De spreidingswet legt aan alle gemeenten in Nedertand een wettelijke taakstelling op voor het aantal opvangplaatsen dat zij realiseren voor asielzoekers. Het fundament van deze wet is onderlinge solidariteit: iedere gemeente draagt naar vermogen bij, zodat de maatschappelijke opgave eerlijk wordt verdeeld en niet op de schouders van enkele terechtkomt.
In Noord-Holland zien wij dat veel gemeenten hier voortvarend mee aan de slag zijn gegaan. Een groot aantal gemeenten heeft de eigen taakstelling al (soms zelfs meer dan) volledig ingevuld. Dat verdient grote waardering. Andere gemeenten zijn goeddeels op weg of hebben verschoonbare redenen die zorgden voor vertraging in de realisatie. Tegelijkertijd constateren wij dat er ook gemeenten zijn die nog geen of weinig concrete stappen hebben gezet.
Op dit moment zijn er in Noord-Holtand gezamenlijk nog ruim 3.500 opvangplekken nodig om de huidige provinciale opgave vanuit de spreldlngswet rond te krijgen. Wanneer een deel van de gemeenten te weinig onderneemt, legt dat een grote publieke druk op gemeenten die in dit dossier wél handelen in lijn met de wet. De beoogde evenwichtige verdeling komt hierdoor niet tot stand, en de intergemeentelijke solidariteit wordt hierdoor ondermijnd. Solidariteit werkt immers alleen als iedereen meedoet.
Een nieuwe cyclus van de spreidingswet start op 1 februari 2026. Tot het moment dat het nieuwe verdeelbesluit eind 2026 is gepubliceerd, zijn gemeenten eraan gehouden hun huidige wettelijke taakstelling alsnog te realiseren. Namens de Provinciale Regietafel Asiel Noord Holland doe ik daarom een krachtig beroep op alle achterblijvende gemeenten om de komende maanden voortgang te boeken.
ledere extra plek vermindert de landelijke nood en versterkt het vertrouwen en de samenwerking tussen gemeenten in onze provincie. Wij blijven beschikbaar om mee te denken, te bemiddelen en te faciliteren waar dat kan.
Commissaris van de Koning in Noord-Holland
Arthur van Dijk
Achterstanden taakstellingen spreidingswet in Noord-Holland

