
Met Merel Conijn (zilver op de laatste Winterspelen) en olympisch kampioen Zhongyan Ning als de kopstukken begint schaatscoach Johan de Wit aan een nieuw, ambitieus en een opnieuw internationaal getint langebaanproject. Maar nu vanuit Nederland, onder de vlag van Team Novus, krijgt de droom gestalte waarover hij drie maanden geleden in Milaan al sprak. Opnieuw staat hij aan het hoofd van een gezelschap schaatsers uit verschillende windstreken (Azië, Nederland, België en Estland) dat – De Wit zegt het met nadruk – voor hem heeft gekozen. “Ze hadden ook andere mogelijkheden.” Een deel komt over van het door Miho Takagi geïnitieerde Team Gold. Dertien rijders (zeven vrouwen, zes mannen) storten zich onder leiding van de gedreven Noord-Hollander op een avontuur dat over vier jaar (in Thialf?) moet leiden tot een riante medailleoogst.
De dertien rijders van Team Novus zijn Zhongyan Ning (CHN), Mei Han (CHN), Taiyo Nonomura (JPN), Marten Liiv (EST), Merel Conijn (NED), Fran Vanhoutte (BEL), Indra Médard (BEL), Kurimi Inagawa (JPN), Ruining Tian (CHN), Momoko Horikawa (JPN), Binyu Yang (CHN), Zihan Zhou (CHN) en Liu Bin (CHN).
De Wit is blij met de mix van vooral sprinters en atleten voor de middellange nummers die hun vertrouwen in hem hebben uitgesproken. Hij haalt de naam van Marten Liiv aan. De Est kon een nieuw contract tekenen bij Team X2O Badkamers. “Hij had volgens mij ook de mogelijkheid naar Essent te gaan. Toch wilde hij liever met mij en deze ploeg werken. Prachtig! Maar ik vind het net zo mooi hoe de mensen van Team Novus hiervoor openstaan en hoe ze ermee omgaan. Echt te gek”, merkt hij op. Daar zegt De Wit ook iets. Team Novus? Dat was per 31 maart 2026 een gesloten boek. Vier jaar na het opstarten van de ploeg, die vooral een vangnet werd van een paar Britse, Belgische en enkele verloren Nederlandse schaatsers, vond oprichter Daniel Greig het genoeg. “Hij wilde zijn energie in andere dingen gaan steken”, vertelt teammanager Lieuwe Krol. “Nou, prima, verhaal ten einde. Daarom had ik de huur van ons kantoor in het Abe Lenstra Stadion allang opgezegd. Totdat Johan zich ergens in de winter meldde om eens te praten over iets nieuws. We zullen nu naar een ander kantoor moeten uitkijken…”
De ideeën van De Wit spraken Krol aan. Wetend hoeveel moeite het hem en de andere stafleden kostte om het team alle seizoenen draaiend te houden, werd er niet over een nacht ijs gegaan. “Het instapniveau van dit geheel is heel anders. Dit zijn allemaal schaatsers die in de A-divisie van de World Cup rijden en podiumkandidaten zijn op de grote toernooien.” De Wit: “Voor mij was het heel belangrijk dat Daniel Greig aan boord zou blijven. Hij moet als founder de cultuur van dit team bewaken, zodat de mensen op een bepaalde manier met elkaar omgaan. Dat vond ik het mooie aan het oude Team Novus.”
Johan de Wit: ‘Met Merel grote schoenen te vullen’
De aanwezigheid van mede Edammer Merel Conijn (25) in het internationale collectief van Johan de Wit is voor hem een extra stimulans. “Omdat zij deze stap heeft gezet, zijn we ontzettend gebrand om het goed te doen. Toen duidelijk was dat Merel naar mij wilde komen, heb ik Arjan Samplonius (haar coach bij AH Zaanlander, red.) gebeld. Ik wil immers de onderlinge relatie intact houden. We hebben grote schoenen te vullen, vertelde ik hem, want ze heeft geweldig geschaatst.” Conijn en De Wit kennen elkaar sinds haar tijd bij het KNSB Talent Team. “Toen deed ze al aanvragen bij de stichting Ringen om Volendam, een fonds dat geld steekt in talentvolle sporters die niet alles kunnen bekostigen. Destijds ben ik bij haar ouders thuis over de vloer geweest en sindsdien adviseer ik Merel bij haar keuzes. Twee jaar terug wilde ze graag naar Team Gold komen. Mij leek het beter bij Zaanlander te gaan rijden. Dat heeft best goed uitgepakt. Daardoor is onze band steeds sterker geworden. Ik heb nooit gezegd: je moet naar mij komen. Dat ze nu in de ploeg een plek heeft, is puur haar eigen keuze.”
Merel Conijn: “Met dit team is alles mogelijk.”
Conijn heeft komende winter ook de mogelijkheid marathons te rijden voor A6, dat samenwerkt met Team FrySk. “Ik heb Siep Hoekstra, de coach van FrySk gebeld en gevraagd of Merel zou kunnen aansluiten. Er werd nog gezocht naar een vijfde rijder die reserve is, dus dat kwam mooi uit. Geweldig hoe ze daar is opgevangen en wordt opgenomen in het team dat dezelfde instelling heeft als Merel: allemaal aanvallen.” De zorgvuldige verkenning van mogelijkheden, wensen en doelstellingen ging snel over in daadkracht. Want om een gezelschap uit de grond te stampen van zes Chinezen, drie Japanners, een Est, twee Belgen en een Nederlander was geld nodig. Er werd financiële ondersteuning beloofd uit China en Japan, de Estse schaatsbond reageerde enthousiast en namens de Vlaamse Schaatsunie nam de Nederlandse technisch directeur Hessel Evertse zich voor de middelen los te krijgen voor zijn atleten.
Het was peentjes zweten, weet De Wit, die vrijwel bij alle gesprekken aan tafel zat. “Het was niet van ‘Wil je helpen?’ ‘Ja, prima’, en ‘Oké, teken dit even en maak dan geld over’. Er is zoveel tijd in gaan zitten. En zoveel besprekingen. Alle betrokken bonden vinden het prachtig, maar voor het allemaal was afgerond…” Hij houdt een tel z’n mond, ongetwijfeld terugdenkend aan de vele uren van praten. “We hebben het goed, al zou een sponsor erbij heel fijn zijn. Iedereen krijgt straks netjes betaald. De Chinese bond zorgt voor mijn salaris, in principe ben ik dan ook bondstrainer van de Chinese rijders.”
Het raamwerk klopt. Rijders, drie coaches (ook Thomas Geerdinck blijft aan), fysio’s liggen vast; het puzzelen dat nog wel even voortduurt betreft nu allerlei logistieke zaken, als programma’s afstemmen, voeding en het werken met bijvoorbeeld een sportpsycholoog. “De Chinezen en Japanners mogen volgens de Europese wetgeving in een periode van 180 dagen er maximaal negentig in Nederland zijn”, aldus Krol. “De Chinese schaatsers moeten een visum aanvragen, terwijl dat voor de Japanse rijders weer niet geldt. We moeten dus een beetje uitvogelen wanneer de mensen hier trainen. Overigens is het begeleiden op afstand totaal geen probleem, want Daniel heeft allerlei apps ontwikkelt waarmee sporters overal ter wereld kunnen worden gevolgd en bijgestuurd. Voor de specifieke ijstraining is het wel belangrijk dat de schaatsers hier zijn.”
Ook niet onbelangrijk: de ijsuren in Thialf. Sinds jaar en dag zijn de beste trainingstijden voorbehouden aan de Nederlandse commerciële ploegen. Buitenlandse teams krijgen doorgaans de beschikking over de vroege ochtenduren, en in geval van afwezigheid van de Nederlandse topploegen komen er soms gunstigere uren vrij. “Met Novus waren we gewend om tussen 8.15 uur en tien uur te trainen. Ik ga er voorlopig vanuit dat daar niets aan verandert”, stelt Krol. De Wit toont zich iets strijdvaardiger. Thialf is een commercieel bedrijf dat onafhankelijk opereert en voor goede trainingsfaciliteiten kan zorgen. “Ik hoop dat Thialf die verantwoordelijkheid neemt. Daarom hoop ik dat er voor ons ook in de middag een trainingsblok kan worden georganiseerd. Zoniet, dan gaan we lekker naar Leeuwarden. Hoe moeilijker het ons wordt gemaakt, hoe beter het voor ons is. Ze gaan er toch allemaal aan”, zo neemt Johan een voorschot op de successen die hij hoopt te boeken.
Volgens mij had iemand dit al voorspeld op deze site. 😂