Afgelopen paasweekend kon de jeugd weer (paas)eieren zoeken. Een traditie die zijn oorsprong vindt in het niet zo verre verleden toen men bij het begin van de lente nog de eieren van weidevogels zocht om op te eten. Van het eten van de eieren is allang geen sprake meer, want het gaat inmiddels zo slecht met onze weidevogels dat er een serieus weidevogelbeschermingsbeleid is opgetuigd, waarin miljoenen euro’s omgaan.
De velden in bij Warder
Als bijdrage aan dit beleid trok op de dag dat de officiële lente begon een groep vrijwilligers de velden in bij de boerderij van Oortwijn & Hellingman in Warder om te kijken hoeveel nesten en eieren van weidevogels er inmiddels al aanwezig zijn.
Nesten tellen
Het agrarische bedrijf van Sandra en Darin Oortwijn en hun jongste dochters Marly en Wendy staat al jaren bekend om hun weidevogelbeschermingsbeleid. Elk jaar worden op hun landerijen honderden nesten van kieviten, grutto’s, scholeksters, tuureluurs en slobeenden geteld door de vrijwilligers. Die markeren de nesten, tellen de eieren, controleren hoeveel eieren uitkomen, maar ook hoeveel er geplunderd worden door roofvogels, vossen, ratten en hermelijnen.
Ruige mest
De Oortwijnen rijden rond deze tijd speciaal voor de weidevogels ruige mest uit, zetten wat greppels vol water en gaan straks later of niet maaien op de plekken die door de vrijwilligers zijn gemarkeerd.
Mooi resultaat
Dat loont, want elk jaar komen de vogels terug op de plek waar ze het jaar daarvoor hun nest hebben gemaakt. Twee zaterdagen zijn inmiddels gecontroleerd en de oogst mag er zijn: vijftig kievietsnesten, twee van een scholekster en ook een grutto heeft zijn eerste eieren in Warder gelegd.