In de vorige Stadskrant stond een stukje “Alle kunstwerken Edams Museum in beeld gebracht”. Daar hebben wij meerdere verbaasde reacties en vragen over gekregen. In het stuk hieronder wordt uitgelegd hoe het precies zit met het onderzoek.
De gemeente Edam-Volendam heeft een kunsthistorica ingehuurd om de collectie kunst- en erfgoedobjecten van de gemeente in kaart te brengen. Doel is om te “ontzamelen”: af te stoten wat niet van waarde is (aan de hand van criteria) en te behouden wat wel van waarde is. De collectie dient opgeschoond te worden om tot een beheersbare kerncollectie te komen.
In 2024 heeft de kunsthistorica onderzoek gedaan naar het BKR (Beeldende Kunst Regeling) bezit van de gemeente. Een deel van die werken is verkocht tijdens de Kunstmaand in oktober. Nu richt het onderzoek zich op de collectie van de gemeente die zich in het Edams Museum en het Waterland Archief bevindt.
Aan het eind van de 19e eeuw kocht de gemeente een oud pandje op het Damplein om het te behoeden voor sloop. Het “Coopmanshuys” werd in oude staat teruggebracht en werd door het enthousiasme van een aantal gemeentebestuurders een museum. Om het te vullen werden oproepen gedaan in de wijde omgeving om objecten aan het museum te schenken. Een zeer diverse collectie ontstond in die eerste jaren.
Omdat het de gemeente was die het museum stichtte, is het ook de gemeente die eigenaar werd (en is) van alle schenkingen en aankopen die vanaf de oprichting van het museum aan de orde waren. Dat veranderde pas eind 1958, toen de Stichting Edams Museum opgericht werd. Vanaf dat moment is de Stichting Edams Museum de eigenaar van alle aankopen en schenkingen van na de oprichtingsdatum.
Niet alle objecten zijn van de gemeente of van de stichting. Zowel voor als na 1958 zijn er veel objecten in bruikleen gegeven aan het museum. Dat wil zeggen dat het museum de objecten opneemt in de collectie en er goed voor zorgt, terwijl de bruikleengever de eigenaar blijft.
In de loop van de afgelopen 130 jaar, is niet altijd alles goed vastgelegd, er ontbreken veel belangrijke gegevens. Er zijn objecten waarvan niet vaststaat wie de eigenaar is. Er zijn objecten waarvan niet duidelijk is of de bruikleen later is omgezet in een schenking, enzovoort.
Om een goed beeld te krijgen van welke objecten er van de gemeente zijn, gaat de kunsthistorica dat onderzoeken.
Het onderzoek gebeurt in fases. In de eerste drie fases wordt gewerkt aan een inventarisatierapport.
- In fase 1 wordt onderzocht wie de eigenaar van ieder object is.
- In fase 2 wordt het onderzoek toegespitst op de objecten waarvan vaststaat dat ze van de gemeente zijn. De objecten van de Stichting Edams Museum worden in dit onderzoek niet nader onderzocht.
- In fase 3 wordt een voorstel gedaan welke objecten van de gemeente behouden of vervreemd zullen worden. En op welke wijze ze vervreemd kunnen worden, binnen de wettelijke voorschriften (Erfgoedwet). In deze fase zal de conservator van het Edams Museum vanuit haar kunsthistorische achtergrond meedenken en adviseren.
- In fase 4 wordt het inventarisatierapport aangeboden aan het college. Daarna worden (bruikleen)-overeenkomsten gemaakt en worden afspraken gemaakt om de objecten volgens de voorschriften te bewaren en te behouden. De kosten die dit met zich meebrengt zijn nog niet in kaart gebracht.
Het Edams Museum wordt al jaren geconfronteerd met zaken als een onvolledige collectie-administratie, onduidelijkheden betreffende het eigenaarschap, enzovoort. Het onderzoek dat nu plaats gaat vinden, zal daar voor een deel duidelijkheid in verschaffen, zodat het Edams Museum een meer volledige collectie-administratie zal hebben.
Marian Quak
Voorzitter Stichting Edams Museum