Ze groeiden uit hun huis en gingen op zoek naar een grotere woning. Ver hoefden ze niet te gaan. Bob Eeltink en Charlotte van Gulik verhuisden samen met hun kinderen, Jet en Han, van de Lingerzijde naar de Kleine Kerkstraat. Eerder hadden ze al eens naar een huis in dat rijtje gekeken, maar uiteindelijk kregen ze de kans om het ouderlijk huis van Charlotte te kopen. Terugverhuizen naar het huis waarin je bent opgegroeid, is een kans die je met beide handen moet aanpakken, want als het goed is, komt die maar één keer in je leven voorbij. Foto Marianne Klok: Bob Eeltink en Charlotte van Gulik bij de woning die ze kochten van Charlotte haar moeder.
“Onze kinderen zijn de vierde generatie die in dit huis wonen. Dat is een heel bijzonder gevoel. Zij slapen in de twee bedstedes waarin ik en mijn zus ook heb geslapen, en zelfs mijn opa en oma hebben daar geslapen. De emotionele band met dit huis is heel sterk. Dat heeft er ook voor gezorgd dat we deze verbouwing aandurfden, want het is wel een uitdaging. Alleen al het vergunningstraject van dit rijksmonument heeft 1,5 jaar geduurd.”
Elementen apotheek nog zichtbaar
“Vroeger was dit een apotheek. Dat is nog terug te zien aan de esculaap boven de voordeur. In de gang zitten twee wandpanelen, waarachter de deuren naar het naastgelegen pand van Van Overbeek verborgen zitten. Dat pand was oorspronkelijk de pillenopslag van de apotheek.”
Overal te gelijk bezig
“Mijn vader, Pim van Gulik, was restauratiearchitect en het koesteren van zo’n huis is ons met de paplepel ingegoten. Wij hebben daarom ook specifiek voor een architect gekozen die ervaring heeft met restauratie. De aannemer is nu over tegelijk bezig. Dat leek ons handig. Het kon ook niet anders, maar handig is anders aangezien we hier ook nog gewoon wonen. Gaandeweg lopen we tegen bouwkundige problemen aan waar we iets mee moeten. Mijn vader noemde het al een fuik: je rolt van het een in het ander en kunt niet meer terug.”
Tegenvaller in de slaapkamer
“Toen we twee jaar geleden hier kwamen wonen, hebben we het eerst een beetje opgefrist. Het traject van eerste gesprek tot aan de vergunning duurde anderhalf jaar, dus zijn we begonnen met het schilderwerk. Inmiddels zijn op de eerste verdieping zijn de ramen vervangen door vacuümglas. De voorslaapkamer is geïsoleerd en geschilderd; daar slapen we nu met het hele gezin. De achterslaapkamer is een heel ander verhaal. Daar is een houten balk weggerot, waardoor we nu zo naar buiten kunnen kijken.”
“Ons doel is om het huis comfortabeler te maken en bouwkundig weer op orde te krijgen. De indeling was wat onlogisch: op de verdieping van de aanbouw, waar de keuken zich bevindt, zat de badkamer. Maar die verdieping stond niet in verbinding met het woonhuis. Daarom hebben we de badkamer verplaatst naar de eerste verdieping van het woonhuis. De oude badkamer is nu omgebouwd tot werkkamer.”
Belletje voor de hulp
“In de aanbouw was nog asbest aanwezig, maar dat is inmiddels volledig verwijderd. We hebben een nieuwe trap laten plaatsen en de keuken wordt van binnenuit geïsoleerd. In de woonkamer zaten nog houten luiken aan de binnenzijde van de ramen; welke weer werkend zijn gemaakt. In de kamer hangt nog een belletje dat vroeger werd gebruikt om de hulp, die boven de keuken huisde, te roepen. We willen dit in ere herstellen, maar dan richting zolder, zodat we boven kunnen bellen als het eten klaar is.”
Project met lange adem
“Er blijven altijd dingen die aangepakt kunnen worden. We hebben bijvoorbeeld een prachtige schouw, maar het rookkanaal is afgekeurd. Je kunt niet alles in één keer aanpakken; dat is financieel niet haalbaar. Mensen vragen wel eens wanneer het af is. Maar ik denk dat het nooit af is; het zal altijd in beweging blijven.”