De rol van het Algemeen Opvangcentrum Purmerend (AOP) bij de geplande woon-zorgvoorziening aan Jaagweg 15-16 roept nieuwe vragen op. Partij voor Purmerend heeft het college vragen gesteld over de betrokkenheid van AOP bij het project, de informatie waarover de organisatie beschikt en haar mogelijke deelname aan de toekomstige aanbesteding. Aanleiding is onder meer een brief van AOP aan de gemeenteraad heeft gestuurd. Daarin pleit de organisatie nadrukkelijk voor voortgang van de woon-zorgvoorziening en doet zij stellige uitspraken over onder meer de gewenste omvang, begeleiding, veiligheid en de verwachte overlast voor de omgeving. Tegelijkertijd geeft AOP aan zelf te willen deelnemen aan de aanbesteding voor zorg en begeleiding en de voorziening mede te willen ontwikkelen.
AOP al vanaf vroege fase betrokken
De betrokkenheid van AOP bij De Woonplek begon niet bij de recente brief. Al bij het opstellen van de locatiecriteria in 2021 waren zij een van de 4 betrokken lokale zorgpartijen. Zij leverden inhoudelijke input en namen deel aan het proces waarin criteria en prioriteiten voor een geschikte locatie werden bepaald. De gemeente noemt de deskundigheid van lokale zorgpartijen zelf als een van de bronnen waarop de criteria zijn gebaseerd. Tijdens dat criteriaproces schreef een van de deelnemende zorgpartijen bovendien: “De boerderij aan de Jaagweg lijkt mij eerlijk gezegd een ideale locatie voor De Woonplek.”
Dat gebeurde dus voordat het latere locatieonderzoek was afgerond en Jaagweg 15-16 formeel als voorkeurslocatie naar voren kwam. Stichting WijDeGors vindt dat relevant omdat de gemeente het proces steeds heeft gepresenteerd als een volgorde waarin eerst algemene criteria werden vastgesteld en daarna locaties aan die criteria werden getoetst. Ook AOP profileerde zich in die periode nadrukkelijk als partij die een rol kon spelen bij de ontwikkeling van De Woonplek. Inmiddels gebruikt AOP de boerderij op Jaagweg 16 voor kantoorruimte en gesprekken met bewoners van de tijdelijke woningen.
Adviseur én mogelijke opdrachtnemer
AOP roept de gemeenteraad nu op om vaart te houden met de realisatie, terwijl de organisatie tegelijkertijd aangeeft mogelijk zelf mee te dingen naar de opdracht voor zorg en begeleiding. Dat roept bij Partij voor Purmerend vragen op over de informatiepositie en het gelijke speelveld voor andere mogelijke aanbieders. Dat AOP expertise over de doelgroep inbrengt, is volgens de stichting heel logisch . De vraag is wel waar advisering eindigt en het mogelijke eigen belang van een toekomstige inschrijver begint. Partij voor Purmerend vraagt het college daarom onder meer welke informatie AOP over doelgroep, omvang, personele bezetting, veiligheid en exploitatie heeft die andere potentiële inschrijvers mogelijk niet hebben, en hoe wordt voorkomen dat AOP door de jarenlange betrokkenheid bij het project een informatievoorsprong krijgt.
AOP spreekt zelfs van een garantie voor de buurt
Stichting WijDeGors plaatst daarnaast vraagtekens bij de grote zekerheid waarmee AOP in haar brief spreekt over de gevolgen voor de omgeving. AOP schrijft veel ervaring te hebben met kwetsbare inwoners en met de beoogde doelgroep in Purmerend. Tegelijkertijd erkent AOP in dezelfde brief dat zij met de overlast van een woon-zorgvoorziening nog geen ervaring heeft en verwijst zij naar haar ervaringen met de nachtopvang. Ervaring met een nachtopvang en met de doelgroep is echter niet hetzelfde als ervaring met het exploiteren van een permanente 24-uurs woon-zorgvoorziening van deze omvang. Desondanks zegt AOP zeer stellig: “Ik snap de zorgen, maar ik garandeer dat na het eerste jaar de rust zal terugkeren.”
Evaluatie Zwolle laat zien waarom locatie ertoe doet
De ervaringen, adviezen en garanties van AOP in dit traject staan haaks tegenover het evaluatierapport van een vergelijkbare woon-zorgvoorziening in Zwolle. Uit de evaluatie van die voorziening blijkt dat betrokkenen vanuit gemeente, politie en zorg achteraf kritisch waren over de ligging. De Domus in Zwolle ligt volgens hen te dicht bij woningen en veroorzaakt daardoor meer overlast dan acceptabel is. De situatie verbeterde nadat onder meer een deel van de bewoners werd overgeplaatst naar een Domus+-voorziening op een industrieterrein elders in Zwolle.
De gemeente Purmerend bevestigt dat voorafgaand aan de locatiekeuze geen afzonderlijke risicoanalyse is uitgevoerd. Ook ligt aan de gekozen omvang geen afzonderlijk deskundigheidsrapport ten grondslag. Het heeft aangegeven lessen uit de evaluatie van Zwolle te hebben gebruikt, maar heeft het dan alleen over de huisregels, personeel en toezicht. Opvallend is hoe Purmerend met juist deze ervaring uit Zwolle is omgegaan. De gemeente geeft aan lessen uit de evaluatie te hebben gebruikt, maar verwijst daarbij vooral naar huisregels, personeelswisselingen, beheer en toezicht. In Zwolle concludeerden betrokkenen vanuit gemeente, politie en zorg echter óók dat de Domus te dicht bij woningen lag. De overlast nam pas af nadat een deel van de bewoners naar een Domus+-voorziening op een industrieterrein op een andere plek in de stad was verhuisd.
Daarom is het onverklaarbaar waarom Purmerend koos voor locatiecriteria waarbij de voorziening juist niet te ver van woningen mocht liggen en niet op een industrieterrein. Die criteria zijn mede tot stand gekomen met deskundigen van lokale zorgpartijen.
Ervaring met vergelijkbare woon-zorgvoorziening als harde eis
Stichting WijDeGors vindt daarom dat de toekomstige aanbesteding niet alleen moet vragen naar algemene ervaring met maatschappelijke opvang of kennis van de doelgroep. De zorgaanbieder krijgt straks de verantwoordelijkheid voor een permanente voorziening met ongeveer dertig bewoners met multicomplexe problematiek en 24-uursbegeleiding. Bovendien moet de toekomstige zorgaanbieder een belangrijke rol krijgen bij het veiligheids- en beheersplan. De gemeente bevestigt dat dit plan onderdeel wordt van de aanbesteding.
WijDeGors pleit er daarom voor om aantoonbare ervaring met vergelijkbare permanente woon-zorgvoorzieningen als duidelijke kwaliteitseis op te nemen. Daarbij zou onder meer gekeken moeten worden naar ervaring met 24-uursbegeleiding, psychiatrische en verslavingsproblematiek, incidentmanagement, samenwerking met politie en handhaving en het voorkomen en afhandelen van overlast in de directe omgeving. “Dit is nadrukkelijk geen pleidooi om AOP uit te sluiten. Het tegenovergestelde: dezelfde kwaliteitseisen moeten voor iedere inschrijver gelden. Wie straks verantwoordelijkheid krijgt voor bewoners én omgeving moet aantoonbaar beschikken over de ervaring die daarvoor nodig is.”
Stichting WijDeGors wacht de beantwoording van de vragen van Partij voor Purmerend door het college met belangstelling af.
