Het werd een heel bijzondere ochtend op 7 maart, de dag voor Internationale Vrouwendag op 8 maart, in De Nieuwe Kerk in Amsterdam. Daar werd onder het toeziend oog van vele genodigden, waaronder het bestuur van het Betje Wolff Museum, de schrijverssteen voor Betje Wolff en Aagje Deken onthuld. Karen Polder tekende voor het ontwerp ervan. Ze gebruikte een gloednieuwe letter, die is ontworpen door de jonge letterontwerper Jacob Wise. Henk Welling heeft de steen uitgehakt.
Dit jaar is het 220 jaar geleden dat het schrijversduo negen dagen na elkaar overleed.
Ze deelden lief en leed en ook het schrijverschap. Ze waren hun tijd ver vooruit: in hun opvattingen over zelfstandigheid, onafhankelijk denken en eigen keuzes maken. Ze vonden dat vrouwen ook rechten hadden en steunden meisjes in hun ontwikkeling. Ze staken hun mening niet onder stoelen of banken!
Hun brievenroman, ‘De historie van mejuffrouw Sara Burgerhart’ is de eerste echte brievenroman die in Nederland is geschreven. Een roman die is opgenomen in de Canon ten behoeve van het geschiedenisonderwijs.
Voor de onthulling waren er een aantal toespraken. Onder andere van Paul Mosterd, adjunct directeur van De Nieuwe Kerk over schrijversstenen, van Marita Mathijsen, emeritus hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Marita Mathijsen is bezig is met een biografie van Betje Wolff. Maartje Smits met prachtige gedichten, en Ellen van Selm, de burgemeester van Purmerend (en Beemster). De steen ligt tussen de andere schrijversstenen, van o.a. Multatuli, Louis Couperus, Hella Haasse, W.F. Hermans, Johan Huizinga en Coornhert.