Op 6 september is de concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau gepubliceerd voor het project netuitbreiding 380 kV Noord-Holland Noord. Naast de ook door Wormerland en Oostzaan ondertekende zienwijze vanuit de regio Zaanstreek-Waterland, dienen de gemeenten Wormerland en Oostzaan langs deze weg nog een aanvullende zienswijze in.
De zienswijze vanuit de regio Zaanstreek-Waterland
In de zienswijze vanuit de regio Zaanstreek-Waterland wordt terecht aangegeven dat nieuwe grootschalige energie-infrastructuur onverenigbaar is met de landschappelijke kwaliteiten van de regio. Ook ligt het vanuit het oogpunt van water en bodem sturend niet voor de hand om nieuwe grootschalige energie-infrastructuur te realiseren in de lager gelegen veenweidegebieden en polders van Zaanstreek-Waterland.
Het veenweidegebied en polderlandschap in Wormerland en Oostzaan
Het grootste aaneengesloten veenweidegebied van West-Europa (het Wormer- en Jisperveld) ligt in de gemeente Wormerland. In de gemeente Wormerland ligt ook de 17e eeuwse droogmakerij de Wijdewormer. De Wijdewormer heeft een hoge cultuurhistorische waarde en is met 1666 hectare één van de grotere droogmakerijen uit die tijd. In de gemeente Oostzaan ligt het Oostzanerveld dat deel uitmaakt van het grootste uitgeveende laagveencomplex ten noorden van Amsterdam. Het Wormer- en Jisperveld en het Oostzanerveld zijn Natura-2000 gebied.
Gelet op het voorgaande zal het niet verwonderen dat de gemeenten Wormerland en Oostzaan in deze eigen zienswijze nog nadrukkelijker willen ingaan op de landschappelijke kwaliteiten van het veenweidegebied en polderlandschap. Ook vanuit Water en Bodem Sturend ligt het niet voor de hand om nieuwe grootschalige energie-infrastructuur te realiseren in deze zeer laag gelegen delen van de gemeenten Wormerland en Oostzaan.
De landschappelijke kwaliteiten
Dat nieuwe grootschalige energie-infrastructuur onverenigbaar is met de landschappelijke kwaliteiten van ons veenweidegebied en polderlandschap, blijkt eens te meer uit de Provinciale Omgevingsverordening en het Ontwikkelperspectief NOVEX van de Metropoolregio Amsterdam, die zijn vastgesteld door Provinciale Staten respectievelijk alle MRA-gemeenteraden en provinciale besturen. Vanuit democratisch oogpunt kan daaraan niet voorbij worden gegaan.
De Provinciale Omgevingsverordening typeert ons veenweidegebied en polderlandschap als Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) waarop we extra zuinig moeten zijn vanwege de bijzondere waarden. De kernkwaliteiten van het BPL mogen niet worden aangetast. Ook in het Ontwikkelperspectief NOVEX van de Metropoolregio Amsterdam worden het veenweidegebied en de polders benoemd als waardevolle landschappen vanwege het typische Hollandse karakter en de erfgoedwaarden die erin zijn vervat. Het Ontwikkelperspectief NOVEX vermeldt eveneens dat deze waarden niet mogen worden aangetast en dat de openheid tussen de stedelijke gebieden moet worden gewaarborgd. Landschapsinclusieve ontwikkeling is uitgangspunt. Vanwege de bijzondere landschappelijke waarden zou dit uitgangspunt resulteren in een noodzakelijke ondergrondse aanleg van nieuwe energie-infrastructuur. Aangezien dit leidt tot extra investeringen om dit (ook technisch) mogelijk te maken is het een omissie als dit niet wordt meegenomen in de NRD.
Water en bodem sturend
Door water en bodem sturend te maken voor de ruimtelijke ordening kunnen de effecten van klimaatverandering beter worden opgevangen. Het klimaat zal blijven veranderen, de zeespiegel zal blijven stijgen, de bodem zal verder zakken en neerslag en droogte zullen blijven toenemen. Het is belangrijk om te voorkomen dat de klimaatopgave voor de volgende generaties groter. Dit geldt zeker voor vitale infrastructuur zoals de energie-infrastructuur. In de Deltabeslissing Ruimtelijke Adaptatie (2015) is al afgesproken dat vitale en kwetsbare functies uiterlijk in 2050 beter bestand moeten zijn tegen de gevolgen van de klimaatverandering. Het kabinet heeft bovendien inmiddels ook bepaald dat niet mag worden afgewenteld zodat ook alle (toekomstige) investeringen om nieuwe grootschalige energie-infrastructuur klimaatbestending te realiseren onderdeel zouden moeten zijn van de kostenberekeningen. Ook de provincie heeft blijkens zijn voorstel tot wijziging van de provinciale Omgevingsverordening het voornemen om Water en Bodem Sturend op te nemen als instructieregel. De bodem en het watersysteem in het veenweidegebied en de polders verhouden zich heel slecht tot de aanleg van nieuwe grootschalige energie-infrastructuur zodat het ook vanuit Water en Bodem Sturend niet voor de hand ligt om nieuwe grootschalige energie-infrastructuur te realiseren in de lager gelegen veenweidegebieden en polders.
Concluderend
Concluderend sluiten Wormerland en Oostzaan met hun zienswijze aan op het regionale standpunt dat er geen acceptabele inpassing van de energie-infrastructuur mogelijk is in de waardevolle landschappen in onze regio. Met deze eigen zienswijze hebben wij als gemeenten Wormerland en Oostzaan nog nadrukkelijker in willen gaan op de landschappelijke kwaliteiten van het veenweidegebied en polderlandschap in de gemeenten Wormerland en Oostzaan.