Met douches en toiletten op iedere kamer en voorzieningen als restaurants en bars, zijn veel hotels al op dagelijkse basis bezig met hun waterverbruik. Dit geldt des te meer voor hotels met wellnessfaciliteiten. Eveline Colijn, general manager van Fort Resort Beemster vlakbij Purmerend, vertelt welke rol water, hygiëne en duurzaamheid spelen in hun hoteloperatie. De normen wat betreft de kwaliteit van het zwemwater zijn per 1 januari wel fors aangescherpt.
Bij Fort Resort Beemster wordt goed op de nieuwe voorschriften gelet. Colijn wordt hier onder meer in bijgestaan door een laboratorium dat op wekelijkse basis de waterkwaliteit test. Ook is het hotel aangesloten bij branchevereniging VNSWB en vanuit die organisatie worden weer handvatten aangereikt. Legionellabestrijding speelt hierin eveneens een voorname rol: “We hebben een risicoanalyse gemaakt en er zijn richtlijnen vanuit het RIVM, al die vind ik zelf nog vrij soft. Ik ben van mening dat, als mensen ongekleed zijn, hygiëne key is. Wij zitten er daarom bovenop.”
Naast wet- en regelgeving, speelt ook waterbesparing een belangrijke rol in de exploitatie van het hotel. Om te zorgen dat er zo min mogelijk drinkwater wordt gebruikt, is een ingenieus systeem in gebruik: “Wij vangen op het dak van het fort al het regenwater op. Dat werd vroeger al gedaan om drinkwater voor de soldaten te garanderen, ook als het fort was afgesloten door de vijand”, legt Colijn uit. “Wij hebben dat systeem gekopieerd. Het regenwater gaat vervolgens door een speciaal filter en daarmee spoelen we alle buitendouches en toiletten in het bedrijf door. Je kunt je voorstellen hoeveel drinkwater dat normaal gesproken op een dag zou zijn met gemiddeld vierhonderd gasten, die vier keer per dag een toilet bezoeken en zes liter doorspoelen… Wij vinden het een hele slechte zaak dat toiletten normaal gesproken met drinkwater worden doorgespoeld, dus doen wij dat met regenwater.”
Bij Fort Resort Beemster worden de vruchten geplukt van het besluit om stevig in te zetten op wellnessfaciliteiten. Het in 2012 geopende hotel heeft daarbij het voordeel dat veel moderne voorzieningen bij de bouw al aangelegd konden worden: “Wij hebben het vanaf de start goed ingericht. Als je op dit moment al operationeel bent, moet je kijken of er zaken zijn waarmee je nu water of energie zou kunnen besparen”, geeft Colijn mee als tip. “En altijd alert zijn op nieuwe trends of ontwikkelingen, of op zaken die nog beter kunnen. Je moet altijd alert zijn en af en toe iemand inhuren om te kijken of het beter kan. Al met al is het een kostbare aangelegenheid en wanneer je ervoor kiest zoiets neer te zetten, denk dan goed na over de route van de bezoekers. Je komt vaak onlogische keuzes tegen, waarbij gasten bijvoorbeeld eerst door het restaurant moeten waar mensen in hun badjas zitten voordat ze bij de kleedkamers komen.”
“De duurzame investeringen die er tegenwoordig bij horen, betalen zich over het algemeen wel snel terug. Het lijkt in eerste instantie veel, maar ik zou er toch in investeren om water en energie te besparen. Voor de bezetting van je hotel is het in ieder geval een goede investering. Een hotel in het buitengebied heeft tegenwoordig gemiddeld een bezetting van tussen de 57 en 67 procent op jaarbasis. Wij zitten op 92 procent en dat komt omdat wellness altijd bezet wordt.”