Met een verbluffend optreden in zijn eerste Klassieker liet Sean Steur vorige week de ogen van Ajax-fans twinkelen. Hoe leerde de 17-jarige stilist uit Volendam voetballen? Portret van een tweebenige perfectionist en liefhebber pur sang, die veel dankt aan de ijzersterke band met zijn familie en in het bijzonder vader Johan.
Het is precies tien jaar geleden dat Sean Steur vrijwel dagelijks, halverwege de middag, met een plunjebaal vol ballen en pionnen op zijn rug in de deuropening stond te wachten op zijn vader. Senior heeft dan net, helemaal doorweekt van de regen, na een lange werkdag zijn racefiets voor de deur geparkeerd. Dan snakt hij naar een warme douche en een dutje, maar telkens weer bezwijkt hij als zijn zoontje hem met een schuin hoofd lief aankijkt.
Samen stappen ze vijf minuten later in de auto naar amateurclub EVC in Edam. Daar zet zijn vader een parkoers uit om het kleine rechtspootje te laten dribbelen, passen en schieten. ‘Doe maar twee keer met links en één keer met rechts’, besluit zijn vader zijn uitleg steeds.
Een decennium later noemt analyticus Kees Kwakman zijn stadgenootje na de Klassieker ‘een rasechte voetballer’. „Deze jongen heeft vanaf zijn 5de, zeven dagen in de week, met zijn vader getraind. Ik heb ze dit seizoen nog een aantal keer gezien. Sean is volledig links en rechts ook.”
Klasse druipt eraf
Hij moet zijn rijbewijs nog halen, maar de klasse druipt eraf als Steur zijn eerste examens in de Champions League en eredivisie aflegt. Tegen Qarabag en Feyenoord ziet het publiek aan zijn feilloze aannames en met militaire precisie afgemeten passes waarom Steur al jaren te boek staat als één van de grootste Ajax-talenten. Hoe hielp zijn vader hem die ontwikkelen? Gek genoeg duurt het even tot Johan Steur (niet te verwarren met het clubicoon van FC Volendam) door heeft dat in zijn jongste zoon een enorm voetbaltalent schuilt. Zijn ouders hebben de handen aanvankelijk vooral vol aan broer Roy. Eerst omdat ze vier keer in de week voor privétrainingen van het tennistalent naar Hoofddorp en Beverwijk moeten rijden. En later omdat Roy, die per toeval een keer op doel is beland bij RKAV Volendam, al vrij snel wordt opgepikt door Ajax.
Dan neemt Johan hem mee naar EVC. Samen met de oudste broer Davy traint hij Roy daar bijna dagelijks. Bij de reclameborden hebben ze een vaste toeschouwer. Het is Sean, hun (tweeëiïge) tweelingbroertje. Moeder Miranda vindt Gijs een prachtige naam voor zijn broer. Vader kijkt graag naar acteur Sean Connery. Zo sluiten ze een compromis. Steur dwingt de aandacht af van zijn vader. De nauwkeurigheid in zijn passing valt op de camping in Voorthuizen voor het eerst op, als hij 5 jaar oud is. In het Franse Agde, waar ze later op zomervakantie gaan en Johan voor het eerst een parkoers uitzet voor Sean om vooral geen last van hem te hebben, raakt hij verder onder de indruk van zijn techniek en zijn rechterbeen.
Ook Sean wordt aangemeld bij RKAV. En opnieuw staat Ajax binnen een jaar op de stoep. Jan Fritz om precies te zijn. De jeugdscout spiekt vaak vanuit de sportschool op de eerste etage, als de mini’s beneden trainen. Steur steekt er voetballend bovenuit. Maar verliefd wordt Fritz ook op zijn gedrag, het chagrijn vooral als het handige ventje eens niet wint. De nadruk die zijn vader bij EVC op zijn mindere linkerbeen legt, sorteert snel effect, merken ze bij Ajax. Na een half jaar ziet Rick Verhagen, trainer van Ajax Onder 9, amper verschil. „Het lijkt wel alsof-ie met links nu beter uit de voeten kan dan met rechts”, zegt de jeugdcoach vol verbazing.
Een jaar later maken fanatieke en oplettende Ajacieden ook in de Johan Cruijff Arena kennis met het grote wapen van het toptalent. Steur is die pupil die voor het eredivisieduel Ajax – AZ voor de Richard Witschge-bokaal de bal maar liefst 2245 keer in de lucht houdt met beide voeten. En hij is nog lang niet klaar. Steur moet gedwongen stoppen, omdat de wedstrijd inmiddels op het punt van beginnen staat. Even later spreekt aanvoerder Matthijs de Ligt in de catacomben zijn bewondering uit. „Ik kwam niet verder dan 48 keer.”
Steur doorloopt de opleiding met verve. Met de jaren raken trainers meer overtuigd. En degenen die twijfelen, snoert hij de mond. Bij een zaaltoernooi in Duitsland bijvoorbeeld, als hij pas honderd tellen voor het eind en bij een achterstand van 1-0 tegen Hertha BSC mag invallen. Met twee dribbels en assists helpt hij zijn team nog een ronde verder. Zijn geduld wordt ook op de proef gesteld als hij deze zomer promoveert naar het eerste elftal. Eerst blokkeert Ajax een verhuur aan Volendam. En als hij daarna al met de hoofdmacht meetraint, speelt Steur een bijrol. Tot Ajax zich thuis blameert tegen Excelsior. Een getergde Steur pakt in Bakoe en tijdens de Klassieker zijn kans.
Kevin De Bruyne en Pedri
In Volendam verandert niet veel. Een bekende van de familie stelt dat de tv in huize Steur vrijwel altijd ‘op groen’ staat. De Ajax-speler wil eerst alles van Kevin De Bruyne zien. Tegenwoordig zapt hij, als hij zelf niet moet voetballen, naar FC Barcelona om niets te missen van de onvoorspelbare en sierlijke Pedri.
En als zijn broers of ouders eens een serie willen kijken, moeten ze om de dribbelende Sean heen kijken. De ochtend voor de Klassieker oefent hij met een klein balletje nog op zijn balgevoel voor de kerstboom. Het is zijn grootste kracht. Wat wil je ook, na al die extra sessies? Zelfs als hij zelf klaar was op De Toekomst en broer Roy nog bezig was, ging hij met zijn vader naar de achterkant van het trainingscomplex. Daar staat een Ajax-logo op de wand. Johan schoof er een muurtje voor en zette vijf ballen op een rij. De kleine Steur mikte ze op het embleem. Als hij voortijdig faalde, begon hij opnieuw. Hij moest en zou ze alle vijf raken.
Perfectionist
Het Ajax-publiek ziet de perfectionist nu in hem terug. De beloning van al zijn werk is daar. Steur kan niet zonder de bal, maar ook niet zonder zijn familie. Regelmatig springen zijn moeder en oudste broer voor hem achter het stuur.
Maar al twaalf jaar is vooral Johan zijn onvermoeibare vader en kritische mentor. Altijd houdt hij hem een spiegel voor, vooral als hij het gevoel heeft dat Sean er niet het maximale uit haalt.
Dan krijgt hij het thuis te zien in beelden. Of te horen tijdens de ontelbare gezamenlijke ritjes van Volendam naar De Toekomst en terug. Die duren 25 minuten. Tenzij hij slecht heeft gespeeld. Dan scheurt zijn vader voor zijn gevoel uit teleurstelling in tien minuten naar huis. Het heeft Steur gevormd tot een liefhebber en winnaar. In dat laatste kan en moet hij volgens trainers ook nog stappen maken. Volgens trainers moet hij meedogenlozer en brutaler worden. Daarin kan Sean – die zijn tweelingbroer Gijs als boezemvriend heeft – zich optrekken aan broer Roy, die na jaren in de jeugd van Bayer Leverkusen en PSV nu voor Volendam keept.
Twaalf jaar nadat hij alleen mocht kijken naar hem in Edam, vechten ze vaak op de zondag één-tegen-één-partijtjes uit. Daarin drijft hij Roy tot het uiterste. En vader Johan kijkt dan met een brede grijns toe.