De dag begint traag en loom. Ik heb lang geslapen, van half tien ’s avonds tot tien uur ’s morgens. Dan klopt de thuiszorg zachtjes aan mijn bed. Langzaam ontwaak ik uit een slome droom. Ik droom de laatste tijd steeds vaker maar mijn dromen zijn steeds moeilijker na te vertellen, omdat ik ze vergeet of omdat het verhaal te heftig is.
Er is elke dag een andere thuiszorgmedewerker, wat ik erg leuk vind, en deze is net terug van vakantie. We wisselen verhalen uit over de laatste drie weken die ik hier om privacy-redenen niet kan delen. Ik ben te moe om mijn bed uit te komen en ze kan me dus niet in de keuken aan het aanrecht wassen. ‘Ik was je hier in bed wel,’ zegt ze, de situatie overziend. Ik ben het er gelijk mee eens en hoor haar rommelen in de keuken ter voorbereiding. Het was gaat geroutineerd als altijd en ze kan mij ook heel goed aankleden. Onderwijl lachen we nog om alle vakantie perikelen. Zo begint de dag toch iets vrolijker dan gedacht. Wanneer ik klaar ben ga in een stoel zitten om uit te puffen. Ik neem mijn eerste medicijnen van de dag met wat vla en altijd voel ik me kort na het innemen van de medicatie een stuk beter.
We hebben vandaag niemand op het rooster staan en dat is wel een heel ontspannende gedachte. Ik lees wat en ik kijk een beetje naar het nieuws, maar ik doe alles uit en dicht en lig in mijn stoel een beetje te niksen.
Ik denk dat de dag zo wel lang gaat duren en ik app met EvanJ of hij aan het einde van de middag nog een ritje wil maken om een harinkje te scoren. Dat vind hij ook een leuk idee en rond een uur of vier – ik zit net naar een interessante documentaire over Sean Scully te kijken, dwarrelt hij binnen. Even later vertrekken we met de rode brombeer en vind de dag zijn besluit met een heerlijk harinkje in Volendam.