Het is een fijne dag. De thuiszorg is vriendelijk als altijd en wanneer ik vanwege het overlijden van Wieteke van Dort “Geef mij maar nasi goreng met een gebakken ei,” begin te zingen, valt ze spontaan in en zingen we het samen tijdens het aantrekken van de steunkousen. Het leven is zo gek nog niet.
Even later komen mijn zus en zwager en we lachen samen en halen oude herinneringen op en denken terug aan te tijd van onze jeugd, hoe lang dat alweer geleden is en hoe oud is iedereen geworden. Dat is toch een wonder, ook als je er niet over nadenkt.
In de loop van de middag komt een jeugdvriend die ik ook al weer zo’n zestig jaar ken en het is zo bijzonder dat hij mijn ouders en broers en zussen kent en dat we elkaar niets hoeven uit te leggen en dat hij het ook direct begrijpt en kan plaatsen, wanneer ik over het vroeger van de Schiebroeksesingel schrijf. Vroeger is voorbij en immens lang geleden. Ik nodig ook hem uit om een kijkje in de boekenkast te nemen zodat ik ook hem met de warme hand nog een paar boeken kan geven. Het is een emotioneel moment, maar eigenlijk is zijn hele aanwezigheid een ontlading van emoties. Zo mooi is het leven, dat dat allemaal niet ongemerkt aan ons voorbijgaat en we nemen afscheid met zijn woorden: Want van u is het koninkrijk, en de kracht, en de heerlijkheid en de groeten en de mazzel tot in eeuwigheid, amen. We lachen erom, terwijl we heel goed weten hoe we ook om geleden hebben, om al die zwaarte uit onze jeugd, maar dat is nu allemaal voorbij, gelukkig voorbij.
Daarna is het tijd voor iets luchtigers en ga ik met een andere vriend een stukje rijden, even over de dijk naar Marken en dan naar Uitdam en Durgerdam, om te kijken of het echt wel afgesloten is, wat inderdaad het geval blijkt te zijn. Dan gaan we maar een harinkje eten op de parkeerplaats bij Swaensborch. Een fijne dag.