Afgelopen donderdag verzamelden zich zo’n duizend mensen op het plein voor de Stopera om te demonstreren tegen Jodenhaat. Deze manifestatie werd georganiseerd door twintig Christelijke en Joodse organisaties, waaronder Christenen voor Israël, het Cidi, Bouwen met Israël, Gereformeerde Gemeente Poederoijen en Mars voor het Leven. Rond zeven uur ’s avonds arriveerden veertien bussen uit onder meer Staphorst, Giessen en Nijkerk. Veruit de meeste bezoekers kwamen uit de Biblebelt.
Ik ben de laatste tijd niet zo van demonstraties, maar in dit geval vroeg ik me af of ik geen uitzondering moest maken. Een manifestatie tegen antisemitisme, die ondersteunde ik van harte. Zeker na wat ik het afgelopen jaar zelf allemaal over me heen heb gekregen. Uiteindelijk besloot ik toch om thuis te blijven. Ik was bang dat het politiek zou worden: onvoorwaardelijke steun aan Israël en antisemitisme worden wat mij betreft te vaak in één zin genoemd. Dus hoe welkom was ik eigenlijk bij zo’n bijeenkomst als fervent critica van de regering Netanyahu?
Tijdens een eerdere, dergelijke happening was ik wél aanwezig. Daar stak het me nogal dat er werkelijk met geen woord over de Palestijnen werd gerept. Of dat nu ook gold weet ik natuurlijk niet, maar op foto’s zag ik veel aanwezigen met Israëlische vlaggen en zelfs een bord met de tekst: ‘Benyamin Netanyahu, Welcome to Urk.’
Om exact dezelfde reden ga ik nooit naar pro-Palestina demonstraties. Ik lig wakker van al die dode kinderen in Gaza, en vind dat er per direct een staakt-het-vuren moet komen. Maar een aantal keer liep ik langs betogingen waar ik zinnen hoorde als ‘No peace on stolen land’, ‘Israel terror state’ en uiteraard ‘From the river to the sea, Palestine shall be free’. Ook zag ik een spandoek met daarop een davidster en een hakenkruis naast elkaar afgebeeld.
Een paar weken geleden vond er zelfs een pro-Palestinademonstratie plaats voor de bibliotheek in Purmerend, waar ik op dat moment een lezing gaf. Zo’n twintig fanatiekelingen stonden voor de deur te schreeuwen. Ze deelden flyers uit aan mijn publiek, waarop stond dat ik in werkelijkheid geen moer om de Palestijnen geef, omdat ik uiteindelijk niets anders ben dan een doortrapte zionist.
Terwijl ik het liveblog over de avond bij de Stopera volgde, vroeg ik me af waarom er nog geen grote vredesdemonstratie is georganiseerd. Een demonstratie met tienduizenden deelnemers, waar wordt stilgestaan bij de vele slachtoffers in Gaza én bij de aanslagen van 7 oktober en het lot van de Israëlische gijzelaars. Een demonstratie waar aandacht is voor moslimhaat én voor antisemitisme. Een demonstratie waar we niet tégen elkaar zijn, maar vóór elkaar. Een demonstratie waar alleen de vredesvlag is toegestaan. Kennelijk is dit ingewikkeld, omdat we ons vastklampen aan ons eigen narratief en daardoor vervreemd raken van ‘de ander’. Toch lijkt dit me het uitgelezen moment om een serieuze poging tot zo’n vredesbijeenkomst te wagen. Wie doet er mee?
Natascha van Weezel (1986) is journalist. Elke maandag schrijft ze een column voor Het Parool.