Naar de inhoud

Volendam blijft kraamkamer voor voetbaltalent

Bron: Trouw

Volendam behoort al jaren tot de grootste leveranciers van profvoetballers. Deze week komt zowel RKAV als FC Volendam in actie voor de KNVB Beker. Wat maakt de talentontwikkeling in het dorp zo succesvol?

Als je vanuit de kantine van RKAV Volendam richting het Markermeer kijkt, valt je blik meteen op de oranje buitenwanden en grote lichtmasten van het Kras Stadion. Daar speelt grote broer FC Volendam zijn thuiswedstrijden. Het is een meter of vijftig lopen. “Dat is waar elk jongetje dat in de jeugd van RKAV speelt uiteindelijk terecht wil komen,” zegt Jarno Vermeulen, hoofd technische zaken bij de Volendamse amateurvereniging. En in verrassend veel gevallen lukt dat ook nog.

Alleen al in de afgelopen vier jaar kwamen er uit de gemeente Edam-Volendam 21 profvoetballers. De gemeente behoort daarmee tot de grootste kraamkamers van Nederlands voetbaltalent. Het is geen nieuwe of verrassende statistiek. Volendam speelt met oudgedienden als Arnold en Gerrie Mühren, Keje Molenaar en Wim Jonk al decennialang een prominente rol op het gebied van talentontwikkeling. Hoe kan een gemeente van zo’n 37.000 inwoners meer dan vijf keer zoveel profspelers voortbrengen als gemiddeld in Nederland?

“Uit elke jaarlaag stromen gemiddeld meerdere jongens door naar de opleiding van FC Volendam”, vertelt Vermeulen trots over de telefoon. Hij maakt zich met de rest van het clubbestuur op voor de bekerwedstrijd van tweede-divisionist RKAV tegen Rohda Raalte op donderdagavond. “Dat waren er voorheen nog meer, maar we richten ons tegenwoordig meer op kwaliteit in plaats van kwantiteit.” Ook in het eerste elftal van RKAV spelen verschillende jongens met een verleden in de opleiding of zelfs in het eerste van FC Volendam.

Harde werken is iets cultureels
Hoofd jeugdopleiding Cees Keizer van FC Volendam, geboren en getogen Volendammer, ziet verschillende factoren die bijdragen aan de succesvolle talentontwikkeling in het oude vissersdorp. “Het harde werken is in Volendam iets cultureels. Het dorp heeft het nooit makkelijk gehad en het is van generatie op generatie doorgegeven dat je hard moet werken voor je doelen. Mouwen opstropen en met beide voeten op de grond blijven staan.” Jongeren gaan volgens Keizer al op jonge leeftijd aan het werk, “in de vis of de bouw”. Wie kan gaan studeren, gaat er doorgaans vol voor.

Maar die cultuur zie je volgens Keizer bij meer oude vissersdorpen terug. Hij ziet ook de hechte sociale gemeenschap als belangrijke factor. “Mensen zoeken elkaar hier veel op, kinderen zeker. Natuurlijk zie je ook hier de uitdaging van telefoons en computers. Maar het buitenspelen, en dan met name op straat voetballen, is door die van oudsher sociale dorpscultuur nog steeds een belangrijke factor.”

Ook het lokale bedrijfsleven speelt een rol. Volendam kent veel succesvolle ondernemingen, vooral in de bouwsector, waarvan verschillende in grote mate betrokken zijn bij het lokale voetbal. Bedrijven als HSB Bouw, KBK Bouwgroep en Kras Recycling sponsoren zowel FC Volendam als de Rooms Katholieke Amateurvereniging Volendam.

Echte voetbalfamilies blijven in stand
In hoeverre de Volendamse genenpoel meespeelt, is moeilijk vast te stellen. Maar zowel Vermeulen als Keizer wijst op de waslijst aan lokale achternamen die meermaals voorkomen in het profvoetbal. Veerman, Tuyp, Mühren, Jonk, Kwakman, Vlak, Tol, Molenaar, Plat, Steur. “Veel mensen die hier geboren worden, blijven hier ook wonen. Die echte voetbalfamilies blijven zo ook in stand,” zegt Keizer.

Misschien wel de belangrijkste factor is volgens beiden de voetbalinfrastructuur in de gemeente. De jongste jeugdelftallen zitten alleen bij RKAV, van waaruit sommige talenten vanaf hun elfde de stap naar ‘de FC’ kunnen maken. “Het scheelt natuurlijk dat je gewoon in het dorp kunt blijven wonen, maar wel in de opleiding van een betaaldvoetbalorganisatie terechtkomt,” zegt Vermeulen. “En stel het lukt daar niet, kun je weer terug naar RKAV.”

Het profvoetbal is voor Volendamse jeugd volgens Vermeulen een tastbare droom. Kinderen trainen naast het stadion waar ze ooit hopen te spelen en komen om de haverklap profs tegen die in het dorp wonen of langskomen. “Joey Veerman is bijvoorbeeld bij RKAV begonnen en is nog heel vaak op de club. En dat geldt ook voor iemand als Henk Veerman (spits van FC Volendam). Het is een stuk laagdrempeliger.”

Weinig competitie van andere sporten
“Zodra ouders erachter komen dat ze een jongetje krijgen, zetten ze hem al op de wachtlijst voor RKAV,” vertelt Keizer. “Er is hier ook heel weinig competitie van andere sporten. Er zijn bijvoorbeeld geen hockeyvelden. Alleen handbal misschien.” RKAV heeft inmiddels vrouwen- en meisjeselftallen. “We hebben als FC Volendam alleen simpelweg nog te beperkte accommodatiemogelijkheden om een vrouwentak te bewerkstelligen.”

Toch is FC Volendam voor talentontwikkeling niet uitsluitend afhankelijk van de eigen gemeente. De ligging helpt. “We redden het echt niet alleen met Volendammers”, stelt Keizer. De club scout daarom in de omgeving, van Alkmaar, Beverwijk en Haarlem tot Hoorn, Amstelveen en Amsterdam-West. Zo kan de jeugdopleiding het lokale talent aanvullen met spelers uit het dichtbevolkte achterland.

Een webadres wordt vanzelf een link, en smileys als :-) of ;-) worden 🙂 😉.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.