Als eerste Nederlander ooit werd Jessica Schilder (26) dit jaar wereldkampioen kogelstoten. Aan dat succes gingen grote persoonlijke overwinningen vooraf. Ze overwon haar trauma om te vallen in de ring en leerde om te houden van haar gespierde en ijzersterke lichaam. Als Jessica Schilder op haar hotelkamer in het Chinese Xiamen haar trolley met handbagage open doet, weet ze: ik heb een probleem. Morgen moet ze in het Egret Stadion de ring in voor haar eerste Diamond League-wedstrijd van het jaar. ,,In mijn handbagage zat alleen zo’n sprinters-suit’’, zegt Schilder. ,,Echt een strak pakje, zo een die Lieke Klaver draagt. Broek en hemd aan elkaar. De kaartjes zaten er nog aan. Het was de nieuwe lijn van mijn sponsor.’’
Zo’n strakke outfit is niks voor Schilder. Doorgaans stoot ze in een kort broekje met een ruimvallend hemd. Schilder is een krachtmens maar voelt zich tegenstrijdig over haar eigen lichaam. Enerzijds trots want met dit lijf is ze in staat tot grootse prestaties. Maar Schilder voelt ook schaamte voor haar forse en gespierde lichaam.
Lees hier het hele Premium artikel op de site van het AD.
,,Ik kom liever niet op het strand en ga niet in bikini. Dat is voor het laatst jaren terug geweest. Natuurlijk wil ik dat graag, maar ik heb niet het doorsnee lijf en dat is lastig. Ik denk dat veel meiden en vrouwen daar mee zitten. Als we op trainingsstage zijn en er is een ijsbad, dan voel ik me meer op mijn plek omdat andere atleten er bij zijn. Die accepteren mijn lijf. Zij weten wie ik ben en wat ik doe. Dan kan ik in een topje dat water in. Maar dat is wat anders dan naar een zwembad of het strand gaan.’’
Dat ik mij in een wedstrijd zo vrij geef, is een hele grote stap
Maar nood breekt wet, eind april hier in China. Haar grote koffer met daarin kleding maar bijvoorbeeld ook haar eigen kogel is tijdens de reis naar China zoekgeraakt. Schilder besluit zich in het strakke roze-rode pakje te hijsen. ,,Ik had gelukkig nog wel een kort broekje mee wat ik er over heen heb gedaan.’’
De volgende dag wint Schilder met een stoot van 20.47 meter voor het eerst een wedstrijd in de prestigieuze Diamond League. Net zo belangrijk is de overwinning op zichzelf. Schilder heeft zoveel zelfvertrouwen dat ze in een bodysuit een atletiekstadion durft in te stappen. ,,Dat ik mij in een wedstrijd zo vrij geef, is een hele grote stap.’’
En het mooiste moet nog komen. ,,De andere meiden, mijn tegenstanders, waren geweldig. In de callroom had ik gezegd dat ik een probleem had. Maar iedereen zei direct: ‘Dit staat je zo goed.’ Na mijn wedstrijd kreeg ik ook berichten van Femke Bol en Lieke Klaver die hetzelfde zeiden. Al die reacties waren geweldig.’’
Vrouwelijk
Dit is de aanmoediging die Schilder nodig heeft. Vanaf dat moment is het gedaan met de wijdvallende hemden. ,,Dit is de nieuwe Jessica. Inmiddels heb ik geen gebrek aan zelfvertrouwen meer, toen nog wel. Ik heb de foto’s terug gezien en denk: ‘Jessica, dit staat je honderd keer beter dan wat je voorheen aan had.’ Ik voel me hier veel prettiger in. Er zit een ritsje aan de voorkant dat ik open of dicht kan doen. Dat vind ik vrouwelijk. Ik ben wat forser maar kan gewoon sexy zijn. Altijd wilde ik me verbergen in grotere en wijde kleding.’’
Deze overwinning op zichzelf is de opmaat voor Schilders succesjaar 2025. Als eerste Nederlander ooit wordt ze vijf maanden later wereldkampioen kogelstoten. Geen vrouw of man in Nederland deed dat eerder. Haar zege in Xiamen is de eerste van vier Diamond League-overwinningen en Schilder wint ook het eindklassement. Op het EK indoor in Apeldoorn verbetert Schilder haar eigen Nederlands record, stoot 20.69 en wordt zo Europees kampioen. Collega sporters en een vakjury roepen Schilder tijdens het NOC * NSF Sportgala uit tot sportvrouw van het jaar.
De ‘nieuwe Jessica’ is opgestaan nadat Schilder haar trauma om te vallen tijdens het kogelstoten overwint. Jarenlang wordt ze in de ring beperkt door haar eigen angst. Die valangst van Schilder voert terug naar een indoorwedstrijd in februari 2023 in Madrid. Na een stoot in de finale verliest ze haar evenwicht en valt hard op de betonnen, opstaande rand van de ring. Een blauwe elleboog, arm en heup, een blauwe bil en been.
Maar de echte pijn zit veel dieper, al heeft Schilder dat pas veel later door. ,,In Madrid viel ik uit het niets. Ik snap nog steeds niet waarom en dat ongrijpbare maakt het zo moeilijk. Die val was zo oncontroleerbaar. Omdat ik er geen grip op had, werd het traumatisch. Ik had het al een miljoen keer gedaan, datzelfde rondje gedraaid en ineens was ik heel, heel bang.’’
Huilbui voor de camera’s
Van nature is Schilder introvert. Toch breekt ze tijdens de Olympische Spelen van 2024 in Parijs op televisie. Ten overstaan van heel Nederland komt haar val-trauma aan het licht. Ze is teleurgesteld met een zesde plek, maar dat is niet de verklaring voor haar huilbui voor de camera’s.
Door de regen is de ring in Stade de France kletsnat en Schilder blokkeert. ,,Dat jaar had ik nog twee keer meer dan 20 meter gestoot maar in Parijs ging het weer niet goed. Ik was bang om uit te glijden en dan ga ik heel voorzichtig stoten. Ik kwam tot 18 meter in plaats van 20. Dan ga je kijken naar techniek, maar het is eerder een mentale kwestie.’’
De tranen en frustratie die ze jarenlang voor haar hotelkamer bewaarde, zijn nu voor iedereen te zien. „Parijs was een eyeopener. Al die tijd ben ik bang geweest om iets te breken, een hand of een been. Bang voor het einde van mijn carrière. In Parijs besefte ik dat het niet normaal is. Daar heb ik gezegd: ‘Dit doen we nooit meer.’ Ik ga niet meer met zoveel angst in mijn lijf stoten. Als ik over een paar jaar op de Spelen van Los Angeles nog een keer een kans krijg om te stoten, dan maakt het niet uit of de weergoden me gunstig gezind zijn of niet. Ik wil niet bang zijn om te vallen.’’
Wat volgt is een half jaar van therapie. Met een psycholoog en door middel van EMDR-therapie gaat Schilder terug naar de val in Madrid van 2023. ,,Dat vallen was nog niet zo erg want pijn zijn atleten wel gewend. Maar praten over de angst, dat ging in het begin niet. Wat als ik verlamd raak als ik verkeerd val? Dat betekent dat mijn hele carrière waar ik zo hard voor heb gewerkt, klaar is.’’
,,Door die therapie leerde ik er mee dealen en daarna begon de exposure therapie. Gewoon doen. De ring in en ook in gladde ringen stoten. Dan roep je het op en hoop je elke keer dat de angst minder is. Stap voor stap. Na zo’n sessie merk ik dat ik me vrijer voel. Nog altijd wel bang, maar minder dan die keer in Parijs. Zo kwam ik elke keer een stap verder.’’ Op het WK in Tokio draagt ze voor het eerste speciale regen schoenen met kleine nopjes op de zool.
De onzekerheid dat haar carrière met één val voorbij kan zijn is voor Schilder een existentiële angst. ,,Alles waar ik zo hard voor heb gewerkt is dan in één keer klaar. Ik weet wat mijn potentie is en dat wil ik gewoon waarmaken. Europees kampioen is leuk, maar ik wil meer. Wereldkampioen worden. Olympisch kampioen worden. Ik wil de barrière van 21 meter slechten. Al die dromen zouden dan in duigen vallen. Dat ik nu wereldkampioen ben, is namelijk pas één van mijn dromen.’’
Bevrijdend
Sinds de dag dat Schilder als 13-jarige in het Olympisch stadion in Amsterdam Nederlands kampioen wordt bij de jeugd, weet ze dat kogelstoten haar toekomst is. „Toen wist ik het zeker: ‘Dit wil ik.’ Wanneer ik op school zat, was ik in mijn hoofd bezig met kogelstoten. Ik kom helemaal tot rust als ik stoot. Het gevoel wanneer die kogel gaat vliegen, dat is zo bevrijdend. Dat is een gevoel dat je niet in het dagelijks leven kunt oproepen.’’ Haar hele leven staat in dienst van de vier kilo zware kogel. „Daar laat ik alles voor en ga niet naar feestjes. Dat vind ik ook totaal niet erg. Voor dit leven ben ik gemaakt.’’
Een leven dat bepaald wordt door een gedisciplineerd trainingsregime. Kogelstoten is een ultra-complexe sport waar souplesse, coördinatie, kracht en explosiviteit samenkomen. Op het topsportcentrum Papendal zijn er maar weinigen die net als Schilder 200 kilo kunnen squatten. Ze doet het nooit vaker dan één keer per week en naar zo’n poging werkt ze in een training zorgvuldig toe.
Globaal ziet een trainingsweek van Schilder er als volgt uit: drie keer per week sessies waarbij gestoot wordt met een kogel. Vier per week krachttraining, drie keer per week circuit training met oefeningen voor de conditie. Plus elke dag yoga- en stretchoefeningen, soms nog voor het slapengaan. ,,Het is niet puur en alleen kracht, ook souplesse is heel belangrijk. Dat ik vroeger als kind nog ballet heb gedaan is meegenomen. Maar een jaartje en ben ik nooit verder gekomen dan de vogeltjesdans, maar het helpt mij bij de souplesse.’’
Wie zoveel traint, moet ook veel eten. Schilder is heel de dag bezig met het innemen van voldoende eiwitten en koolhydraten. ,,Ik vind het niet altijd even leuk maar ik moet eten en heb het nodig. Anders krijg ik de gewichten niet meer omhoog.’’ Veel betekent niet altijd gevarieerd. Vooral kwark, eiwitshakes ‘en Yakultjes’, ,,We hebben een kok op Papendal. Als er op donderdag lasagne is, kijk ik daar de hele week naar uit. En ik vraag altijd om wat meer, want na een kwartier heb ik alweer honger.’’ Al die trainingen, al dat eten, het brengt Schilder weer terug bij haar krachtige maar forse lichaam. Het lot van de meeste kogelstootsters. Al verandert de sport meer en meer de laatste jaren heen.
Vroeger waren de vrouwen best wel fors. Als kind denk je niet: ‘Dat wil ik ook.’
Schilder: ,,Vroeger waren de vrouwen best wel fors. Als kind denk je niet: ‘Dat wil ik ook.’ Niet alleen meiden, ook jongens niet. Het ideaal is slank en aantrekkelijk. Maar er is nu een trend gaande dat groot en zwaar niet meer nodig is. We kunnen het ook zonder al die kilo’s. Dat laat ik zien. Het Nederland record was 18.98 en staat nu op 20.69. Dat is gebeurd met een lichaam dat geen 120 kilo is. Ik ben van de generatie kogelstoters die wel sterk is maar niet dik. Dit is een lichaam waarmee 20 of 21 meter gestoot kan worden.’’
En dat lichaam van Schilder is nog niet af. Ze is wereldkampioen, heeft haar valtrauma beteugeld en is mentaal in balans, maar Schilder wil meer. „Mijn benen zijn niet zo sterk, daar moeten meer spieren bij. Als ik ‘s ochtend voor de spiegel sta, ben ik nog niet tevreden. Het is wel het lichaam van een wereldkampioen maar het moet nog beter. Nog afgetrainder, nog sterker. Het is nog niet het lichaam dat nodig is om olympisch kampioen te worden.’’