'Volendammers tilden Fiscus voor tonnen'
Twee Volendamse broers, ondernemers in de visserij, hebben volgens het Openbaar Ministerie belastingfraude en valsheid in geschrifte gepleegd. Zo zou de fiscus honderdduizenden euro's zijn misgelopen. Deze week stond het tweetal, Lou S. (50) en Cees S. (43), voor de Haarlemse rechtbank. Lou S. hoorde een half jaar celstraf eisen en 290.000 euro boete, zijn broer Cees vier maanden celstraf en een boete van 280.000 euro.
De broers begonnen in 2006 een garnalenpellerij in Marokko, omdat ze een contract kregen van garnalenbedrijf Heiploeg. In 2007 richtten ze een bedrijf op in Liechtenstein, waar de aandelen van de garnalenpellerij werden ondergebracht. Het contract om de garnalenpellerij onder te brengen bij de firma in Liechtenstein, is volgens de officier van justitie vals opgemaakt. Er zou een verkeerde datum in staan. „Daar hebben wij geen weet van gehad", aldus de broers. Door die foute datum zou de belastingdienst geld zijn misgelopen.
De officier betoogde dat de broers over 2006, 2007 en 2008 valse belastingaangiftes hebben ingediend. Ze zouden ten onrechte de winst hebben verzwegen, die ze opstreken met het garnalen pellen in Marokko. „Ze hebben gegoocheld met vennootschappen en contracten en na kritische vragen de fiscus niet goed geïnformeerd", aldus de officier. „Het zijn slimme ondernemers met jarenlange ervaring, die wisten wat ze wilden."
De officier maakte wel onderscheid tussen beide broers. Volgens haar was broer Cees aanvankelijk nog wel van goede wil, maar had hij zich laten meeslepen door zijn broer Lou. „Van meet of aan is die er op uit geweest om geen cent belasting over de activiteiten te betalen." Lou S. ontkende stellig dat hij de fiscus wilde benadelen. Hij vertelde dat zijn adviseurs hadden gezegd dat hij in Nederland geen belasting hoefde te betalen over de activiteiten in Marokko.
De advocaat van de broers bepleitte vrijspraak. Volgens hem is zelfs bij de fiscus niet helemaal duidelijk hoe de taken fiscaalrechtelijk hadden moeten worden geregeld. „Hoe kun je dan iemand vervolgen?"
De uitspraak is 22 oktober.