De krant wordt met geen hand meer aangeraakt. Hij ligt daar maar, alleen op dinsdag en op vrijdag kijk ik ijdel genoeg even of mijn column er goed in staat, maar soms vergeet ik zelfs dat. Maar vergeten kun je het eigenlijk niet noemen. Ik heb gewoon geen tijd meer voor de krant. Prompt moet ik denken aan die oude meditatieleraar: Je moet elke dag twintig minuten mediteren en als je daar geen tijd voor hebt – want wie heeft er tegenwoordig nog tijd om te mediteren – als je daar geen tijd voor hebt, begin dan met een uur te mediteren.
Het is een oude grap uit meditatieland die de enthousiaste beginners zowel aan- als ontmoedigt. Wat moet ik daar nou mee als ze zelfs in die kringen de draak steken met zichzelf. Dat is misschien wel de kunst van het hele leven, dat je altijd in staat bent de spot te drijven met je eigen situatie. Dat je erom kunt lachen, dat je kunt genieten van de nodige zelfspot.
Dat je weet dat niets voor de eeuwigheid is en dat alles betrekkelijk is en dus tamelijk relatief, ook het leven waar wij zo aan vastklampen en ook het sterven, waar wij het liefst omheen lopen als was het zwart gat, achtergelaten door de gemeentelijke werken omdat het vijf uur was. Met de gemeentewerken mag je natuurlijk helemaal niet spotten, zelfs niet met de aanleg van de kabels voor het glasvezelnetwerk, waar zij nadrukkelijk niets mee te maken (willen) hebben. Je moet maar afwachten wat er gebeurt, ook al gebeurt er niets, zoals bij de invoering van betaald parkeren. Zouden die tarieven ook voor de gemeentelijke begraafplaats gelden. Dan laat ik me liever toch maar cremeren, want anders kon het nog wel eens behoorlijk oplopen.
In ieder geval is het begin van deze dag ook weer voorbij. Alleen nog de middag en de avond. Gelukkig zijn ze weer begonnen met de eredivisie en kan ik me weer druk gaan maken over belangrijke zaken die er helemaal niet toe doen.