Dit kabinet wil sneller, meer en beter bouwen. Daarbij is het cruciaal te investeren in energiezekerheid en betaalbare energie, ook voor de lange termijn. In het coalitieakkoord is afgesproken dat op plekken waar een warmtenet niet de meest geschikte oplossing is, we per 2029 de uitrol van hybride, slimme warmtepompen stimuleren en normeren. Afgelopen jaren zijn er steeds meer huishoudens overgestapt van een cv-ketel op een (hybride) warmtepomp, waarmee ze grotendeels of helemaal aardgasvrij zijn. Dat is een positieve ontwikkeling. Huishoudens hebben veelal geïnvesteerd vanwege de relatief hoge en ook schommelende gasprijzen of willen een bijdrage leveren aan de klimaatdoelen. Met een hybride warmtepomp is immers veel minder aardgas nodig om een woning te verwarmen dan met alleen een cv-ketel en een volledig elektrische warmtepomp verbruikt helemaal geen aardgas. Zo houden huishoudens meer grip op hun energierekening. Daarmee is een warmtepomp een goede investering, zeker op langere termijn.
Tegelijk zien we op nationaal niveau dat het huidige tempo waarop cv-ketels worden vervangen door warmtepompen te laag is om in 2050 alle gebouwen aardgasvrij te verwarmen, een verplichting die volgt uit de EPBD IV richtlijn. Daarom zet het kabinet met de introductie van een norm voor duurzame verwarming een volgende stap en geeft het helderheid en richting. Daar waar geen warmtenet komt, zal bij vervanging van de cv-ketel de slimme warmtepomp de nieuwe standaard worden.
Een stap als deze kan alleen als een (hybride) warmtepomp voldoende aantrekkelijk is voor iedereen die met de norm te maken krijgt. Het moet eenvoudig, uitvoerbaar en economisch haalbaar zijn. Het kabinet zet daarom samen met de markt in op het wegnemen van de drempels voor een overstap. Zo kijken we naar de aanschaf-, installatie- en gebruikskosten en zorgen we ervoor dat er voldoende installatiecapaciteit in de markt is om warmtepompen te plaatsen en te onderhouden. De normering is daarmee onderdeel van de bredere beleidsinzet van stimuleren, prijsprikkels, ondersteuning en passende financiering om verduurzaming te stimuleren.
Het kabinet zet met ondersteunend en stimulerend beleid hier al fors op in. Om een echte versnelling in te zetten, is er echter meer nodig. Met de introductie van een norm voor duurzame verwarming geeft het kabinet helderheid en richting: daar waar geen warmtenet komt, zal bij vervanging van de cv-ketel de slimme warmtepomp de nieuwe standaard worden.
Warmtepomp als nieuwe standaard
Per 2029 wordt een hybride slimme warmtepomp in veel gevallen het uitgangspunt als de oude cv-ketel wordt vervangen. Plaatsing van (alleen) een nieuwe cv-ketel volstaat dan niet meer. Voor een groot deel van de woningen en gebouwen is een (hybride) warmtepomp nu al de meest efficiënte manier om te verduurzamen. Een hybride warmtepomp werkt samen met een cv-ketel. Hierdoor kun je gemiddeld 65% minder aardgas verbruiken voor het verwarmen van je huis. Dat levert een besparing op de energierekening op en vermindert de CO2-uitstoot van de woning met ruim 30%. Daarnaast leidt installatie van een warmtepomp tot een forse waardestijging van de woning. Mensen met een warmtepomp blijken ook tevreden over die keuze, onder meer vanwege een lagere energierekening. Uit recent onderzoek blijkt dat, ook met de tijdsafhankelijke nettarieven zoals die nu bij ACM ter beoordeling liggen, huishoudens met een warmtepomp een lagere energierekening zullen hebben dan huishoudens die hun huis verwarmen met een gasgestookte cv-ketel.
Daar waar mogelijk heeft de plaatsing van een volledig elektrische warmtepomp de voorkeur, omdat dan ook de kosten van het resterende gasverbruik en de gasaansluiting kunnen komen te vervallen. In alle gevallen is een slimme warmtepomp van belang voor het kunnen beheersen van de energierekening van huishoudens.
Realistisch en zorgvuldig
Tegelijkertijd moeten mensen deze verplichting wel mee kunnen maken. De normering moet daarom eenvoudig, uitvoerbaar en economisch haalbaar zijn. Voor woning- en gebouweigenaren, installateurs en gemeenten dient het duidelijk te zijn of een woning of gebouw onder de normering valt en hoe eraan kan worden voldaan. Daarom ben ik scherp op de impact van de norm op de energierekening en de mate waarin mensen de mogelijkheden hebben om te kunnen voldoen aan de norm. Dit kabinet ondersteunt de uitrol van (hybride) warmtepompen op verschillende manieren: we informeren over verduurzamingsmogelijkheden via Verbeterjehuis.nl en het Nationaal Programma Lokale warmte (NPLW), stimuleren warmtepompen en isolatie via subsidieregelingen en stellen aantrekkelijke financiering beschikbaar via het Nationaal Warmtefonds. Veel gemeenten bieden daarnaast praktische ondersteuning, aanvullende informatie of subsidies aan inwoners bij de verduurzaming van hun woning.
In de Aanpak Warmtepompen werkt het kabinet samen met een brede vertegenwoordiging uit de sector aan het op orde brengen van de randvoorwaarden voor een verdere opschaling van de warmtepompmarkt, juist ook om de aanschaf van een warmtepomp aantrekkelijk te maken. Ook juicht het kabinet lopende initiatieven uit de markt zelf toe die de overstap op een (hybride) warmtepomp stimuleren. Enkele fabrikanten hebben bijvoorbeeld een prestatiegarantie geïntroduceerd, waarmee een besparing op de energierekening wordt gegarandeerd. Daarnaast heeft de installatiebranche de afgelopen jaren ingezet op een verkorting van de installatietijd, wat zal leiden tot kostenbesparingen. Naast opschaling van de markt, dragen ook initiatieven als deze bij aan het verbeteren van de betaalbaarheid van de overstap op een warmtepomp.
De norm geeft richting aan keuzes van mensen, maar ook aan de sector. De installatiesector zal tijdig klaar moeten staan met voldoende gekwalificeerde installateurs om de warmtepompen te kunnen installeren én te onderhouden. Fabrikanten zullen investeringen moeten doen om aan de toenemende vraag te kunnen voldoen. De norm geeft de sector dan ook zekerheid dat die investeringen zich terugbetalen.
Keuzes bij de vormgeving van de normering
De normering wordt verwerkt in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), door de bestaande efficiëntie-eis aan verwarmingsinstallaties aan te scherpen. Deze eis is techniekneutraal en wordt zo gesteld dat er met een hybride warmtepomp aan wordt voldaan. Een installatie die nog efficiënter verwarmt, zoals een volledig elektrische warmtepomp, voldoet ook aan de norm, maar enkel verwarmen met minder efficiënte verwarmingsvormen zoals een cv-ketel, infrarood panelen of een elektrische kachel niet. De norm wordt per 2029 van toepassing op het moment dat een cv-ketel wordt vervangen. Dat gebeurt meestal bij een verhuizing, verbouwing of aan het eind van de levensduur. Dit is een duidelijk en logisch moment voor woning- en gebouweigenaren en zorgt dat er geen kapitaalvernietiging optreedt.
Om de impact op het elektriciteitsnet en netcongestie te minimaliseren, wordt in de normering de eis opgenomen dat de (hybride) warmtepomp slim is. Dat betekent regelbaar, bijvoorbeeld dat een warmtepomp kan worden ingesteld en aangestuurd om te verwarmen buiten de piekmomenten op het stroomnet of als de stroomprijzen laag zijn. Hierdoor worden zowel de energiekosten voor bewoners als de netbelasting verlaagd. Daarvoor wordt aangesloten bij de Nederlandse Technische Afspraak (NTA) die recent met de sector is opgesteld in opdracht van de minister van KGG. In die NTA is vastgelegd waar slimme warmtepompen aan moeten voldoen. Vooruitlopend op de normering, zet het kabinet al stappen in de implementatie hiervan via de Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE). Een hybride warmtepomp kan bovendien op koude winterdagen, wanneer het elektriciteitsnet vaak zwaarder wordt belast overschakelen op verwarming met aardgas. Dit beperkt de druk op het elektriciteitsnet op die piekmomenten. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat een hybride warmtepomp in de meeste gevallen geen verzwaring van de elektriciteitsaansluiting vraagt, maar goed mogelijk is op een kleinere één fase aansluiting. Daarmee is de aansluiting zelf in de meeste gevallen geen belemmering om een hybride warmtepomp te installeren.
Wanneer geldt de nieuwe verplichting?
De normering zal van toepassing zijn bij een vervanging van de cv-ketel bij een groot deel van de woningen. De precieze afbakening is nog onderwerp van uitwerking. Tegelijk zijn er situaties waarvan nu al wordt voorzien dat toepassing van een norm voor (hybride) warmtepompen niet wenselijk is of per 2029 niet haalbaar. Dat betreft:
- Woningen die op korte termijn worden aangesloten aan een warmtenet, zoals in het coalitieakkoord al is aangekondigd.
- Appartementsgebouwen. Hier is niet in alle gevallen ruimte om een (hybride) warmtepomp te plaatsen, kan geluidsoverlast optreden en is door het beperkte energieverbruik een warmtepomp minder rendabel.
- Monumenten. Dit zijn beschermde gebouwen. Voor het plaatsen van een warmtepomp is een monumentenvergunning nodig. Als die niet wordt afgegeven, kan een bewoner niet aan de verplichting voldoen. Tegelijk is het voor de energierekening van de bewoner wel vaak een goed idee om een hybride warmtepomp te installeren als dat kan.
Uiteindelijk zullen alle gebouwen overgaan op een duurzame vorm van verwarminging om het doel van een aardgasvrije gebouwde omgeving per 2050 te halen. Bij de verdere uitwerking van de normering wordt gekeken hoe en per wanneer appartementen en monumenten wel onder de normering zouden kunnen vallen. Dit is onder meer afhankelijk van de ontwikkeling van de markt. Ook over het al dan niet opnemen in de norm van utiliteitsgebouwen, zoals scholen en bedrijfsmatig vastgoed, zal het kabinet nog een keuze maken.
Ten slotte is belangrijk te benadrukken dat de voorgenomen verplichting bij ingaan van de norm een logische tussenstap betreft op weg naar aardgasvrij in 2050. Hybride warmtepompen verbruiken immers nog aardgas. Een hybride warmtepomp geeft een gebouweigenaar tussen 2030 en 2050 voldoende tijd om bijvoorbeeld de (isolatie)schil van het gebouw aan te pakken, zodat vervolgens de overstap naar aardgasvrij gemaakt kan worden. Daar waar een all-electric warmtepomp al kan, is die stap te verkiezen.
Vervolgproces
Voor het bepalen van een passende reikwijdte van de normering heb ik een extern onderzoek uitgezet, waarbij wordt onderzocht in welke gevallen een hybride warmtepomp zich naar verwachting terugverdient binnen de levensduur. Dit onderzoek wordt begin 2027 afgerond. Parallel hieraan worden verschillende bouwstenen voor de norm verder uitgewerkt, zoals de uitzondering van woningen die worden aangesloten aan een warmtenet, de verhouding tot de huidige vergunningsplichtigheid en de implementatie van slimme aanstuurbaarheid.
Daarnaast is de uitkomst van de besluitvorming in het voorjaar van 2027 over aanvullende klimaatmaatregelen van belang. Naar verwachting zullen de norm voor hybride warmtepompen en eventueel ondersteunend beleid belangrijke bouwstenen zijn voor het beleidspakket voor de gebouwde omgeving na 2030 en daarmee onderdeel zijn van die besluitvorming. Daarom is het belangrijk om die uitkomsten mee te kunnen nemen bij de keuze hoe de norm op een haalbare en uitvoerbare wijze kan worden ingevuld.
Het wijzigen van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) kent een vast proces en doorlooptijd. Gegeven de stappen die moeten worden gezet en de zorgvuldigheid die het kabinet daarbij betracht, is normering per 2029 de vroegst haalbare ingangstermijn. Ik zal uw Kamer na de besluitvorming van voorjaar 2027 verder informeren over de uitwerking van de norm. Vervolgens wordt het voorstel geconsulteerd en in voorhang gebracht bij het parlement, wat voorzien is in de zomer en het najaar van 2027. Publicatie van de wijzigingen in het Bbl wordt voorzien medio 2028, zodat de normering per 2029 in werking kan treden.

Welk normaal Nederlands gezin, met 2 werkende ouders kan dit effe betalen?
Hoe kan een aower dit betalen zal de koning bij moeten springen
Woon in een huis van bouwjaar 1946, het hele huis verduurzamen kost een godsvermogen, daarbij ben ik ook nog alleen staand
Luna, dat interesseert ze niet. Ze zijn door het dolle heen in dit land. Met alles het braafste jongetje van de klas zijn en zichzelf helemaal klem zetten( stikstof wet)
Waar moet al die stroom vandaan komen voor deze pompen en straks elektrishe auto s de stroom prijzen zullen bij tekorten wel kunnen verdubbelen
Belachelijk gedram!!!! Wil de regering dit? Betaal het dan ook voor een groot deel. 50% zou redelijk zijn. Maar mijn mening is en blijft dat we gigantisch in de maling zijn genomen door de politiek. Wederom. De groene transitie zou kosteloos gaan waren de grote woorden. Ondertussen moet iedereen maar zijn huis isoleren en tal van andere maatregelen nemen. Onbetrouwbare overheid!Het is gewoon een ordinair verdienmodel die hele klimaat hysterie.
Er is veel geld nodig om de geldrondpomp industrie in stand te houden.
Half Syrië, Eritrea, Gaza, moet hier wonen en Nederland moet meebetalen aan de economie van Frankrijk, Italië en Spanje.
Dan moeten we nog een vrijheidsbedrage leveren aan Oekraïne en we gaan in Nederland het klimaat redden.
En als je daar niet aan mee wil doen dan zet je de kachel maar uit.
Even afgezien van door de strot douwen aan enkel de groep eigenaren die voor hun huisvesting de overheid ontlasten door zelf te verzorgen.van het gas af betekend over op elektrisch,helaas deze kortzichtige drammers houden in het geheel geen rekening met het beslag op het elektranet dat al deze zogenaamde energietransitie teweeg brengt of zou moeten brengen want er is geen ruimte op het net terwijl de prijs van elektra na de overschakeling uiteraard zeer snel zal stijgen,hoezo terugverdienen van de opgedrongen investering inclusief OB opbrengst en winstbelasting van de fabrikanten en installateurs.