Naar de inhoud

Alward Machitarjan een geslaagde integratie: Van een bergdorp naar een visserdorp (foto)

Bron: Ons Streekblad

Alward Machitarjan een geslaagde integratie: Van een bergdorp naar een visserdorp
Met alle ontwikkelingen op het gebied van integratie van buitenlanders lopen de spanning in Nederland de laatste tijd soms hoog op. In de emoties die daarmee gepaard gaan vergeten we wel eens waar het werkelijk om draait: schrijnende gevallen van tegenslag, pijn, ellende en groot menselijk leed. Dat we het allemaal niet voor niets doen mag ook wel eens worden belicht, zoals het verhaal van Alward Machitarjan en haar gezin uit Armenië. Een boeiend verhaal vol strijd en vastberadenheid.

Alward Machitarjan is nu 39 jaar. Elf jaar geleden kwam ze op een koude nacht met haar gezin aan in Nederland. Dat was het einde van een periode vol verschrikkingen, en het begin van een lange tijd vol onzekerheid en afwachten. Het verhaal begint rond 1990. Er brak een oorlog uit tussen Armenië en Azerbeidjan met de enclave Nagorny Karabach als twistpunt. Alward en haar gezin zaten er middenin. Na vier jaar oorlog ging het niet meer. Hoogzwanger liet Alward alles achter zonder om te kijken. "We hadden alleen geld en onze identiteitspapieren mee. We vertrokken hals over kop en legden ons lot blindelings in handen van mensen die eerder vluchtelingen naar het westen hadden gebracht. We wisten niet waar we naartoe werden gebracht."

Sneek
Als vluchtelingen werden ze op 1 april 1994 's ochtends om zes uur gedropt in een koud en regenachtig Sneek met de mededeling dat ze zich moesten melden bij het politiebureau. Daar werden ze fantastisch opgevangen. "We zijn gewoon naar binnen gelopen en hebben ons gemeld als vluchteling. Ik sprak slechts een beetje Engels, maar er werd gelijk een tolk bijgehaald. De politieagenten waren echt engelen. We kregen een goed bed, goede voeding, alles werd geregeld. We werden geplaatst in het opvangcentrum in Emmeloord waar een maand later ons tweede kind werd geboren. In juni 1994 werden we overgeplaatst naar Leeuwarden, en na anderhalf jaar naar Volendam."


Inburgeren in Volendam
Iedere gemeente heeft verplicht een aantal ROA-woningen waar asielzoekers tijdelijk kunnen worden opgevangen. Ook gemeente Edam-Volendam heeft daarin een taak. Vanuit haar tijdelijke opvang in Volendam kregen Alward en haar gezin vervolgens in Volendam een definitieve woning toegewezen. De overgang naar Volendam viel reuze mee. "De Volendamse gemeenschap lijkt in veel opzichten op de Armeense gemeenschap waar ik vandaan kom. De overgang van een bergdorp naar een vissersdorp was niet zo groot. De gastvrijheid, het groepsgevoel, alles samen doen, de eenvoudige gebruiken, de tradities en zelfs de smaak zijn hetzelfde. Ik voel me vrij in Volendam en mijn kinderen zijn nooit gediscrimineerd. Vanaf de eerste dag waren we welkom en werden we met respect behandeld. We hebben fantastische buren. Ook de gemeente heeft altijd alles goed geregeld. We zijn altijd goed verzorgd en er is nooit iets verkeerds gebeurd."

Stapje voor stapje
Hierna begon het moeizame traject van inburgering en naturalisatie. "Pas na drie jaar kregen we een verblijfsvergunning. Tot die tijd mag je niets, geen werk, geen ontplooiing, niets. Weer drie jaar later kregen we de Nederlandse nationaliteit. Toen kwamen we langzaam vooruit. Het is als vluchteling heel moeilijk om de goede weg te vinden om te integreren in de Nederlandse samenleving. Er zijn nauwelijks instanties of aanspreekpunten die je kunnen uitleggen waar je moet zijn en hoe de regelgeving in elkaar steekt. Op eigen initiatief ben ik bij het Waterlandziekenhuis vrijwilligerswerk gaan doen om mijn oude beroep als verpleegkundige weer op te pakken. Daardoor maakte ik kennis met het Nederlandse zorgsysteem, dat heel anders is dan het Armeense, en leerde ik langzaam maar zeker hoe het in Nederland werkt."

SIBIO
Dat viel nog niet mee. Het beroep van verpleegkundige is in Nederland heel anders ingevuld en de medische ontwikkeling in Nederland ligt kwalitatief op een hoger peil. Terwijl Alward vrijwilligerswerk deed, liet ze haar Armeense papieren en diploma's 'waarderen' door het Ministerie van Volksgezondheid. Dit traject duurde een jaar en resulteerde in een kleine teleurstelling: Alwards diploma's werden niet gelijkgesteld aan die van de Nederlandse verpleegkundigen. Wel kreeg Alward daar de tip om contact te zoeken met de stichting SIBIO in Haarlem, een organisatie die zich ten doel stelt gekwalificeerde niet-Nederlandse medici en paramedici te integreren in de Nederlandse gezondheidszorg. SIBIO nam haar op in een traject van twaalf maanden waarin de nadruk werd gelegd op het verbeteren van communicatievaardigheden. Alward leerde een schat aan informatie over de Nederlandse cultuur en de Nederlandse taal. Met name de fijne kneepjes van het Nederlandse teamworkmodel, in tegenstelling tot de hiërarchische aanpak die in veel andere landen gemeengoed is, werd haar door Sibio bijgebracht.

"SIBIO bracht me heel veel. Het leren samenwerken met collega's, de vele vaktermen en afkortingen die gebruikelijk zijn in de Nederlandse gezondheidszorg, het werken volgens Nederlandse protocollen, allemaal dingen die voor mij geheel nieuw zijn, maar wel onontbeerlijk zijn in mijn werkplek", aldus Alward. Natuurlijk moet Alward ook op de werkplek worden gecoached, waarbij ze werkwijs moet worden gemaakt in de gezondheidszorg en feedback op haar gedrag moet krijgen. Niet alle instellingen zijn hier goed op voorbereid, dus ook hierin vervult SIBIO een rol.

De Gouwzee
Alward diploma is ondertussen 'gewaardeerd' als gelijkwaardig aan 'ziekenverzorgende'. Dat leverde haar een stageplaats op in zorgcentrum Eben Haëzer in Amsterdam van 1 november 2004 tot 28 februari 2005. Daarna kon ze aan de slag bij Verzorgingstehuis De Gouwzee in Volendam. Een mooi startpunt van een zorgcarriëre, vindt Alward. "Ik wil doorgaan met studeren. Niet stilzitten. Ik vind het werken in de zorg enorm leuk en krijg ook heel veel bevestiging terug van de bewoners van het zorgcentrum. Het belangrijkste in dit werk zijn je sociale vaardigheden. Je bouwt een relatie op met de bewoners van het centrum, en moet affiniteit hebben met hun poblemen en pijn. De band met de bewoners groeit en ik heb het gevoel dat ik echt iets voor ze beteken."

Begeleiding
Natuurlijk vergt een werkplek zoals Alward die nu bezet het nodige aan inspanning van het zorgcentrum en de directe collega's van Alward. Ondanks de grote werkdruk in de zorg moet er tijd worden uitgetrokken om een stagiaire te begeleiden, en dingen goed uit te leggen. In Volendam betekent dat bijvoorbeeld dat men niet te snel moet praten en ook niet in dialect. Alward: "Mijn kinderen spreken Volendams, maar voor mij is het al moeilijk om Nederlands goed te volgen, laat staan het snelle dialect."
Zorgcentrum De Gouwzee neemt de begeleiding van Alward dan ook heel serieus en doet er alles aan.
Ook het beleid van gemeente Edam-Volendam verdient volgens Alward een pluim. In Nederland geldt als hoofdregel dat al het aangeboden werk aanvaard moet worden. Edam-Volendam heeft dat wat ruimer genomen en Alward de kans gegeven haar oude beroep op te pakken. Dat is een goede investering, want enerzijds betekent dat een besparing op een sociale uitkering en anderzijds voorkomt het een financiële investering in een andersoortige opleiding.

Alward is een knokker, dat is duidelijk. Maar ze heeft natuurlijk haar omgeving nodig om deze kans tot een succes te maken. Met de positieve insteek van het zorgcentrum en de steun van SIBIO lijkt de zon in het leven van Alward weer te gaan schijnen. Binnenkort volgt er een gesprek om een opleiding tot verpleegkundige te gaan volgen bij het Westfries Gasthuis. Deze doorzetter komt er wel.

De stichting SIBIO is bereikbaar via info@sibio.nl en tel. nr. 023-5404804. Neem ook eens een kijkje op www.sibio.nl.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.