Bert Creemers: “ik voel schatplichtigheid aan Edam”
Het duurde vrijdagochtend even voordat de voordeur van Voorhaven 81 open ging voor ondergetekende. Niet dat ik niet welkom zou zijn, maar de fotosessie die gaande was onder regie van fotograaf Cor Kes hield de aandacht dermate vast, dat mijn gebonk op de deur voor zoete koek werd aangenomen. Gelukkig werden Cor en gesprekspartner Bert Creemers het snel eens over welke foto het moest worden en kon mijn gesprek met Bert beginnen rond het tijdstip wat was afgesproken.

Foto Cor Kes - www.luxphotography.nl
Ik zie overal kunst en antiek in dit bijzondere pand
Het is een van mijn passies welke ik cultiveerde gedurende mijn studententijd. Ik was door mijn buurman - Ab Lagerweij , archeoloog bij de stad Amsterdam - enthousiast gemaakt voor archeologie, kunst en cultuur en toen er tijdens de aanleg van de metro in Amsterdam allerlei beerputten bloot kwamen teliggen, moest ik er naar toe. Het is bijzonder fascinerend om te zien wat je zoal in een beerput aan kunt treffen.
Waar is Lambertus Antonius Hendrikus Maria Creemers ter wereld gekomen?
Ik ben geboren in Haarlem en als je wilt weten hoe ik aan mijn vier voornamen kom; zij kwamen voort uit de roomse achtergrond van mijn ouders. Ik heb nog twee zussen . Mijn oudste en enige broer is overleden.
Hoe was de sfeer in huize Creemers het beste te omschrijven?
(Bert begint te stralen) Het was bij ons hartstikke multi-culti en wij hadden er met ons zessen ook helemaal geen moeite mee. Integendeel. Ieders mening werd gerespecteerd. Dat was bijvoorbeeld goed te zien aan de bezetting van vier voorramen die ons huis had gedurende verkiezingstijd . Daar hingen dan altijd aanplakbiljetten van het CDA, D’66, PPR en de PvdA. Er was bij ons thuis heel veel ruimte voor discussie en de bal ging – zoals ze dat zeggen – voortdurend rond. Ik kom zogezegd uit eenliberaal nest ook al ontbreekt deze partij in genoemd rijtje.
Je werd een spoorstudent
Ja, zo noemen ze dat. Elke dag met de trein vanuit Haarlem naar Amsterdam om er rechten te studeren. Dat was een tijd waarin van alles mogelijk was. Ik heb enorm veel baantjes gehad die zich rondom Schiphol concentreerden. Zo was ik er enquêteur en was ik inpakker van fruitmandjes. Je kon het niet zo gek noemen of ik deed het om maar aan een paar guldens te komen. Ik heb ook nog twee zomerseizoenen in Spanje gestudeerd. Studeerden wij onder geweldige weersomstandigheden in het diepe zuiden en deden wij gedurende de wintermaanden tentamens. Als je er op terugkijkt is het wel heel bizar, maar toen kon dat probleemloos. Dat was overigens ook de periode dat ik Peggyleerde kennen.
Had je toen al het idee om in de advocatuur te stappen?
Ik heb de studie rechten gedaan omdat ik er grote voordelen in zag. Rechten is een behoorlijk brede studierichting en geeft je de mogelijkheid om keuzes te maken. Toen ik bijvoorbeeld mijn bul had gehaald ging ik eerst aan de slag bij de organisatie van Sail Amsterdam. Het was 1975 en Sail moest op de kaart worden gezet. Nou, dat was een flinke klus en als ik er op terugkijk is het Sail van nu niet te vergelijken met dat van toen. Wij haalden Sony binnen als sponsor en de bedragen die daar mee gemoeid waren zijn nu een lachertje. Daar kregen ze ook nog een enorme luchtballon voor, die boven het IJ kwamen te hangen. Perfecte reclame!
Rond die tijd kreeg ik de kans in de mediawereld aan de slag te gaan, toen Joop Landré van de TROS mij belde om te polsen of ik zin had in een avontuur bij deze omroep. Ik besloot echter voor het meer serieuze werk te gaan en solliciteerde bij het advocatenkantoor Doorenbos & Wytema in Zaandam. Ik heb er uiteindelijk 32 jaar gewerkt en vertrok toen er zich een fusie aandiende. Gedurende zo’n proces doet zich altijd dat vervelende haantjesgedrag voor en daar had ik dus helemaal geen zin in. Ik werk nu overigens alweer enige tijd met veel plezier als zelfstandig advocaat .
Ik kan mij zo voorstellen dat er zich gedurende 32 jaar wel een aantal zaken voor doen die blijven hangen in het geheugen
Te veel om op te noemen. Een zaak met een zure vorm van humor was een strafzaak die ging over twee buren met honden. De één had twee pitbulls en de ander een Mechelse herder. Ik vertegenwoordigde de eigenaar van de herder, die de twee pitbulls dood had gestoken. Hij had altijd de angst dat de pitbulls zich aan zijn herder zouden vergrijpen, zodra zich de mogelijkheid voor zou doen. Toevallig stond er op een dag - toen hij zijn hond wilde uitlaten - een voordeur open bij de buren. De pitbulls vlogen naar buiten en stortten zich op de kansloze herder. De baas van de hond rende zijn huis binnen, trok een keukenmes uit de keukenlade en stak - als een soort torero - beide honden dood, door het mes tussen de schouderbladen te beuken. In eerste instantie werd mijn cliënt veroordeeld voor het met voorbedachte rade doodmaken van de honden. Toen ik echter bij het hoger beroep een fokker van pitbulls ten tonele voerde, die aangaf dat pitbulls hun prooi pasloslaten als deze dood is, kreeg ik het gelijk aan mijn zijde. Op de vraag van de rechter of de eigenaar van de pitbulls nog iets wilde zeggen zei deze dat z’n buurman zijn borst nat kon maken, omdat hij alweer twee pitbullpups had gekocht.
Advocaten die zware misdadigers verdedigen zijn tegenwoordig bekende Nederlanders. Ooit wel eens die behoefte gehad?
In het geheel niet! De meeste van hen doen het puur om te scoren. IJdelheid is een groot goed in de advocatuur. Je haalt delandelijke media, camera’s staan op je gericht en dat moet je willen. Ik had ooit de mogelijkheid de verdediging te voeren van de verdachte van de paskamermoord in Zaandam. Achter dat soort zaken moet je wel moreel staan. Ik had dat niet.
Hoe geraakten jullie in Edam?
Peggy kwam 37 jaar geleden met het Streekblaadje aanzetten enliet mij een woning zien in Edam. “Bert, dit is een geweldige kans. Die moeten wij nietlatenlopen”, zei ze en voordat wij het wisten waren wij eigenaar van het witte pand hier verder op de hoek aan de Voorhaven tegenover de katholieke kerk . Een winkel. Ik kon Edam binnenkomen door aan te geven dat ik er een antiekwinkel in wilde beginnen en zo economisch gebonden zou zijn aan de stad. Uiteraard kwam daar niets van terecht. Mijn schoonvader – die bouwfysicus was – heeft maanden niet meer met mij gesproken omdat het pand in zijn ogen een bouwval was en dat wij niet wisten waar we aan begonnen. Hij had natuurlijk helemaal gelijk maar ja, je bent verliefd op het huis en de stad en dan neem je veel voorlief. Toen zich de kans voordeed om ons huidige huis - met Zaanse voorgevel - van Dirk Besseling over te nemen, hebben wij niet geaarzeld en na een fikse restauratie hadden wij alsnog ons droomhuis in Edam.
Wat is er boeiend aan Edam?
Zodra je Edam binnen rijdt valt de drukte van het werk van je schouders. Mensen gaan hier heel goed met elkaar om. Ik woon er nu 37 jaar en zal er nimmer vertrekken. Edammers hebben iets van ‘doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg’. Dat spreekt mij wel aan. Natuurlijk kan het ook iets cynisch hebben - wat ik in je interview met de nieuwe dominee heb gelezen - maar er schuilt niets kwaads in.
Je bent actief op allerlei culturele terreinen
Eén van de dingen die ik in mijnleven zeer serieus neem is mijn schatplichtigheid aan Edam. Ik vind het een voorrecht hier een groot deel van mijnleven door te mogen brengen en dat brengt in mijn beleving verplichtingen met zich mee. Ik heb mezelf aangemeld alslid van Oud Edam enlanceerde er direct de slogan ‘Winkeliers haalt weg uw neonlichtreclames – u bent bekend genoeg bij de Edamse dames’. Dat viel niet echt in goede aarde bij de middenstanders, maar dat stond een 10-jarig voorzitterschap bij Oud Edam niet in de weg. In de grachtengordel van Amsterdam voert men overigens al jaren met succes dit beleid. Naast Oud Edam was en ben ik actief bij de Bond Heemschut en de Stichting Pianowandeling Edam. Met de Aart Roos Stichting is door mij ook weer een mooi tentoonstellingsproject in de Grote Kerk te Edam afgerond.
Je wilde ook nog iets kwijt over de panden van het hoogheemraadschap die door de gemeente zijn aangekocht
Heb je de borden ‘Te Huur’ daar aan het hek en in de tuin gezien? Ik vind het werkelijk stuitend dat ik zoiets moet zien wanneer ik Edam binnen rijd. De panden zijn ooit aangetrokken om ruimtegebrek voor het ambtelijk apparaat op telossen, maar omdat men het ‘alsnog’ onaangenaam voor de personeelsleden uit Volendam vond dat zij1 kilometer moeten reizen, werd een aangekocht pand weer verhuurd. Ongelooflijk! Hoe verzin je het zo’n motivering voor het niet bemensen van deze kantoorpanden. Neem een voorbeeld aan Groot-Medemblik. Daar zou men oorspronkelijk een nieuw stadskantoor bouwen in Medemblik , maarliet de kans om voor een koopje de DSB-gebouwen bij Wognum te kopen nietlopen. Tientallen personeelsleden moeten nu dagelijks15 kilometer of meer reizen, maar ze geven geen kik. Het is ook gewoon normaal. Het zou van visie enlef getuigen wanneer het gemeentebestuur over haar eigen schaduw heen zou stappen en dezelogische stap neemt. Bovendien komt verdere samenwerking met de gemeente Zeevang steeds meer in beeld. Anticipeer hierop. Ook die ambtenaren moeten een plek krijgen.