Naar de inhoud

Fragmenten Edamse historie beeldend gebracht door D’Ye

Bron: Stadskrant

Fragmenten Edamse historie beeldend gebracht door D’Ye
Ga er maar aanstaan: als voorbereiding op een groot spektakelstuk in het feestjaar komt het idee naar boven om een reis door de tijd te maken. En welke aspecten van de lokale geschiedenis pik je er dan uit. Toneelvereniging D’Ye koos er uiteindelijk voor om het hanteerbaar te houden met vijf verschillende perioden die invloed hebben gehad op de kleur van de stad. Het werd vooral een vriendelijke reis door Edam, waarin de ups en downs van de kleine kaasstad mooi zijn vervat en waarin vooral de laatste scène de lachers op de hand krijgt.

De setting is natuurlijk perfect: in de monumentale Grote Kerk, de plek waar alle Edammers in goede en slechte tijden al eeuwenlang hun eigen geschiedenis schrijven. De verhalenverteller (Ben Kuenen) en de muzikant (Ger Cloosterman) vormden de verbindingsmannen tussen de vijf scènes. Het stuk moest even op gang komen, mede door de matige geluidskwaliteit, maar als in het tweede bedrijf de knoppen goed staan afgesteld, veert het publiek op.

De aanwezigen krijgen geschiedenisles waarbij zichtbaar wordt hoe de oer-Edammers reageerden op de boodschap stadsrechten te hebben ontvangen. Een sprongetje in de tijd brengt ons in de haven, waar de eerste grote economische scheuren zichtbaar worden als gevolg van sluis en de dichtgeslibde haven. Hieruit ontstaat wel de samenwerking tussen boeren en burgers die de Edammers later geen windeieren zal leggen: Edam wordt een kaasstad!

Een diepe kloof in de kleine samenleving is de opkomst van nieuwe geloofsinterpretaties. De moederkerk wordt als corrupt gezien met tal van onnozele regels. Sfeervol is de opkomst van een stoet gelovigen, die vlak daarna ‘afvalligen’ blijken te zijn, gelokt door de hagenpreken aan de Lokkemientjeweg. Zelfs de pastoor loopt over en Edam glijdt zonder geweld naar een protestante samenleving, volgers van Willem van Oranje.

Na een Gouden Eeuw zakt de Edamse economie in de 18e en de 19e eeuw helemaal in. Edam is geen schim meer van de Parel die het ooit was. Het enige wat rest zijn de drie glorieuze schilderijen van de langste vrouw, dikste man en langste baard: Edam teert op zijn verleden.
Pas na de Twee Wereldoorlog bloeit Edam weer op. In een laatste, hilarische scène zien we de Knijp (de bekende slijterij in de Spuistraat, enkele jaren geleden definitief gesloten) van ‘Thea’ Stevens nog één keer open gaan. Op 31 december 1999 wachten vele markante Edammers vrolijk maar gespannen op de gevolgen van de millennium bug. Die technische ontsporing van de maatschappij komt er niet. Wel zien we markante Edammers een borreltje drinken: ome Jaap Conijn, Bruin Langkemper, de familie van Overbeek en natuurlijk de strenge barkeeper Thea (Theo) Stevens (“wie zingt gaat er uit”).

Het leven in Edam is anno 2000 zo slecht nog niet, is de boodschap van de voorstelling die opvalt door de mooie kostuums en muziek, alsmede het leuke spel van de vele acteurs.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.