Het woonbeleid van de gemeente Waterland blijft in de uitvoering achter bij de ambities. Dat stelt de Rekenkamer van de gemeente. De gemeente heeft als doel om zo’n 2.000 huizen te bouwen in de komende tien jaar. Doordat de uitvoering niet voldoende is, zouden er minder huizen gebouwd kunnen worden. Net als in vrijwel heel Nederland, staat ook de woningmarkt in de gemeente Waterland onder druk. Starters vinden moeilijk een betaalbare woning, de doorstroming in de sociale huursector is beperkt en zo zijn er meer symptomen. Samengevat: er is meer vraag dan aanbod.
Onderzoek
De Rekenkamer deed onderzoek naar de manier waarop het woonbeleid bijdraagt aan het oplossen van de woningproblemen in de gemeente. Daarvoor bestudeerde ze verschillende documenten. Ook spraken ze met bestuurders, ambtenaren, woningcorporaties en andere betrokkenen.
Ambities
Volgens de Rekenkamer zorgt de capaciteit voor spanning tussen ambitie en uitvoerbaarheid. Zo zou er bijvoorbeeld financieel, maar ook als het om ruimte gaat, minder mogelijkheden zijn voor de 2.000 huizen. Bovendien benadrukt de Rekenkamer dat de beschikbare ambtelijke capaciteit beperkt is en het ontbreekt aan specialistische kennis om het beleid goed uit te voeren.
Geen resultaten
Een ander knelpunt is dat de gemeente onvoldoende grip heeft op de voortgang van het woonbeleid. Er ontbreekt een samenhangend systeem om de uitvoering en effecten structureel te volgen, zo benadrukt het onafhankelijke orgaan. Daardoor is het moeilijk om tijdig bij te sturen en heeft de gemeenteraad niet altijd een helder beeld van de vraag of de gestelde doelen worden gehaald.
Samenwerken
Toch zijn er volgens de Rekenkamer ook positieve ontwikkelingen. De samenwerking met woningcorporaties en andere externe partners is de afgelopen jaren verbeterd. De Rekenkamer roept de gemeente Waterland onder andere op om de ambitie beter af te stellen op de beschikbare capaciteit. Ook wil de groep dat het woonbeleid vaker wordt gemonitord.
