijk probeerde te zeggen, vergiste zich een keer. Er is ook helemaal geen extra geld nodig, zeiden ze. Van het vorige voorbereidingskrediet is er nog genoeg over om een paar schetstekeningen te maken. Toch waren ze voor het voorstel van het college. Hadden ze maar niks gezegd. Van de waardigheid en van de noodzaak van het voorstel bleef er nu helemaal niets meer over.
Recht door Zee, een partij om in de gaten te houden, probeerde er nog wel wat van te maken. We hebben een aantal aannemers gebeld, zeiden ze. Die zeggen zonder uitzondering dat de prijs per vierkante meter, die het college hanteert voor de nieuwbouw van Pius X, veel te laag is. Het college hoefde niet eens te antwoorden. Dat deed Dineke Groot van de PvdA al voor ze. Ik heb volledig vertrouwen in de berekeningen van de ambtenaren, riep ze. Dat is politiek, dacht ik meteen, met waarheidsvinding heeft het niets te maken. Van mij mag ze voortaan thuisblijven. Op haar plaats zetten we dan een bordje met de tekst: ‘Ik steun het college door dik en dun’. Pas als ze zelf aannemers gaat bellen, mag ze van mij terugkomen. Aan raadsleden die alles, wat van het college komt, voor zoete koek slikken, hebben we helemaal niks.
VD’80 volgde een andere tactiek. Die van de kapotte grammofoonplaat. Alsof de naald maar in dezelfde groef bleef steken, riepen ze iedere keer hetzelfde. Wethouder Nouwen, wat een spreker is die man, had er geen volle handen aan. Sussend, bezwerend en met vage beloften, zweefde hij over alle hindernissen. Veel praten, zonder iets te zeggen, is een kunst die hij uitstekend verstaat. En zo bleven zijn werkelijke bedoelingen en tactiek achter het door hem opgetrokken rookgordijn hangen. Toen de raad er bij hem op aan drong om het gesprek met Pius X weer te herstellen, zei hij brutaal: ‘ik wil dat wel, maar voor een gesprek zijn er twee nodig’. Hiermee legde hij de verantwoordelijkheid voor het afgebroken overleg volledig bij Pius X. Toen werd ik pas echt boos. De raad liet hem er mee wegkomen. En Nouwen zelf lijkt me niet het soort man dat zich wel eens afvraagt: ‘kan het misschien aan mij gelegen hebben?’ Bloednerveus word ik van politiek gedoe.
Nouwen speelt een spel. En omdat hij kritiekloos, dus comfortabel, gedekt wordt door de partijen die het college vormen, komt hij daar aardig mee weg. Arm Pius X. Arm dualisme. Arme wij want de betekenis van onze negenduizend handtekeningen wordt langzaam maar zeker weggemasseerd. Dat krijg je er van als je een wethouder over Pius X laat gaan, terwijl hij ook nog sanering er reconstructie in zijn portefeuille heeft. Dat is de kat op het spek binden.
Peter Louter